PlusAchtergrond

India’s droom spat uiteen door het coronavirus

Lusteloos, gewond, stuurloos. De ambitie van India zich tot regionale supermacht op te werken valt in duigen door corona. De economie is ingestort, en het virus is verre van in bedwang.

Sinds de coronacrisis liggen talloze fabrieken in India stil.Beeld SAUMYA KHANDELWAL/NYT/HH

In de stilgevallen straten van het industrie­gebied bij de stad Surat merk je pas goed wat een dreun de coronapandemie heeft uitgedeeld aan India’s dromen.

Je ziet het aan de textielfabrieken waar vele generaties arbeiders hebben gewerkt, maar die nu met moeite ongeveer een tiende produceren van wat lang de norm was.

Je ziet het ook aan de vermagerde gezichten van gezinnen die de laatste hand legden aan sari’s, maar nu, met zo weinig klanten, minder kunnen besteden aan melk en groente.

Je ziet het aan de lege kapperszaken en telefoonwinkels waar klanten massaal wegblijven nu hun magere spaargeld is verschrompeld.

Ashish Gujarati staat aan het hoofd van een vereniging van textielproducenten in deze ooit bruisende handelsstad aan India’s westkust. Met een verbijsterde blik wijst hij naar een verlaten fabriek: “Zie je die schoorsteen? Daar kwam ooit rook uit.”

Nog niet zo lang geleden stond India, zo leek het, een stralende toekomst te wachten. Het was trots op zijn dynamisch groeiende economie die miljoenen mensen uit de armoede had gehaald en de bouw van moderne megasteden mogelijk had gemaakt. De almaar groeiende economie zou Indiërs helpen toe te treden tot de middenklassen, ’s lands jammerlijk verouderde militaire apparaat moderniseren en van India een regionale politieke en economische supermacht maken. Ooit zou het aartsrivaal China, Aziës grootste succesverhaal, naar de kroon steken.

Maar de economische verwoestingen in Surat en overal elders brengen India’s ambities in gevaar. De economie is sneller gekrompen dan in enig ander groot land. Misschien wel 200 miljoen mensen dreigen terug te vallen in de armoede. Veel van de tot voor kort levendige straten zijn leeg; mensen zijn te bang voor besmetting met corona om zich ver van huis te wagen.

Veel schade is het gevolg van de door premier Narendra Modi afgekondigde coronalockdownmaatregelen, die volgens experts de economie grote schade toebrachten én het virus hielpen verspreiden. India ondergaat de snelst groeiende coronacrisis; elke dag komen er meer dan 80.000 nieuwe meldingen van besmettingen bij. Inmiddels is het land Brazilië voorbij­gestreefd en zijn alleen in de Verenigde Staten nog meer corona-infecties vastgesteld.

Vijandigheid jegens moslims

Een gevoel van malaise maakt zich van India meester. De economische groei was zelfs al voor de pandemie aan het afnemen, de sociale verschillen worden groter en de vijandigheid jegens moslims neemt toe. Dat is deels het gevolg van een kwaadaardige campagne op sociale media die hen ervan beschuldigt het virus te verspreiden. China maakt ook nog steeds agressiever aanspraak op stukken Indiaas grondgebied.

Ervaren waarnemers gebruiken steeds dezelfde woorden als ze het huidige India beschrijven: lusteloos, gewond, stuurloos, onrechtvaardig.

Toch heeft het nog krachtige troeven, zoals een enorm reservoir aan jonge arbeidskrachten en een overvloed aan genieën in de informatietechnologie. Het vormt een mogelijk alternatief voor China in een tijd dat de VS en een groot deel van de rest van de wereld zich van Peking afwenden.

Maar India’s positie in de wereld brokkelt gestaag af. In het vorige kwartaal kromp de economie met 24 procent, terwijl die van China weer groeit. Volgens economen kan India zijn plaats als vijfde economie ter wereld – na de VS, China, Japan en Duitsland – kwijtraken.

“Waarschijnlijk bevond India zich sinds de onafhankelijkheid niet eerder in zo’n slechte positie,” zegt Jayati Ghosh, econoom aan de Jawaharlal Nehru University in New Delhi. “Mensen hebben geen geld. Investeerders steken geen geld in een land als daar geen markt is. En de meeste productiekosten zijn omhoog gegaan.”

Veel buurten waar in de hoofdstad New Delhi laagbetaalde arbeiders en andere werkers woonden zijn nu verlaten, een warme wind blaast door lege hutten van golfplaten. Een paar jaar geleden, toen de economie met 9 procent groeide, was het moeilijk zelfs hier iets te huren.

Toen Modi in 2014 aan de macht kwam op de golven van een hernieuwd hindoenationalisme dachten veel Indiërs dat hun land eindelijk de krachtige leider had gevonden die de nationale ambities kon waarmaken. Maar Modi concentreerde zich vooral op ideologische projecten die voor verdeling zorgden, zoals een nieuwe wet op het staatsburgerschap die moslims schaamteloos discrimineert. Ook versterkte hij de greep op de overwegend islamitische regio Kashmir.

Autoritaire trekken

Het ene kwartaal na het andere daalde de groei van de Indiase economie, van 8 procent in 2016 tot 4 procent kort voordat de pandemie uitbrak. Vier procent is alleszins respectabel voor een ontwikkeld westers land, maar in India is dat percentage veel te laag voor de miljoenen jongeren die jaarlijks op de arbeidsmarkt komen, hunkerend naar een eerste baan.

Al ruim voor Modi’s aantreden klaagden investeerders over India’s trage landpolitiek, de beperkende arbeidswetten, de bureaucratie. Maar zijn zelfvertrouwen en autoritaire trekken, die veel kiezers aanspreken, hebben de problemen misschien verergerd. Vier jaar geleden maakte hij plotseling een einde aan bijna 90 procent van India’s papiergeld, met het doel corruptie te bestrijden en digitale betalingen aan te moedigen. Economen prijzen dat streven, maar vinden tevens dat Modi zijn land overviel met een radicale ingreep die de economie langdurige schade heeft berokkend.

Ook aan het begin van de coronacrisis gaf Modi blijk van zijn impulsieve manier van besturen. Op 24 maart gaf hij om acht uur ’s avonds alle Indiërs opdracht binnen te blijven, om kort daarop de economie compleet stil te leggen. Kantoren, fabrieken, wegen, treinen, grensposten kregen vier uur de tijd om alle activiteiten te stoppen.

Van het ene moment op het andere waren tientallen miljoenen Indiërs hun baan kwijt. Velen werkten in fabrieken, in de bouw of als huis­bedienden nadat ze van het platteland naar de steden waren getrokken. Nu waren ze als de dood dat ze in hun sloppenwijken zouden verhongeren, dus maakten miljoenen mensen dat ze wegkwamen en keerden te voet, per fiets of liftend terug naar hun dorpen. Nog nooit had India zo’n omgekeerde migratie meegemaakt. Een gevolg was wel dat de migranten het coronavirus meenamen naar alle hoeken en gaten van dit land met 1,3 miljard inwoners.

Terugkijkend op die grote uittocht denken veel economen dat toen de kiem werd gelegd voor de twee nauw gelieerde crises – razendsnel stijgende besmettingen en een verwoeste economie – die India nu teisteren.

De Indiase econoom Kaushik Basu: “De strenge lockdown zou acceptabel zijn geweest als daarmee de pandemie een halt was toegeroepen. Maar dat gebeurde niet. Modi’s beleid is een mislukking.”

Geen bruiloften, geen feesten

Op de textielmarkt van Surat zat Jagdish Goyal met een zuur gezicht in zijn verlaten winkels tussen de stapels oranje en groenblauwe dameskleding, met prijzen die mensen met slechtbetaalde banen zich kunnen veroorloven. De stapels reiken inmiddels tot het plafond. Goyal: “Niemand koopt nog wat, omdat mensen niet meer uitgaan, zich niet meer mooi kleden voor bruiloften. Ze blijven thuis, grote verjaardagsfeesten zijn er al lang niet meer.” De angst voor besmetting is extra groot nu overvolle ziekenhuizen steeds vaker mensen wegsturen.

Volgens het Google Mobility Report, dat gegevens van mobiele telefoons analyseert, zijn in India sinds het begin van de pandemie bezoeken aan winkels en recreatieoorden gedaald met 39 procent. In andere zwaar getroffen landen als Brazilië en de VS was die daling minder dan de helft.

Ondanks de crises blijft Modi’s populariteit stijgen. Volgens een recente peiling van het vooraanstaande blad India Today vindt 78 procent van de ondervraagden dat de premier goed werk levert, het hoogste cijfer in vijf jaar. Een geloofwaardig alternatief ontbreekt. De Indian National Congress, de grootste oppositiepartij, heeft het vooral druk met geruzie over een nieuwe leider. Bovendien valt Modi’s omarming van het hindoenationalisme goed bij de hindoemeerderheid, ongeveer viervijfde van de bevolking.

In de textielwijk van Surat is de angst bijna tastbaar in de vochtige lucht. “Niemand laat zich nog scheren,” klaagt de jonge kapper Akshay Sen. Hij heeft nog maar een paar munten op zak. Zijn woorden weerkaatsen tegen de gesloten rolluiken van de winkels in de straat. Een paar mannen staan bij een theezaakje, maar kopen niets. Verderop, als een waarschuwingsbord aan de horizon, staat nog zo’n hoge stenen fabrieksschoorsteen. Er komt geen rook meer uit.

Beeld Het Parool

© The New York Times. Vertaling: René ter Steege.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden