Minder kindsoldaten geteld in leger Congo

Het Congolees leger zet minder ­kindsoldaten in. Het is een lichtpuntje in een schrijnend wereldwijd probleem.

Leden van de Congolese militie Democratic Forces for the Liberation of Rwanda (FDLR).Beeld AFP

Het zijn strijders, dragers, koks of seksslaven. Kindsoldaten zijn niet alleen gewapende minderjarigen, maar doen ook ander werk in legers en milities. In Congo, waar kinderen bijna routinematig werden opgenomen in de gelederen van gewapende groepen, tekent zich een voorzichtige positieve verandering af.

Die verbetering is met name te constateren bij het Congolees leger. “Er zijn geen nieuwe meldingen van de rekrutering van kinderen in het Congolees leger,” concludeert de internationale mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch. Maar die voegt er direct aan toe: “Regeringstroepen blijven echter samenwerken met milities die wel gebruikmaken van kinderen”. Er zijn rond 140 gewapende groepen in het land die met name in het oosten en het zuiden opereren. Ze strijden tegen de regering en onderling.

Hulporganisaties in het centraal Afrikaanse land hanteren verschillende aantallen voor kindsoldaten, maar het zijn er zeker vele tienduizenden. Wereldwijd wordt het aantal op een kwart miljoen geschat. Een deel van de Congolese kindsoldaten wordt gekidnapt en gedwongen deel uit te maken van een militie, anderen melden zich vrijwillig. Ze ontvluchten de armoede thuis en hopen op betere leefomstandigheden bij gewapende groepen.

Ook de Amerikaanse regering constateert de verbetering. Was die er niet geweest, dan waren de Amerikanen gedwongen sancties af te kondigen tegen Congo. Dat zou een slechte zaak zijn geweest, niet alleen voor Congo, maar zeker ook voor de VS. De Amerikanen importeren uit het mineraalrijke land onder meer koper en tantaal.

Preventie nodig

In 2003 werd een lijst aangelegd van groepen die zich schuldig maken aan gebruik van kinderen. Daarbij behoorde toentertijd ook nog het leger. Dat de strijdkrachten nu niet meer op de lijst voorkomen, is een enorme prestatie, vindt Dee Brillenburg Wurth, kinderbeschermingsadviseur bij Monusco, de VN-missie in Congo.

“Het was duidelijk dat preventie nodig was,” vertelt de Nederlandse over de telefoon vanuit de Oost-Congolese stad Goma. “We besloten contact op te nemen met gewapende groepen om ze ervan te overtuigen geen gebruik meer te maken van kinderen. Ik ben inmiddels bij 34 groepen geweest en 29 commandanten hebben stappenplannen en intentieverklaringen getekend.”

Die afspraken worden met enige regelmaat geverifieerd, een dure en lastige klus. Het is een enorm groot land met een infrastructuur die veel te wensen overlaat. De kans bestaat dat een deel van de kindsoldaten onopgemerkt blijft. Het is niet altijd eenvoudig kindsoldaten te vinden bij milities. “Ze kunnen overdag thuis zitten of ergens werk doen tot ze geroepen worden. Gewapende groepen hebben niet altijd kampementen, maar gaan soms ook op in een dorpsleven,” vertelt Brillenburg Wurth.

Het minst zichtbaar zijn meisjes, die naar schatting 40 procent uitmaken van de kindsoldaten. Slechts een minderheid fungeert als strijder. De meesten zitten in de onderkomens van de strijders die ze als hun ‘echtgenoten’ bestempelen.

Wraakacties

Ondanks een afname van kindsoldaten bij een flink deel van de milities, is er een stijging te constateren bij de ADF (Allied Democratic Forces), een rebellengroep die eerder voornamelijk in West-Oeganda actief was, maar nu ook in Oost-Congo. Het Congolese leger maakt de laatste tijd intensief jacht op de groep, die reageert met veelvuldige wraakacties op burgers. Het vult de gelederen nog altijd aan met kindsoldaten. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden