PlusReportage

Reddingswerkers in Izmir op zoek naar overlevenden: ‘Klop als je dit hoort’

null Beeld AFP
Beeld AFP

Er liggen in de Turkse stad Izmir nog vele mensen onder het puin na de zeebeving van vrijdag. Reddingsteams zoeken dag en nacht naar overlevenden. ‘We moeten allemaal meewerken.’

Het is chaotisch in de straten van Bayrakli, een van de hardst getroffen wijken. Door de zeebeving van vrijdagmiddag stortten hier vijf flatgebouwen volledig in. Een dag later rijden ambulances en andere hulpdiensten af en aan. De politie zet toegangswegen af, een aantal panden staat nog steeds op instorten.

De rampplek is afgezet met linten, omwonenden kijken gespannen toe. Een berg brokstukken waar een tien verdiepingen hoge woontoren stond. De bovenste drie verdiepingen zijn nog zichtbaar, de rest is verdwenen. Als een kaartenhuis ineengestort. De drie flats ernaast staan nog overeind.

Bijna 48 uur na de ramp stijgt het aantal slachtoffers nog steeds. Het officiële dodental staat op 79. Honderden mensen liggen in het ziekenhuis. Soms boeken de reddingswerkers succes. Afgelopen nacht werden zo een 70-jarige man en twee meisjes, van 3 en 16 jaar, levend onder het puin vandaan gehaald. Volgens de Turkse staatsomroep Anadolu zijn er sinds de beving vrijdagmiddag 105 mensen gered.

Er wordt geschreeuwd: ‘Stilte!’ Iedereen stopt met praten. Hulpdiensten hebben iets gehoord vanonder het puin. Een stem misschien, van iemand die nog leeft. Soms kloppen de reddingswerkers op het beton en roepen ze ‘Klop als je dit hoort.’ Coskun, een man van middelbare leeftijd, staat achter het afzetlint. “We moeten allemaal meewerken,” fluistert hij. “We moeten stil zijn zodat ze alle geluiden kunnen horen. Ik betwijfel dat er nog iemand in leven is, maar je weet het nooit.”

Moeder en drie kinderen

Coskun was aan het werk, als ober in het restaurant in het gebouw tegenover de flat, toen alles begon te schudden. Hij rende naar buiten en kon zich nog net vasthouden aan een boom. Terwijl hij zichzelf uit alle macht overeind probeerde te houden, zag hij een paar meter verderop een heel flatgebouw bewegen. “Eerst hoorde ik veel lawaai, krakende geluiden. Toen stortte het in, verdieping voor verdieping. Er was een enorme stofwolk. Ik kon niks meer zien, ik hoorde alleen geschreeuw van mensen daarbinnen.’'

Minutenlang bleef Coskun met zijn hoofd naar beneden op de grond liggen, bang dat er een gebouw op hem zou vallen. Pas toen hij andere mensen zag rennen, durfde hij op te staan. Toen het stof rond de ingestorte flat was opgetrokken werd de ravage zichtbaar. “k kon alleen maar denken: die mensen zijn allemaal dood. We renden ernaartoe. Veel mensen wilden gaan zoeken, de brandweer kwam er al aan, maar we konden niets doen.”

In een andere straat wordt de hele middag gezocht naar een vrouw en haar vier kinderen in een ingestorte flat van acht verdiepingen. Een reddingsteam hoorde zaterdagochtend stemmen in de berg puin. Het duurde zeven uur om erbij te komen. De moeder en drie van haar kinderen werden onder luid applaus van omstanders levend naar buiten gehaald. Een van de kinderen overleed later in het ziekenhuis.

Er klinken continu sirenes in de wijk. Reddingswerkers rennen heen en weer. Honden worden ingezet om naar mensen te zoeken. Een jongeman, die zich voorstelt als Kenan, kijkt ernaar. Hij volgt de reddingsoperatie al een paar uur.

“Ze zoeken naar een meisje, 10 jaar oud. Haar naam is Elif. Ze hoorden haar stem en proberen haar nu onder het puin vandaan te krijgen.”

Naschokken

Kenan heeft verband om zijn rechterhand, hij liep een lichte verwonding op tijdens het helpen met verplaatsen van puin vlak na de aardbeving. “Mijn flat staat hierachter, gelukkig hebben wij het overleefd. Ik zag hoe dit gebouw in elkaar zakte. Ik ben meteen gaan helpen, tot de reddingsteams kwamen. Het was verschrikkelijk. Ik ken mensen die zijn omgekomen.”

22 uur na de aardbeving wordt Elif gevonden. Het meisje lag onder de resten beton van de flat. Turkse media melden dat ze het niet heeft overleefd.

Naast zorgen over vermiste vrienden en familieleden overheerst angst in de derde stad van Turkije. Er zijn nog veel naschokken, en het risico op een tweede grote beving is altijd aanwezig. Mensen van wie de huizen nog overeind staan, durven niet terug. Een paar duizend mensen zijn dakloos. De gemeente heeft voor hen grote witte tenten neergezet, er staan ook veel kleine koepeltentjes in parkjes en langs de weg.

Coskun staat nog steeds naar de ravage te kijken. Hij is in shock, en kan nergens naartoe. Het gebouw waar hij zelf in woont, is ook beschadigd, en voordat het volledig is geïnspecteerd, kan hij niet terug. Hij sliep de eerste twee nachten in een tentje. Hij is bang voor de toekomst. “Er zijn zo veel gebouwen beschadigd. Nog één beving, en ook die vallen neer.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden