PlusAchtergrond

Pandemie of niet, de wildmarkten in Indonesië blijven open

Op de Tomohon Extreme Market zijn alle mogelijke dieren uit de wildernis van Sulawesi, dood en levend, te koop.Beeld AFP

De wildmarkten van Indonesië zijn ‘als een snackbar voor ziektes die van dieren op mensen kunnen worden overgebracht’. Door lokaal verzet blijven ze gewoon open, pandemie of niet. 

Zes dagen per week hakken slagers op de ­beruchtste markt van Indonesië dieren uit de wildernis van Sulawesi in stukken: vleer­muizen, ratten, slangen en hagedissen. Soms moeten ook honden eraan geloven, die vaak uit de ­straten van de stad Tomohon zijn geroofd. Ze ­worden doodgeknuppeld en hun vacht wordt verwijderd met snijbranders.

Al jaren dringen dieren- en natuurbeschermers aan op sluiting van de Tomohon Extreme Market, een snoevende naam die de beheerders hebben bedacht. Met de coronapandemie klinken die oproepen nu luider dan ooit.

“Deze markt is als een snackbar voor ziektes die door dieren op mensen kunnen worden overgebracht,” zegt Wiku Adisasmito. Hij is de belangrijkste expert van de federale Indone­sische werkgroep die strijdt tegen Covid-19. De regering dient volgens hem deze en andere wildmarkten meteen te sluiten. “Het eten van wilde dieren is als spelen met vuur.”

Beeld AFP

De eerste besmettingshaard van het corona­virus was een markt in de Chinese stad Wuhan, waar levende dieren dicht op elkaar in hokken te koop werden aangeboden. Daarmee kreeg het virus de kans over te springen op mensen. Het Sarsvirus, waaraan wereldwijd 800 mensen stierven, ontstond waarschijnlijk bij vleer­muizen, waarna het oversprong naar civetkatten op een dierenmarkt in China en uiteindelijk in 2002 ook mensen ging besmetten.

China gaf na de uitbraak in Wuhan in december opdracht tot sluiting van alle wildmarkten. Daarmee is de markt in Tomohon nu een van de grootste in Azië waar wilde dieren als voedsel worden verkocht.

De meeste dieren worden geslacht voordat ze op de markt belanden, maar vooral honden worden levend in kooien aangevoerd en ter plaatse gedood voor klanten die vinden dat vlees van net geslachte dieren beter smaakt.

“Het is als een tijdbom,” zegt Billy Gustafianto Lolowang, de beheerder van het Tasikoki Wildlife Rescue Centre in de nabije stad Bitung. “Het is slechts een kwestie van tijd voordat ook wij, zoals Wuhan, het epicentrum worden van een pandemie.”

Koploper in Oost-Azië

Veel streekbewoners zijn overtuigd van de ­geneeskrachtige kwaliteiten van dieren als vleermuizen, die mensen zouden genezen van astma. In het noorden van Sulawesi, waar ­Tomohon ligt en waar voornamelijk christenen wonen, wordt bush meat zoveel gegeten, dat vlees van slangen en vleermuizen er vaak in ­supermarkten te koop is.

“Voordat het virus zich begon te verspreiden, werden vleermuizen hier het meest verkocht, daarna ratten en pythons,” zegt de 40-jarige Roy Nangka, die al sinds 1999 als slager op de markt in Tomohon werkt. “Nu kopen de mensen vooral varkensvlees en vlees van wilde zwijnen.”

Beeld AFP

Indonesië, met ruim 260 miljoen inwoners, talmde om de ernst van de coronapandemie in te zien en ernaar te handelen. Op het gebied van testen loopt het ver achter bij andere landen. Pas in een laat stadium ging het over tot de instelling van reisbeperkingen en het aansporen van mensen om afstand van elkaar te houden. Het virus had zich dan ook snel over alle provincies van de archipel verspreid.

Begin deze week meldde Indonesië 18.010 coronagevallen en 1191 doden, de hoogste aantallen in Oost-Azië, na China. Hoogstwaarschijnlijk liggen de werkelijke aantallen nog veel hoger, vooral gezien het gebrekkige niveau van testen.

Culinaire traditie

Vorige week drong een coalitie onder de naam ‘Indonesië Vrij van Hondenvlees’ bij president Joko Widodo aan op onmiddellijke sluiting van de wildmarkten om meer Wuhans te voor­komen. ‘Het schokt ons als we zien dat op markten wilde dieren en huisdieren worden verkocht voor voedsel,’ stond in de brandbrief van de dierenbeschermers. ‘Als niet snel wordt opgetreden, is het niet de vraag óf we te maken krijgen met nog zo’n pandemie, maar wanneer.’

Plaatselijke besturen zijn volgens Indra Exploitasia van het Indonesische ministerie van Milieu verantwoordelijk voor sluiting van de wildmarkten, niet de centrale regering in Jakarta. Ze verzekert dat haar ministerie overal in het land aandringt op sluiting, zeker nu onderzoek aantoont dat vleermuizen, ratten en slangen ‘een rol spelen als reservoir’ voor ziektes die op mensen kunnen overslaan, zegt ze. Experts van haar ministerie hebben zeven grote markten op Java, Sumatra, Bali en Sulawesi op het oog waar wilde dieren worden verkocht om op te eten. Volgens activisten vinden die praktijken echter plaats op veel meer, vaak kleinere, markten.

Daar is ook een even levendige als illegale handel aan de gang in vogels die in het wild worden gevangen, als gevolg waarvan Indonesische bossen en wouden per jaar naar schatting 20 miljoen zangvogels kwijtraken.

Beeld AFP

In de Javaanse stad Solo gaf het plaatselijke bestuur de populaire Depot Market in maart opdracht bijna 200 vleermuizen te doden uit vrees dat het coronavirus zich zou verspreiden. Ze werden eerst verdoofd en vervolgens levend verbrand, aldus stadsbestuurders en de leider van het plaatselijk Covid-19-bestrijdingsteam. De markt bleef open, maar er zijn geen vleermuizen meer te koop.

In Tomohon en andere plaatsen willen bestuurders echter niets weten van het sluiten van zulke markten, met het argument dat die nu eenmaal horen bij de culinaire tradities en veel mensen er bovendien van leven. Hier hangt de kwaliteit van een maaltijd af van het aantal dieren dat erin wordt verwerkt en bewoners zetten gasten liefst een zo gevarieerd mogelijke maaltijd voor. Vlees van wilde dieren is vaak net zo duur of zelfs duurder dan vlees van dieren van een boerderij.

De Tomohon Extreme Market maakt deel uit van een veel grotere markt, waar van alles en nog wat te koop is. Het stadsbestuur heeft half maart de openingstijden met meer dan de helft bekort om contact tussen bezoekers te beperken. Ongeveer 120 slagers werken in het gedeelte waar dieren worden verkocht. In de tropische hitte is het een gehak van jewelste in pythons van soms wel 6 meter lang, varanen, mozaïek­staartratten, wilde zwijnen en rijstveldkikkers.

Dierendiefstal niet ernstig

In een onderzoek van een ngo gaf 90 procent van de honden- en kattenbezitters op Sulawesi aan dat hun huisdier was gestolen. De gedupeerden vermoeden dat de dieren op de markt belanden, maar de politie komt zelden in actie. Diefstal van dieren geldt hier nu eenmaal niet als een ernstige misdaad, zegt bestuurslid Frank Delano Manus.

Hij en andere activisten hebben geconstateerd dat op markten in Tomohon en elders in het noorden van Sulawesi soms ook vlees te koop is van beschermde diersoorten, zoals de kleine Celebeskoeskoes, dwergbuffels, kuifmakaken en hertzwijnen.

Manus helpt bij de dierenopvang in Bitung. Hij hoopt dat de coronapandemie mensen attendeert op het gevaar van het eten van vlees dat afkomstig is van markten als in Tomohon. Maar hij verwacht niet dat bewoners van deze regio gemakkelijk afstand doen van hun tradities: “De meesten eten nu eenmaal vlees van die dieren en zouden woedend zijn als zulke markten moeten sluiten.”

Beeld MAPS4NEWS JG/ HET PAROOL

© The New York Times. Vertaling: René ter Steege.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden