PlusWereldstad

Ook Dublins stroomnet piept en kraakt, dus gaat er een streep door nieuwe datacenters. Of niet?

Net als in Amsterdam staat het stroomnet in Dublin onder druk. Dus nam de Ierse netbeheerder een rigoureus besluit: er kwam een ‘de facto moratorium’ op nieuwe datacenters. Maar wat betekent dat precies? En waarom weten techbedrijven juist Dublin te vinden?

Sam de Graaff
Dublin telt, net als Amsterdam, bijzonder veel datacenters. En het worden er steeds meer. Beeld Artur Widak/NurPhoto via Getty Images
Dublin telt, net als Amsterdam, bijzonder veel datacenters. En het worden er steeds meer.Beeld Artur Widak/NurPhoto via Getty Images

Eén in december, januari, april, mei en oktober. Twee in september. Tussen november 2020 en november 2021 meldde de Ierse netbeheerder EirGrid acht ‘systeemwaarschuwingen’. Het punt dat de vraag naar stroom groter is dan geleverd kan worden, komt in zo’n geval gevaarlijk dichtbij. Met als het uiterste scenario: een black-out. Geen stroom voor de Ieren.

Ter vergelijking: tussen 2010 en 2019 trok EirGrid in totaal dertien keer aan de bel. De komende vijf jaar wordt rekening gehouden met stroomtekorten, waarschuwt datzelfde EirGrid. Enerzijds staat de stroomleverantie onder druk, mede vanwege het uitfaseren van oude energiecentrales. Ondertussen groeit de vraag.

Een van de oorzaken: datacenters. De regio rond Dublin telt er, net als Amsterdam, bijzonder veel (zie kader). En het worden er steeds meer. Naar verwachting zijn ze in 2029 goed voor 27 procent van de totale Ierse stroomvraag, tegen 11 procent in 2020.

Het dwong EirGrid tot een verregaande maatregel: een ‘de facto moratorium’ op nieuwe datacenters. Een stop dus, geldig tot 2028. In de tussentijd wordt het netwerk vernieuwd.

Ierland als Keltische Tijger

Waarom kiezen bedrijven als Microsoft, Google en Amazon uitgerekend voor de Ierse hoofdstad? Voor een antwoord moeten we terug in de tijd, zegt Patrick Bresnihan, universitair docent geografie aan Maynooth University. “Al sinds de jaren zestig doet de Ierse regering er alles aan om buitenlandse investeringen aan te trekken.”

Met succes: multinationals kwamen af op de gunstige belastingwetten en het hoogopgeleide, Engelstalige personeel. Economisch wonder Ierland kwam bekend te staan als de ‘Keltische Tijger’. Tussen 1995 en 2000 groeide de economie met gemiddeld 9,4 procent per jaar.

Maar aan al het mooie komt een eind, zo bleek maar weer. Door de kredietcrisis belandde Ierland in 2008 in een recessie. De staat greep terug op beproefde methoden. Buitenlandse bedrijven zouden Ierland uit het economische dal trekken, onder meer via datacenters. “Vaak werd het Ierse klimaat genoemd als voordeel,” zegt Patrick Brodie, onderzoeker aan McGill University in het Canadese Montreal. “Volgens de techbedrijven helpt het bij het koelen van de systemen.”

Gunstige vestigingsvoorwaarden en de goede digitale infrastructuur deden de rest. De datacenters vestigden zich vooral rond Dublin, vanwege de nabijheid van personeel en de infrastructuur de meest logische locatie. Jarenlang leidde dat amper tot discussie, zegt Bresnihan. Anders dan in Amsterdam, was er op de bedrijventerreinen aan de rand van de stad voldoende ruimte. Daar stonden de blokkige gebouwen bovendien mooi uit het zicht.

Onduidelijkheid rond moratorium

Pas toen techbedrijven rond 2015 uitweken naar meer landelijke gebieden, nam het protest toe. “Niet meteen,” zegt Brodie. “Aanvankelijk leek het vooral een economische kans.” Later ontstonden er twijfels over de impact op het milieu en de omgeving. En droegen de datacenters echt zo veel bij aan de economische groei? De recente berichten over black-outs hebben de discussie definitief hoog op de maatschappelijke agenda geplaatst.

Maar goed ook, vindt Dylan Murphy, klimaatactivist bij actiegroep Not Here Not Anywhere. “Lokale back-upgeneratoren draaien op fossiele brandstoffen.” En als datacenters zeggen dat ze gebruikmaken van groene energie, dan gaat dat vaak via een stroomafnameovereenkomst met een producent, zegt hij. “Wij pleiten voor directe investeringen in groene energie, in de gemeenschap waar de datacenters komen. Niet door alleen de uitstoot te compenseren.”

Murphy zal dus wel blij zijn met het ‘de facto moratorium’? Nou, het is afwachten, zegt hij. Er bestaan veel vragen rond de aankondiging van EirGrid. “Door hoeveel nieuwe datacenters gaat, als het al gebeurt, echt een streep? Worden er uitzonderingen gemaakt? Waar is de transparantie?”

Netflixen en instagrammen

Garry Connolly, oprichter van datacenterbelangengroep Host in Ireland, bevindt zich aan de andere kant van het spectrum. Volgens Connolly valt het reuze mee met de negatieve klimaateffecten. De zeventig datacenters die Ierland momenteel rijk is, zijn verantwoordelijk voor 1,85 procent van de Ierse CO2-uitstoot. Bovendien worden datacenters volgens hem steeds groener.

Belangrijker nog, zegt Connolly, is de vraag of we met minder datacenters toe kunnen. “Wereldwijd zijn er twee overkoepelende trends: verduurzaming en technologisering. Het eerste kan niet zonder het tweede. Ons gedrag moet op de schop. Daar hebben we technologie bij nodig. En zonder data, geen technologie.”

Een soortgelijke discussie speelt in Amsterdam – en eigenlijk wereldwijd. Hoe blijven we netflixen en instagrammen met minder datacenters? Hoe maken we onze samenleving, onze ziekenhuizen, het verkeer, ‘slimmer’ zonder meer datapakhuizen te bouwen?

“Sommige mensen denken dat we ons datagebruik niet kunnen terugdringen,” zegt Bresnihan. “Maar we moeten het er wel over hebben. Data en energieverbruik zijn onlosmakelijk aan elkaar verbonden.”

Het ‘de facto moratorium’ dat EirGrid heeft ingesteld, bleek een slimme manier voor de Ierse overheid om geen verantwoordelijkheid te hoeven nemen voor de problemen op het stroomnet, zegt Bresnihan. “Maar de datacenters naar meer landelijk gebied dwingen, verandert niks aan de vraag naar energie en uitstoot in het algemeen. Die discussie zal de komende jaren blijven spelen.”

Flap-D dat de klok slaat

In de Europese datacenterwereld draait het om vijf steden: Frankfurt am Main, Londen, Amsterdam en Parijs. Samen vormen ze het handige acroniem Flap. Met Dublin erbij maakt dat het minder prettige (maar wel zo complete) Flap-D.

Niet alleen in Dublin staat de groei van datacenters ter discussie. In Amsterdam werd halverwege 2019 een bouwstop van ruim een jaar ingesteld. De stop is opgeheven, maar er gelden wel strengere eisen voor nieuwe én bestaande datacenters. Het stadsbestuur van Frankfurt erkent dat datacenters een belangrijke rol spelen in de digitalisering, maar zit niet zit te wachten op ‘ongebreidelde groei’ en stelde een aantal richtlijnen op. Samengevat: datacenters moeten de hoogte in, energiezuinig opereren en worden gehuisvest op daarvoor aangewezen locaties.

Dat er bedenkingen spelen rondom (sommige) datacenters, betekent overigens niet dat de toename afvlakt. Volgens het Brits-Amerikaanse JLL bleef de vraag naar datacenters in 2021 toenemen.

Hoewel Flap-D de komende jaren naar verwachting toonaangevend blijft in Europa, wordt er veel verwacht van een aantal opkomende steden. Vastgoedadviseur Cushman & Wakefield wijst onder meer naar Berlijn en Reykjavik als potentiële groeimarkten. Berlijn als tweede ‘hub’ in economisch zwaargewicht Duitsland en Reykjavik vanwege de grote hoeveelheid geothermische energie en waterkrachtcentrales op IJsland – en daarmee de relatief goedkope, groene stroom.

Serie Wereldstad

Er is geen stad als Amsterdam, maar veel zaken waar wij ons druk om maken spelen ook elders in de wereld. In de serie Wereldstad onderzoeken we hoe andere steden daarmee omgaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden