PlusAchtergrond

Verdeeldheid speelt Trump in de kaart

Opnieuw een dode tijdens protesten: twee maanden voor de presidentsverkiezingen is het in de VS zelfs voor Amerikaanse begrippen buitengewoon grimmig. 

Trump-aanhangers rijden in een grote karavaan door Portland.Beeld AP

Zaterdagmiddag reden zo’n zeshonderd trucks, vrachtwagens en andere zware voertuigen Portland in Oregon binnen. Op bumpers, vracht­wagens en vlaggen waren campagne-­uitingen te zien van de Amerikaanse president Donald Trump. In het centrum wachtten aanhangers van de Black Lives Matter- en antifascisten­bewegingen hen op en kwam het tot opstootjes. Niet lang nadat de politie erin was geslaagd de Trumpkaravaan de stad uit te geleiden, klonken geweerschoten.

Op straat werd de zwaargewonde Aaron Danielson aangetroffen, die gekleed in legertenue naar Portland was gekomen. Op zijn broek een badge met propolitieleus Blue Lives Matter, op zijn pet het logo van de uiterst rechts-christelijke groepering Patriot Prayer. De voorman van die club bevestigde later het overlijden van Danielson.

Hoewel de politie van Portland nog niet met zoveel woorden het verband tussen diens dood en de protesten wilde leggen, is Danielson de derde persoon in een week die overlijdt tijdens rellen. Vorige week schoot Kyle Rittenhouse (17) in Kenosha, Wisconsin, twee mensen dood die demonstreerden naar aanleiding van nieuw politiegeweld. Jacob Blake werd door een agent zeven keer in zijn rug geschoten en raakte zwaar gewond. In mei kwam George Floyd uit Minneapolis om tijdens zijn arrestatie. De zwarte man kreeg minutenlang een knie van een agent in zijn nek geduwd en stierf door verstikking.

Dagelijkse realiteit

Rittenhouse is inmiddels aangeklaagd voor moord, hoewel hij volgens zijn advocaat slechts was opgestaan ‘om zijn gemeenschap en zijn land te beschermen’. Dat pleidooi echoot de lijn die de president en zijn campagneteam volgen met betrekking tot de protesten die zijn ontstaan na de dood van Floyd.

Tijdens de partijconventie van de Republikeinen, vorige week, hield de ene na de andere spreker kiezers dezelfde boodschap voor: als de Democraat Joe Biden straks president van de

VS is, worden rellen zoals u ze nu in Portland en Kenosha ziet dagelijkse realiteit. Waar de partij voor het gemak aan voorbijgaat: dat zijn ze al.

Open brief

In Portland gaat het al maanden hard tegen hard en het in meerderheid witte Kenosha ontwikkelt zich tot een nieuwe brandhaard. President Trump heeft aangekondigd de stad morgen te bezoeken, hoezeer gouverneur Tony Evers van Wisconsin hem ook verzocht dat niet te doen. ‘Ik vrees dat uw aanwezigheid onze pogingen tot verzoening geen goed zal doen’, schreef de Democraat in een open brief. ‘Ik vraag u met klem uw bezoek te heroverwegen.’

Dat is koren op de molen van de president, die er zijn stelling mee kan onderbouwen dat Democratische burgemeesters en bestuurders slapjanussen zijn. Als het aan hem lag, stuurde hij de Nationale Garde en zou in geen enkele stad nog worden gereld.

Burgemeester Ted Wheeler van Portland sloeg dat aanbod vrijdag opnieuw af en wederom ging het in zijn stad mis. Voor Trumps campagneteam biedt het zoveelste gewelddadige weekend gratis beeldmateriaal voor nieuwe, onheilspellende spotjes. Vertrekkend topadviseur Kellyanne Conway draaide daar in tv-programma Fox and Friends vorige week niet eens omheen: “Hoe meer anarchie, vandalisme en geweld vrij spel hebben, des te helderder de keuze voor een president die staat voor law-and-order.” 

Verschil krimpt

In aanloop naar de ver­kiezingen van 3 november heeft Democratisch uitdager Joe Biden in de peilingen nog altijd een voorsprong op Donald Trump, maar die slinkt wel.

Denktank Real­ClearPolitics, die tientallen peilingen verzamelt en daar een nationaal gemiddelde uit destilleert, geeft de voormalige vice­president een voorsprong van 7,1 procentpunt. Ter vergelijking: vorige maand was het gat tussen hem en Trump nog 9,3 procentpunt.

In zogeheten battleground states – waar het geen uit­gemaakte zaak is welke partij de overhand heeft – is het verschil erg klein. Van 0,3 procentpunt in het voordeel van Trump in North Carolina, tot 5,3 procentpunt in Minnesota. Omdat deze staten vaak van politieke kleur veranderen, hebben ze een sleutelpositie bij verkiezingsuitslagen.

Pennsylvania, Wisconsin en Michigan bijvoorbeeld, gingen in 2012 nog naar Barack Obama, maar stemden vier jaar geleden in meerderheid voor Donald Trump.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden