Intimidatie rond 70 jaar RMS: Indonesië dwingt Molukkers tot hijsen Indonesische vlag

Molukkers vieren vandaag dat 70 jaar geleden de onafhankelijke Republiek der Zuid-Molukken (RMS) werd geproclameerd. Terwijl in Nederland in alle rust sobere plechtigheden zijn, wordt op de Molukken het hijsen van de RMS-vlag door Indonesië hardhandig de kop ingedrukt.

Zaterdag wordt 70 jaar onafhankelijk van de Republiek der Zuid-Molukken (RMS) gevierd.Beeld ANP

Kampong Aboru op het Molukse eiland Haruku is als het Gallische dorpje uit het verhaal van Asterix en Obelix. De bewoners hebben maling aan de intimidaties van de Indonesische regering. Ze schromen niet om vandaag de rood-groen-wit-blauwe vlag van de Republik Maluku Selatan (RMS) te hijsen.

Exact zeventig jaar na de proclamatie van de onafhankelijkheid op 25 april 1950 op Ambon, is de politieke situatie onveranderd. Indonesië duldt geen enkele uiting van Moluks ‘separatisme’. Rond 25 april lopen de spanningen op en wordt de regering in Jakarta onrustig.

De afgelopen dagen zijn honderden zwaarbewapende militairen en agenten naar de Molukken gestuurd voor ‘Operatie Siwa Lima Rood en Wit’ (de kleur van de vlag van Indonesië). De actie richt zich voornamelijk op de eilanden Haruku en Saparua, waar de meeste RMS-activisten zitten.

“Het doel is voorkomen dat bepaalde groepen op 25 april een onveilige situatie creëren op de Molukken,” zegt politiewoordvoerder Mohamed Roem Ohirat tegen de Indonesische nieuwssite Kompas.

Dubbel gewaarschuwd

In Aboru zijn de inwoners dubbel gewaarschuwd. De autoriteiten hebben Indonesische vlaggen uitgedeeld. Via een luidspreker zijn instructies gegeven. Als de Molukkers dan tóch een vlag willen hijsen, mag dat alleen die rood-witte zijn. Als de Indonesische vlag niet wordt gehesen, zal met geweld worden gereageerd. Dat wordt deur aan deur gecontroleerd, zo klinkt door de luidspreker in de straten.

Een Molukse actievoerder op de Dam.Beeld ANP

Indonesië treedt vaak hard op tegen RMS-uitingen. Molukkers die de verboden vlag hijsen, thuis aan de muur hebben hangen of de strijdkreet mena muria (‘een voor allen, allen voor een’) roepen, worden opgepakt, mishandeld, gemarteld en belanden zonder fatsoenlijk proces in de gevangenis.

In 2007 werd een groep Molukkers opgepakt, nadat ze bij een bezoek van de toenmalige Indonesische president Yudhoyono aan Ambon onaangekondigd een traditionele Molukse krijgsdans opvoerden en de RMS-vlag toonden. Ze werden mishandeld en gemarteld. Hun leider Johan Teterissa kreeg aanvankelijk levenslang. Hij kwam eind 2018 vrij en overleed nog geen jaar later.

‘Rebellie’

Momenteel zitten volgens Amnesty International Indonesia vijf Molukkers vast, die vorig jaar op Haruku een RMS-vlag thuis hadden hangen. Zij zijn veroordeeld tot 5 jaar cel wegens ‘rebellie’.

De mensenrechtenorganisatie heeft de regering opgeroepen de vijf ‘gewetensgevangenen’ vrij te laten. “Een vlag ophangen als een politieke uiting is geen misdaad. Politieke activisten die vreedzaam actievoeren, inclusief hun steun aan onafhankelijkheid, hebben het recht hun politieke standpunten te verkondigen,” schrijft Amnesty.Volgens Fridus Steijlen, bijzonder hoogleraar Molukse migratie en cultuur aan de VU in Amsterdam, hebben op de Molukken veel mensen last van het RMS-stigma. Ze hebben het gevoel dat hen wordt verweten separatistisch te zijn, zodra ze commentaar hebben op het centrale gezag.

“Dat stigma wordt door de overheid in stand gehouden en gebruikt als middel om elke vorm van kritiek in de kiem te smoren,” zegt Steijlen. “Andersom wordt de RMS ook gebruikt als symbool om de centrale regering te provoceren en op te komen voor de Molukse eigenheid en identiteit.”

Het dorp Aboru is van oudsher een bolwerk van RMS-activisten. Ook in voorgaande jaren zijn daar incidenten geweest rond de viering van 25 april. Dat begon al medio jaren 80.

Nu is er een nieuwe organisatie actief, de ‘Overgangsregering van de RMS’. De leider, Pieter Likumahua, heeft grote acties aangekondigd op de eilanden Ambon, Haruku en Saparua.

Bedreigd en geïntimideerd

Via zijn contactpersoon Jan Beckers in Nederland laat hij weten dat zijn gezin thuis op het eiland Ceram door de politie wordt bedreigd en geïntimideerd en dat zijn broer is opgepakt. “Nu is mijn huis leeg, want mijn gezin voelt zich daar niet veilig. Ze zijn ingetrokken bij mijn schoonouders.”

Likumahuwa heeft vorige maand ook de officiële RMS-regering in ballingschap, die in Nederland zetelt met advocaat John Wattilete als president, een mail gestuurd. Daar kwam pas enkele dagen geleden een korte ontvangstbevestiging op. “Dat wat de RMS-regering in Nederland doet, brengt geen heil in de strijd maar is slechts goed voor hun eigen portemonnee,” zegt Likumahua.

Hij is ook kritisch over een andere Molukse onafhankelijkheidsbeweging, het FKM. Hij noemt die geen echte RMS-organisatie en zegt dat de leider, die in de Verenigde Staten woont, samenwerkt met Indonesië.

Kritiek op de ‘lakse’ regering is president Wattilete niet vreemd. Hij zegt tevergeefs een poging te hebben gedaan met het FKM in gesprek te komen. Versplintering is ‘onvermijdelijk’ en gebruikelijk geweest in de afgelopen 70 jaar, zegt Wattilete. “Met één krachtige organisatie bereik je meer, maar eenheid is niet noodzakelijk. Er zijn geen ideologische verschillen. We moeten wel meer samenwerken om tot onze gezamenlijke doelstelling te komen.”

Hoogleraar Steijlen zegt dat die verdeeldheid de Molukse zaak niet ten goede komt. “Het is een gefragmenteerd landschap van organisaties die allemaal claimen de voorhoede van de strijd te vormen.”

Vanuatu

De RMS-regering in ballingschap is lid van organisaties van ‘niet erkende volken’ en onderhoudt nauwe banden met het eilandstaatje Vanuatu in de Stille Oceaan. De Molukken voelen zich van oudsher cultureel verbonden met de Melanesische eilanden en politiek met de onafhankelijkheidsbeweging in West-Papoea. Via Vanuatu hoopt de regering een ingang te hebben bij de Verenigde Naties om de Molukse zaak aanhangig te maken

Steijlen: “Maar daarmee staat de Molukse zaak nog niet op de internationale agenda. Soevereiniteit krijg je niet als je door één of twee landen erkend wordt. Via verschillende kanalen is geprobeerd erkenning te krijgen. Dat is tot op heden niet gelukt.”

John Wattilete, president van de Republiek der Zuid-Molukken.Beeld ANP

President Wattilete zegt dat het moeilijk is om internationaal grote successen te boeken. Dat is deels afhankelijk van de mensen op de Molukken zelf, waar veel armoede is en het onderwijs slecht is. “De Molukken zijn de grens van angst nog niet gepasseerd. De enige oplossing is onafhankelijkheid. Dat moet het eindpunt zijn.  Dat hangt af van bewustwording. Als de mensen een betere toekomst willen, moet de politieke situatie daar  veranderen.”

In Nederland gaat de RMS herdenking in de Amsterdamse RAI vanwege de coronacrisis niet door. Wel zijn in Molukse wijken bescheiden ceremonies waarbij de vlag wordt gehesen. Wattilete zal bij de plechtigheid in Breda zijn.

Harde klappen

Hij verwacht dat de RMS-vlag op de Molukken op verschillende plekken fier zal wapperen, maar weet ook dat dat waarschijnlijk gepaard gaat met arrestaties en harde klappen. “Ik heb een dubbel gevoel,”zegt Wattilete. “Het is een heugelijke dag. Tegelijk worden de mensen op de Molukken door militairen geïntimideerd. Ik hou mijn hart vast. Je zou verwachten dat Indonesië zich nu om belangrijkere dingen druk zou moeten maken dan om een vlag. Maar kennelijk is de angst groot.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden