Shell moet schadevergoeding betalen aan Nigeriaanse boeren

De Nigeriaanse tak van Shell moet enkele boeren uit het Afrikaanse land een schadevergoeding betalen. Het bedrijf is aansprakelijk voor twee olielekkages.

null Beeld ANP
Beeld ANP

De hoogte van het bedrag moet later worden bepaald, oordeelde het gerechtshof in Den Haag vrijdag.

In 2004 ontstond een olielek bij het dorp Goi in Nigeria. Daarbij kwam ongeveer 24.000 liter ruwe olie vrij en raakte een gebied van meer dan vijftig voetbalvelden besmeurd. Het tweede lek was in juni 2005 bij het dorp Oruma. Toen stroomde ongeveer 64.000 liter olie over een gebied van ongeveer tien voetbalvelden.

Volgens Shell zijn de beide lekkages het gevolg van sabotage. In dat geval is Shell onder Nigeriaans recht niet aansprakelijk voor de gevolgen. Deskundigen zeiden tegen het hof dat sabotage weliswaar de meest waarschijnlijke oorzaak is, maar dat dit niet onomstotelijk is bewezen. Daarom stelt het hof Shell Nigeria aansprakelijk.

Vervolg van zaak

Over een derde claim deed het hof geen uitspraak. Die zaak gaat over lekkages uit 2006 en 2007, waarbij 100.000 liter olie vrijkwam in de buurt van het dorp Ikot Ada Udo. Die lekken ontstonden door sabotage, maar het hof wil nog weten hoe groot de schade is en of Shell genoeg heeft gedaan om de vervuiling op te ruimen. Die zaak gaat in april verder.

In eerste aanleg, in 2013, kreeg een van de boeren gelijk van de rechtbank. De eisen van de anderen werden afgewezen. Beide kampen tekenden beroep aan.

De Nigeriaanse boeren werden in hun zaak bijgestaan door Milieudefensie. Ze hadden niet alleen Shell Nigeria aansprakelijk gesteld, maar ook het Brits-Nederlandse moederbedrijf. Ook dat is deels aansprakelijk, bepaalt het hof. Shell had een lekdetectiesysteem in de pijplijn bij Oruma moeten inbouwen. Als zo’n melder er was geweest, was het lek eerder ontdekt en gestopt. Door dat systeem niet te gebruiken, heeft Shell zijn zorgplicht geschonden. Shell moet nu alsnog zorgen dat er binnen een jaar zo’n melder komt.

Nigeriaanse eiser: bitterzoet dat mijn vader dit niet meemaakt
Dat Shell een schadevergoeding moet betalen aan Nigeriaanse boeren voor olievervuiling betekent gerechtigheid, vindt een van de eisers. “Maar de overwinning is bitterzoet. Twee klagers, onder wie mijn vader, leven niet meer om deze uitspraak mee te maken. Maar deze beslissing geeft hoop voor de toekomst van de mensen in de Nigerdelta,” zegt Eric Dooh in een verklaring die door Milieudefensie is verspreid.

Eric Dooh komt uit het dorp Goi, dat in de olierijke delta van de rivier de Niger ligt. In 2004 kwam 24.000 liter ruwe olie vrij uit een leiding van Shell Nigeria. Een gebied ter grootte van meer dan vijftig voetbalvelden raakte besmeurd. Doohs vader, een boer en visser, sleepten Shell voor de rechter. In 2012 overleed hij.

Zoon Eric zette de zaak voort, met steun van Milieudefensie. Zijn schadeclaim werd in 2013 afgewezen door de rechtbank in Den Haag. Shell zei dat het lek door sabotage kwam en dat het daarom niet aansprakelijk is, en de rechters gingen daarin mee. Het gerechtshof draaide dat vrijdag terug: sabotage is waarschijnlijk, maar niet bewezen, en dus is Shell wel aansprakelijk voor de schade.

Milieudefensie noemt de uitspraak fantastisch voor de Nigeriaanse boeren. “Het is enorme winst dat Shell de schade moet vergoeden. Dit is ook een waarschuwing voor alle Nederlandse multinationals die betrokken zijn bij onrecht wereldwijd. Slachtoffers van milieuvervuiling, landroof of uitbuiting hebben door deze uitspraak meer kans om een juridische strijd te winnen tegen betrokken bedrijven. Mensen in ontwikkelingslanden zijn niet meer rechteloos ten opzichte van multinationals,” verklaarde directeur Donald Pols.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden