PlusReportage

Op bezoek in het Republikeinse bolwerk Hope: ‘Iedereen denkt dat wij domme rednecks zijn’

De trailer van Tom Donovan.Beeld Sergio Avellaneda

Hoog in het noorden van de staat New York, op drie uur rijden van New York City, ligt het Republikeinse bolwerk Hope, waar de diner het ontmoetingspunt is. De schaarse Democraten in het dorp spreken er niet over politiek.

Als Tom Donovan een kop mosselsoep gaat eten in het witte gebouwtje waar al ­decennia een eetcafé huist, zwijgt hij zodra de politiek ter sprake komt. Donovan is een zeldzaamheid hier in de Diner in Hope, een dorp in het noorden van de staat New York. Hij is van plan op Joe Biden te stemmen. Dat kun je maar beter voor je houden als je op een van de met bruin leer ­beklede krukken aan de vergeelde grijze formicabar zit. “Degenen onder ons die geen Republikein zijn, houden hun mond maar,” zegt Donovan. “Het is het niet waard, ik vind deze mensen veel te aardig.”

Donovan bewoont in de warme maanden van het jaar in Hope een tachtig jaar oude trailer met buitentoilet. Aan het dak hangt een voederbakje voor bezoekende kolibries. ‘Kamp Armzalig’, noemt zijn dochter het, maar hij vist en leest er graag in stilte. Dit is de dunst bevolkte regio in de oostelijke helft van de VS. Behalve vierhonderd mensen wonen in Hope ook zwarte beren, lynxen, reeën en soms een enkele eland.

Vette jaren

Er is een houten gemeentehuisje, een vrijwillig brandweerkorps en een grasveld met een speeltoestel, maar je moet hier in het Adirondack-­gebergte toch vooral je eigen hachje redden. ­Gabriel Enders (28) waarschuwt, als we voor zijn huis halt houden om de gigantische Amerikaanse vlag op zijn schuur te fotograferen. Wie hier iets verdachts ziet, zoals een onbekende ­auto die stapvoets voorbijrijdt om foto’s te maken, grijpt al snel naar zijn wapen. “Dus wees voorzichtig.”

Het mooiste aan Hope is dat het geen mobiel telefoonnetwerk heeft, zegt Carene Christensen van Hope Diner. Niemand zit naar een scherm te staren als zij een cheeseburger op tafel zet. Ze runt hem al zeventien jaar. Daarvoor was het eetcafé langs Route 30 van haar ouders. Ze was 11 toen ze hier de borden stond af te wassen voor 10 cent per uur. Nu, als jonge vijftiger, bakt ze de burgers, friet en tosti’s.

Tot voor kort floreerde de diner als nooit tevoren, vertelt ze. “Elk jaar was beter, vorig jaar groeide mijn bedrijf met zo’n 20 procent. De mensen hadden geld in hun portemonnee.”

Tot eind maart, toen ze de deuren moest sluiten vanwege de pandemie die in de staat New York flink huishield. Inmiddels krabbelt de zaak wat op, maar de vette jaren zijn voorlopig voorbij, en het dorp mist zijn kloppend hart nu ze minder open is om alle coronamaatregelen behapbaar te houden.

De schuur van Gabriel Enders in Hope, het type dorp waar journalisten in 2016 kwamen vragen wat al die plattelandsmensen in de onverwachte winnaar Trump zagen.Beeld Sergio Avellaneda

In de Hope Diner kom je niet voor een verfijnde maaltijd, maar voor een praatje, of een knuffel van de serveerster – ze deelt ook in het coronatijdperk nog omhelzingen uit, nu met kapje voor de mond en neus. Nadat Donald Trump in 2016 verrassend de presidentsverkiezingen had gewonnen, togen journalisten uit de stad massaal naar dit soort dorpscafés om te achterhalen waarom zoveel Amerikanen op het platteland een prima president zagen in die provo­catieve realityster.

In Hope is hij nog even geliefd, ook nu bijna vier jaar presidentschap eindigt met onrust in het land en ruim 200.000 coronadoden. “Trump is een zakenman, hij gaat ons niet dodelijk hoog belasten,” zegt Christensen, die de omzetgroei van vóór het coronavirus nog vers in haar geheugen heeft. Heeft Trump steken laten vallen in de Amerikaanse corona-aanpak? Dat geldt ook voor de Democraten, vindt zij. “Trump, hij houdt van Amerika.” Met Biden is iets mis, concludeert ze op basis van diens wankele publieke optredens. Ze vreest ‘socialisme’, mocht hij winnen. “Alles gratis.”

Zwijgende meerderheid

We zijn in Hope als in Portland, aan de Amerikaanse westkust, voor de honderdste nacht op rij demonstranten tegen politiegeweld en relschoppers de straat op gaan. Opnieuw wordt het een hete avond. Er worden vuurwerkbommen gegooid naar agenten, volgens de politie, die vijftig mensen arresteert. Een week eerder schoot een linkse demonstrant in Portland een rechtse tegenbetoger dood. De politie doodde de schutter niet veel later bij zijn arrestatie.

“Ik ben best optimistisch,” zegt Christensen toch. “We maken er hier grappen over: wanneer is dit over? De dag na de verkiezingen.” Ze weet ook wel dat het zo simpel niet is, maar alles zal op z’n minst minder politieke lading krijgen, hoopt ze. “Er is een zwijgende meerderheid die wil wat het beste is voor ons land. In november laat die zijn stem horen.”

Ze neemt in haar zaak geen blad voor de mond, als ze iets politieks wil bespreken. Heb je het ­gehoord, heb je het gezien? Ze houdt wel van zo’n gesprek. Spanningen geeft dat niet, zegt ze, want in Hope denkt iedereen ongeveer hetzelfde. En ze kent de meeste klanten al zo lang, een beetje stangen kan best. “We zijn allemaal familie in de Hope Diner.”

Tom Donovan laat het wijselijk passeren. Hij bespreekt politiek hier alleen met familie – dan weet je tenminste zeker dat het respectvol blijft. Zijn familie heeft het stuk grond waar zijn huisje staat, al generaties in bezit. Zo’n beetje alle eigenaren van de huizen om hem heen zijn verwanten. Verderop heeft zijn neef een huis aan de rivier. Diens vrouw Jeannette heeft weinig hoop voor het land, sombert ze. Het virus baart haar zorgen – wordt het leven ooit weer normaal?

“Tommy wil dit niet horen, maar ik maak me zorgen over de Democraten.” Ze wijst met haar vingers naar haar oren - hij kan maar beter even niet luisteren. Ze kan Trump niet uitstaan en zapt weg als ze hem op tv hoort, vertelt ze, maar ze stemt wel op hem. “Ik geloof dat we richting ­socialisme gaan als Biden wint, en dat maakt me helemaal niet gelukkig. Hogere belastingen, ­genationaliseerde zorg, genationaliseerd gratis onderwijs.”

“Je weet dat je het mis hebt,” countert neef Tom vanuit zijn tuinstoel op haar terras. Met zijn jongere broer heeft hij ook zulke gesprekken. Ze zijn het erover eens, spot hij, dat de ander ‘dom is en fout zit’. Donovan, gepensioneerd maatschappelijk werker die werkte met criminelen met psychische problemen, hoopt op een socialer Amerika. Met Europa en Nieuw-Zeeland, waar een sterker sociaal stelsel bestaat, gaat het immers prima. Dat is in Hope geen populair standpunt. “Socialist, dat stellen mensen hier vaak gelijk aan communist. Ik zie mezelf als sociaal-democraat.”

Links stel

Sinds kort woont er nog een links stel in Hope. Ze zijn onlangs permanent in hun zomerhuis getrokken om te ontkomen aan coronahotspot New York City, hier 3,5 uur rijden vandaan. Zij houden zich niet aan de zwijgcode van de zeldzame Democraten in het dorp – aan hun gevel hangt prominent de enige Black Lives Mattervlag van Hope. Buurman Enders, luchtmachtpiloot en vader van twee dochters, ziet hun activisme wat meewarig aan. Hij is de zoon van een agent en vindt vooral de agressie die hij zag rond protesten tegen politiegeweld ‘verachtelijk’.

Dat het gebeurt in steden, waar Democraten meestal de macht hebben, maakt dat geen haar op zijn hoofd eraan denkt om op een Democraat te stemmen. Hij ziet ‘een partij die toestaat dat haar steden platgebrand worden’. Enders: “Ik woon hier midden in de wildernis en ik weet dat iedereen in de wereld denkt dat we gekke rednecks zijn, dat we niets van politiek begrijpen, dat we er niets van zouden moeten begrijpen. Maar kijk naar de feiten. Natuurlijk, de president moet soms op zijn woorden letten. Maar hij is een zakenman die onze economie meer heeft doen groeien dan ooit.”

Project Hope

Correspondent Karlijn van Houwelingen bezocht Amerikaanse dorpen en steden met de goedgemutste naam Hope om te polsen hoe het gesteld is met het humeur van de Amerikanen in aanloop naar de presidentsverkiezingen in november. Wat doet het hen, dat uiterst verdelende politieke klimaat, de coronapandemie die maar niet onder controle wordt gebracht, de beelden van brandende winkels, plunderingen en protesten? Hebben de Amerikanen nog hoop voor de toekomst van de VS? Dit is de tweede halte van de serie Project Hope.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden