PlusAchtergrond

Volgens deze oud-hoogleraar moeten we op de kleuterschool al beginnen met dna-onderwijs

Maandag 25 april is het Wereld dna-dag, het jaarlijkse moment om stil te staan bij onze genetische code. Oud-hoogleraar Johan den Dunnen vindt dat we veel dna-mogelijkheden nu nog onbenut laten. ‘We kijken nog zelden of ons dna een rol speelt bij gezondheidsproblemen.’

Manon Boot
Johan den Dunnen: ‘Wie kan er bitter proeven en wie niet? Dat wordt bepaald door één letter verschil in de dna-code.’ Beeld LUMC
Johan den Dunnen: ‘Wie kan er bitter proeven en wie niet? Dat wordt bepaald door één letter verschil in de dna-code.’Beeld LUMC

Als iemand de gigantische technologische ontwikkelingen op het gebied van dna-onderzoek in de afgelopen decennia aan den lijve heeft ondervonden, dan is het wel Johan den Dunnen. Hij was tot 2021 hoogleraar genoomtechnologie in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). “Ik vind het fascinerend dat zo’n sliertje dna bepaalt wie we zijn. Daar wilde ik meer van weten.”

Waar hij in het begin van zijn carrière met een beetje geluk vijftig dna-letters per week las, kunnen we nu de hele menselijke dna-code van een persoon, alle drie miljard letters, in een dag raadplegen. Den Dunnen pleit ervoor dat we veel meer gebruikmaken van de beschikbare techniek én de schat aan kennis die in ons dna verborgen ligt.

Geen slaaf van je dna

Toen wetenschappers twintig jaar geleden de menselijke dna-code gekraakt hadden, waren de verwachtingen hooggespannen, vooral bij buitenstaanders. “Er werden onrealistische beloftes gedaan,” zegt Den Dunnen. Wel is het gelukt de oorzaken van bijna alle erfelijke ziektes te vinden.

Maar hoewel we inmiddels veel kunnen zien in ons dna, wordt weinig daarvan in de praktijk gebracht. Zo beïnvloeden verschillende genen de werking van medicijnen en kun je daarmee een zogeheten medicijnenpaspoort maken. “Dat wordt nu nog zeer beperkt ingezet. Dat begrijp ik niet.” Nu Den Dunnen met pensioen is, wil hij zijn vrije tijd gebruiken om mensen bewuster te maken van de mogelijkheden van ons dna.

“Het is ongelooflijk wat we al hebben gevonden in het dna,” zegt hij. Zo is te zien hoeveel neanderthaler-dna iemand nog heeft, wat dan weer een kleine invloed heeft op eigenschappen als hoogtevrees en spreken voor publiek.

“Aanleg voor veel eigenschappen is terug te vinden in het dna. Alles is óók een beetje erfelijk.” Dat betekent niet dat je ernaar moet handelen. Den Dunnen: “Je bent geen slaaf van je dna.” En omgeving is natuurlijk ook belangrijk. “Als je iemand wilt leren kennen, kun je op dit moment nog beter vijf minuten met diegene praten dan een dna-test doen.”

Wereld dna-dag

In het vooraanstaande wetenschappelijk tijdschrift Nature verschijnt op 25 april 1953 het artikel van James Watson en Francis Crick waarin zij hun onderzoek beschrijven naar de structuur van het erfelijkheidsmolecuul, dna. Voor deze mijlpaal ontvingen Watson en Crick in 1962 dan ook de Nobelprijs. Vijftig jaar later, in 2003, kondigen wetenschappers van het menselijkgenoomproject aan dat ze de hele menselijke dna-code hebben ontcijferd. Sinds dat moment staan we jaarlijks stil bij de ontdekking van de dna-structuur en de ontrafeling van de gehele menselijke dna-code. Dit jaar is er extra aandacht voor testen van dna. Vanaf 25 april is daar via dnadokter.nl/test met een quiz meer over te leren.

Den Dunnen noemt genetica het meest onderschatte onderdeel van de geneeskunde, die ooit is begonnen met trial-and-error. “Je probeerde gewoon van alles tot iets aansloeg. Zo gaat het nog vaak. Je denkt te weten hoe het zit, en handelt daarnaar.” Genetica speelt altijd een beetje mee, als oorzaak of als invloed op de werking van medicijnen. Gerichter zoeken naar een oplossing voor wat er mis is, is mogelijk. “Maar we kijken nog zelden of ons dna mogelijk ook een rol speelt bij gezondheidsproblemen.”

Bitter proeven

Om die mogelijkheden beter te benutten, is het volgens Den Dunnen belangrijk dat iedereen genoeg weet over dna. “Mensen moeten weten wat er mogelijk is met dna, welke informatie het bevat en welke vooral ook niet. Het gaat om bewustzijn creëren.”

Daartoe moet het onderwijs verbeterd worden. “Begin al op de kleuterschool. Wie kan er bitter proeven en wie niet? Dat wordt bepaald door één letter verschil in de dna-code. Na de middelbare school zouden alle mensen voldoende kennis moeten hebben om te beslissen of zij hun persoonlijke dna-code willen weten.”

Onderwijs over genetica hebben velen wel gehad, maar het zegt mensen niks, vindt Den Dunnen. Het gaat niet over henzelf maar over ziektes die ze niet kennen, zoals taaislijmziekte. “In eerste instantie vinden mensen alle nieuwe dingen eng. Als je begint met enge ziektes, schrikt dat af om in je eigen dna te kijken.” Door eigenschappen te kiezen die je zelf kan ervaren, maak je het tastbaar. “Het gaat niet over dna, maar over mij. Ik kan geen bitter proeven, ik heb bloedgroep A. Hierdoor wordt de nieuwsgierigheid om het te begrijpen groter.”

“We zijn eigenlijk al te laat met de basis van dna uitleggen, we lopen achter. Maar je moet ergens beginnen. De meeste fouten worden gemaakt bij het begrijpen van de uitslag van een dna-test. Heb ik een bepaald risico wel of niet? Bij welk genetisch risico trek je de grens om actie te ondernemen? Dat is heel moeilijk uit te leggen.”

Begin gewoon ergens

Het gesprek blijven voeren is essentieel, vindt Den Dunnen. “Ik heb mijn hele carrière gewerkt aan iets waar we heel nuttige dingen mee kunnen doen. Ik vrees dat er een keer iets fout gaat, we dan in de stress schieten en de mogelijkheden tijdelijk niet meer mogen gebruiken. Laten we gewoon ergens beginnen, met goede wetgeving en met mensen die er zelf voor kiezen. En laten we de gebruiker uitleggen dat we nog niet alles kunnen zien.”

Moet de overheid mensen misschien verplichten een dna-test te doen? “Het lijkt mij onverstandig om de kennis uit je dna-code niet te gebruiken, maar we moeten vooral overtuigen en niet dwingen. Als iemand niet wil: prima.” Hij zegt verder dat vooral het niet-weten tot angst leidt. “Blijf vragen stellen. Eet jij weleens dna, bijvoorbeeld?”

Johan den Dunnen

Johan den Dunnen was van 2009 tot 2021 hoogleraar genoomtechnologie in Leiden. Hij begon zijn carrière met onderzoek naar genetische oorzaken van de spierziekte Duchenne, en ontwikkelde met zijn onderzoeksgroep Exon Skipping als mogelijke therapie. Den Dunnen was tevens nauw betrokken bij het opzetten van een Leidse faciliteit met toegang tot de nieuwste dna- en RNA-technologieën. Bij zijn afscheid in 2021 is hij benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Om dna op een toegankelijke manier uit te kunnen leggen, richtte hij in 2011 de stichting LeveDNA! op.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden