PlusAchtergrond

Tapijt van dor gras: ideaal voor brand

De enorme schade door natuurbranden in Australië is ook in Europa, een van de bosrijkste gebieden ter wereld, niet ondenkbaar. Lichtpuntje: wat teruggroeit op de kale heuvels is beter bestand tegen hitte en droogte.

Vandaag de dag is ongeveer 40 procent van het Europese continent door bomen bedekt.Beeld AFP

Iedereen geeft de laatste tijd hoog op van zijn liefde voor bomen. Het Wereld Economisch Forum in Davos wil er zelfs een biljoen (1000 miljard) planten, een belangrijke stap in het wereldwijde offensief tegen klimaatverandering.

Nu zijn bomen inderdaad – vooral als ze in bossen dicht opeen staan – van vitaal belang voor het opnemen van koolstofdioxide die leidt tot opwarming van de aarde. Ze zijn echter ook uiterst kwetsbaar in dit tijdperk van sterke ­klimaatontwrichting.

In een warmer, droger, ontvlambaarder klimaat, zoals hier in de regio rond de Middellandse Zee, kunnen bossen van uitdroging sterven. Of ze kunnen bijna van het ene moment op het andere in vlammen opgaan, waarbij al het CO2 dat ze in hun stammen en takken hebben op­geslagen in de atmosfeer belandt.

Vandaar de steeds prangender vraag: hoe kunnen we het best omgaan met bossen in een wereld die door de mensen zo ingrijpend is gewijzigd? “We moeten snel besluiten nemen over de toekomst van de bossen in tijden van klimaatverandering,” vat Kirsten Thonicke de uitdaging samen. Ze is ‘vuurecoloog’ aan het Potsdam Institute for Climate Impact Research en geldt in Europa als een gezaghebbend expert.

Vandaag de dag is ongeveer 40 procent van het Europese continent door bomen bedekt. Daarmee is het een van de bosrijkste gebieden ter ­wereld. Het is ook uiterst vatbaar voor natuurbranden. In 2019 droegen intense hitte en droogte bij aan de verspreiding van bosbranden over zo’n 2000 vierkante kilometer op het continent.

Marc Castellnou, een 47-jarige analist bij de Catalaanse brandweer, zat op de eerste rij om te zien hoe die verandering zich voltrok in de warme, droge heuvels van Catalonië. Zijn familie heeft hier gedurende vele generaties geleefd in een middeleeuws dorp aan de Ebro.

Tot in Zweden

Zijn familie van moederskant verbouwde er amandelen. De terrassen die ze ooit uithakten in deze harde rotsen zijn er nog, met de steenoven van de oude boerenhoeve en een rij jeneverbomen. Die golden als een teken voor mensen uit de kust dat ze hier vis tegen brood konden ruilen.

Naar de amandelboomgaard kijkt al heel lang niemand meer om. De grond is er overwoekerd door kreupelhout met hier en daar kleine eiken en witte pijnbomen. Waar ooit geiten graasden, ligt nu een tapijt van dor gras, een perfect landschap voor een brand.

Het lot van de boerderij van zijn voorouders is als dat van zulke bedrijven overal in Europa. Daarbij veranderde het platteland de afgelopen halve eeuw ingrijpend. Boeren keerden het land de rug toe en kozen voor minder afmattende en winstgevender activiteiten. Onderwijl keerden de bossen terug.

Nu steekt Castellnou sommige van die bossen zelf in brand. Zo kunnen de vlammen van het gras en het lage kreupelhout bij een natuurbrand niet meer zo gemakkelijk omhoogschieten, richting de kruinen van de jonge, kwetsbare pijnbomen. Het laatste wat hij wil is dat zijn twee jongere kinderen een stuk heuvelland erven dat is bezaaid met dor, snel ontvlambaar kreupelhout.

“Alles is anders geworden door klimaatverandering,” aldus Castellnou. “We moeten zien hoe we het landschap daartegen vaccineren.”

Zo ver noordelijk als Zweden kampte Europa vorig jaar met bosbranden. In Duitsland gingen grote stukken bos ten onder aan droogte en insectenplagen, en nu woedt daar een debat over welke boomsoorten moeten worden terug­geplant. De Europese Unie omschreef bosbranden als een ‘ernstige en toenemende bedreiging’.

Ontploffende zaaddozen

Eeuwenlang zijn de bossen in Europa door mensenhand gevormd en steeds weer veranderd. Bomen werden gekapt voor hout of brandstof, of daar geplant waar boeren als Castellnous voorouders er het meeste profijt van hadden.

Zij kozen een steile helling voor hun amandelbomen. De grootouders van zijn vrouw, Rut ­Domènech (39), verbouwden hazelnoten. Bijna iedereen had olijf- of wijngaarden, op elk stukje heuvel werd wel iets verbouwd.

Tegen de tweede helft van de twintigste eeuw keerden Catalanen de steilste, moeilijkst te bewerken stukken land de rug toe. Liever trokken ze naar de dalen, waar machines en kunstmest het werk lichter en winstgevender maakten.

Castellnous vader stopte helemaal met het werk in amandelboomgaarden. Hij werkte aan de aanleg van een nieuwe snelweg, en later aan de bouw van een kerncentrale in de regio. Uiteindelijk belandde hij in een werkplaats voor houten fotolijsten.

Dankzij de kerncentrale steeg de welvaart in de omgeving. Rut Domènechs vader ging aan de slag als bouwvakker, haar moeder begon een winkel. Het boerenbestaan raakte uit de gratie. Herders verkochten hun kuddes. Tussen 1950 en 2010 nam overal in Europa de oppervlakte aan bosgrond en grasland toe met ongeveer 240.000 vierkante kilometer.

Boeren in de Catalaanse wijnstreek Montsant beginnen nu vroeger in het seizoen met de druivenpluk: door de hitte worden de druiven te vroeg zoet, met als gevolg een te hoog alcoholgehalte. Op een uitzonderlijk hete zomerdag vloog hier een stapel mest op een pluimveehouderij in brand, zoals wel vaker gebeurt met dierlijke uitwerpselen. Maar ditmaal was de wind zo fel dat sintels tot maar liefst 21 kilometer verderop branden veroorzaakten.

Castellnou benadrukt dat branden de manier zijn waarmee de natuur het landschap van de toekomst aanlegt. Wat ooit weer zal groeien op deze kale heuvels, zal minder homogeen zijn, en beter bestand tegen een nieuw klimaat. Soms, vindt hij, moet je branden gewoon laten uit­razen. Zo planten witte pijnbomen zich alleen voort tijdens branden, als hun zaaddozen in de hitte ontploffen.

Castellnou: “In plaats van het vuur steeds te bestrijden, moet je er soms ook vrede mee sluiten.”

© The New York Times
Vertaling René ter Steege

Beeld Europese Commissie © LVDB/Het Parool
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden