PlusExclusief

Langzaam keren de bewoners van Irpin terug – en vinden dood en verderf: ‘Ik zou ze met mijn blote handen willen wurgen’

De Russen zijn verjaagd uit de voorsteden van Kiev, maar bij de terugkerende vluchtelingen van Irpin overheerst angst en woede. ‘Kijk om je heen. Dit is zo moeilijk om te zien.’

Michiel Driebergen
In de tuin van haar tijdens een bombardement verwoeste huis in Irpin maakt Oksana Doednik tussen bakstenen met kleine takjes een vuurtje aan, waar ze de koffiekan opzet. Ze woont er met haar twee kleinkinderen van 11 en 9. Beeld Eddy van Wessel
In de tuin van haar tijdens een bombardement verwoeste huis in Irpin maakt Oksana Doednik tussen bakstenen met kleine takjes een vuurtje aan, waar ze de koffiekan opzet. Ze woont er met haar twee kleinkinderen van 11 en 9.Beeld Eddy van Wessel

Het dak is eraf, de ramen zijn in scherven. In huis ligt het vol gruis, ’s nachts slapen ze met drie truien aan. Hulp is er nog niet geweest, en of dat komt weet Oksana Doednik (60) niet. “Renoveren? Herbouwen? Verjaag eerst de demonen uit ons land. Pas na de overwinning ben ik in de stemming voor reparatie.”

In Irpin, de felbevochten noordelijke voorstad van Kiev, rijdt de marsjroetka weer — de minibus naar de hoofdstad. Naast huizen vol zwarte kraters wordt het gras gemaaid; bij door explosieven uiteengereten winkelcomplexen wordt de stoep geveegd. Bij de mensen overheerst de woede en de angst.

“Wat zie ik er oud uit hè? Toen ik net gevlucht was, was het erger. Toen oogde ik als een 70-jarige,” zegt Oksana Doednik, een docente geschiedenis met pensioen, als ze tijdens het vullen van haar koffiekannetje even in de spiegel kijkt. Dan lepelt ze flink wat koffie in het water. “Ik houd van sterk,” zegt ze, twee vuisten gebald.

Buiten, in de tuin, maakt ze tussen bakstenen met kleine takjes een vuurtje aan, waar ze de koffiekan opzet. Gas is er nog niet.

Tekst loopt door onder het beeld

Werk aan een verwoeste brug tussen de hoofdstad Kiev en de voorstad Boetsja. Het plaatsje was wekenlang bezet door het Russische leger dat er een bloedbad aanrichtte. Beeld Eddy van Wessel
Werk aan een verwoeste brug tussen de hoofdstad Kiev en de voorstad Boetsja. Het plaatsje was wekenlang bezet door het Russische leger dat er een bloedbad aanrichtte.Beeld Eddy van Wessel

Strategisch gelegen plek

Op 6 maart hadden de Russen Irpin deels bezet – een strategisch gelegen plek, tussen vliegveld Hostomel en de Oekraïense hoofdstad Kiev. Het stadje was wereldnieuws, door beelden van vluchtelingen die schuilden onder de restanten van een verwoeste brug, en van een familie die tijdens de vlucht werd gedood door een Russisch bombardement.

Voor Doednik duurde het tot 22 maart dat ze vertrok, samen met haar twee kleinzoons Artem (9) en Andrej (11). De zorg voor hen was haar toevertrouwd door hun vader, die in het leger dient, en hun moeder, die als vrijwilliger het leger bijstaat. “Drie huizen achter ons huis stonden Russische tanks; twee straten verderop Oekraïense.”

Het dak was toen al verdwenen. De klap kwam gelukkig op een moment dat de twee jongens in de kelder schuilden. Oekraïense militairen overtuigden haar – gedesoriënteerd als ze was – ervan te evacueren. “Als ze dat niet hadden gedaan, waren we dood geweest.”

Toen ze terugkeerde, op 29 april, een maand nadat het Oekraïense leger Irpin weer in handen kreeg, waren vier van haar kippen en de haan gedood. Bij de kerk was een massagraf. Aan de hoofdstraat is een autokerkhof, vol met kogels doorzeefde voertuigen.

Tekst loopt door onder het beeld

Artem (9), een van de kleinzoons van Oksana Doednik, toont de kamer waar hij voor de oorlog computerspelletjes speelde. Er is niets meer van over. Beeld Eddy van Wessel
Artem (9), een van de kleinzoons van Oksana Doednik, toont de kamer waar hij voor de oorlog computerspelletjes speelde. Er is niets meer van over.Beeld Eddy van Wessel

Schreeuwen in hun slaap

Achteraf had ze de schoten vanuit het nabijgelegen Boetsja gehoord. “We realiseerden ons niet dat ze daar mensen afmaakten.” De beste vriendin van haar dochter was er door soldaten een tank ingetrokken, verkracht en vermoord. “Hoeveel mensen zijn er al gedood, en hoeveel sterven er nu?”

Haar kleinzoons schreeuwen in hun slaap van angst, vertelt Doednik.

De woede vind je overal tussen de verwoesting terug. Zo ook bij Roma Krivtsjenko (41), voormalig lid van de territoriale verdediging van Irpin. “Kijk om je heen. Dit is zo moeilijk om te zien,” zegt de gespierde man, gevraagd naar zijn emotie.

Tussen de appartementenblokken waar hij afspreekt hadden de Russen op 6 maart hun tanks geparkeerd. De bewoners hadden geprotesteerd: “Hier wonen vrouwen en kinderen,” hadden ze gezegd. De ruzie was hoog opgelopen, en de bezetters schoten de vriendin van een bevriende collega van Roma Krivtsjenko dood. Zij was buiten zinnen zijn appartement uitgestormd, waarop een tank één schot had gelost.

De inwoner van Irpin wijst op een verwoeste portiek, waarin het lichaam van zijn vriend aangetroffen werd. “Ik zou ze met mijn blote handen willen wurgen,” zegt hij.

Appartement in Marioepol

Toen Roma Krivtsjenko op 10 maart Irpin ontvluchtte, met zijn vrouw, zijn 15-jarige zoon en zijn 7-jarige dochter, had hij een déjà vu. In 2017 had hij noodgedwongen het bezette Donetsk verlaten, nadat zijn bedrijf daar werd geconfisqueerd. Zijn flat in Irpin had hij op krediet gekocht, dat hij nog steeds afbetaalt. Zijn vrouw bezat een appartement in Marioepol, dat inmiddels niet meer bestaat. “En nu kwamen ze ook nog hier naartoe.”

Onder de eerste vluchtelingen die terug durven te keren, is veel interesse voor de territoriale verdediging. Dus functioneert Roma Krivtsjenko, die zich in het dagelijks leven met de installatie van zonnepanelen bezighoudt, als instructeur. “We hebben geen andere plek om heen te gaan. Dus pakken we onze wapens, en zullen we blijven vechten.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden