Plus Achtergrond

In Mali gaat de strijd voor het kalifaat door

In Mali zijn veel mensen op de vlucht voor het geweld. Beeld AFP

In de jaren negentig was Hamadoun Koufa een geliefde zanger in Mali. Dat is veranderd: als geestelijk leider strijdt hij met zijn Katiba Macina nu, met geweld, voor een kalifaat en het invoeren van de sharia.

Hamadoun Koufa is de Osama bin Laden of de Abu Bakr al-Baghdadi van de westelijke Sahel, van Mali. Met één groot verschil: Koufa leeft nog, de andere twee niet. Hoewel, twee keer is de Malinese jihadistenleider dood verklaard. Twee keer herrees hij.

In West-Afrika zet Koufa de strijd voor een kalifaat voort, waar die in Syrië is verloren. Sinds 2015 is hij de grote geestelijk leider en commandant van de Katiba Macina. Hij is bijna 60 jaar, heeft een verweerde kop met een rood henna sikje. Alleen al deze maand kwamen bij diverse jihadistische aanvallen vele tientallen Malinese soldaten om. Ook vele burgers werden slacht­offer van het geweld.

De Malinese wetenschapper Modibo Galy Cissé deed jaren onderzoek naar Koufa. Hij sprak familie, vrienden, zijn strijdmakkers en zijn oude marabout, de religieuze leider, die hem trainde. “Mijn werk is gevaarlijk geworden in Mali. Ik word door Koufa en zijn manschappen als spion gezien omdat ik informatie verzamel en omdat ik goed Frans en Fulani spreek.”

Cissé schreef een portret van Koufa en zijn weg naar de jihad, Biographies of Radicalization, onder redactie van de Leidse hoogleraar Afrikaanse geschiedenis en antropologie Mirjam de Bruijn. In een kamer van de Universiteit Leiden vertellen ze over de opkomst van het jihadisme in Mali en de Sahel en de rol van Koufa.

Mali is de spil in de westelijke Sahel van de recente radicalisering. De Bruijn vat het bondig samen. “Een groot deel van Mali, de delta, wordt sinds 2015 getalibaniseerd.”

“Vroeger kocht ik zijn cassettebandjes met romantische liedjes om meisjes te charmeren. Het waren gezongen teksten uit de Koran en herdersliedjes van de Fulani, een nomadisch herdersvolk in West-Afrika. Iedereen luisterde in de jaren negentig naar Koufa’s prachtige stem. Ik hield erg van zijn liedjes,” zegt Cissé met een grote glimlach op zijn lippen. Hij kan zich haast niet bedwingen om een van die nummers te zingen. De dichter-zanger Koufa was erg populair in het land. Zoals hij excelleerde in het liefdeslied, zo blonk hij ook uit als leerling op de ­Koranschool. Hij kende de Koran uit zijn hoofd en beheerste de inhoud.

In 2000 is er ineens een nieuwe Koufa, zegt Cissé. Hij wordt een prediker op de radio. Hij legt er de precieze context van de islam uit, de regels voor het gebed en nog meer praktische zaken. “Hij was een begenadigd spreker. Koufa begon de heersende elite, de vooraanstaande marabouts, aan te pakken. Hij veroordeelde het gebruik van bedelkinderen door de marabouts. Koufa hekelde de zakat, een verplichte financiële bijdrage vragen van arme boeren. Hij bestreed de autoriteiten en het onrecht in zijn radiopraatjes. Iedereen luisterde naar hem en hij was mateloos populair.”

Motorbendes

Hij speelde volgens De Bruijn in op de sociaal-economische problemen en corruptie in het land, die een goede voedingsbodem waren voor radicalisering en jihadisme. “De overheid in Mali is compleet afwezig.”

Ondanks zijn populariteit is Koufa arm. Hij trekt als prediker van dorp naar dorp en wordt met open armen ontvangen, zegt Cissé. Dan raakt hij onder invloed van de Pakistaanse Dawa Tabligh, een rijke orthodoxe islamitische organisatie die over de hele wereld moskeeën financiert en madrasahs, Koranscholen. Koufa gaat het jihadisme propageren.

Wat hij eerst in felle bewoordingen deed als prediker, de heersende elite bekritiseren, gaat nu gepaard met toenemend geweld met zijn ­Katiba Macina. Die ­motorbendes plegen aanvallen op het Malinese leger, politieposten en autoriteiten. Koufa richt zich ook tegen de Fransen die nu al een paar jaar met 4500 manschappen in Mali orde op zaken proberen te stellen, net als de VN-vredesmacht Minusma en het machteloze interventieleger van vijf Sahel­landen, de G5.

De Katiba Macina heeft een cellenstructuur met lokale milities die enerzijds hun Fulani-dorpen verdedigen in het etnische geweld dat oplaait en anderzijds jihadistische aanvallen uitvoeren. Aan het hoofd staat Koufa, die sinds 2015 is verdwenen. Hij wordt niet meer gezien. Er duiken geregeld geluidsfragmenten en video’s op waarin Koufa oproept tot de jihad. Cissé: “hij zit ergens verborgen in de delta in Mali.”

Terroristenleider

“Hij communiceert ook via zijn luitenanten. Zo hebben zij de Fulani-chiefs gedwongen de zakat te verlagen met wel 90 procent, om arme boeren lucht te geven,” legt Cissé uit als bewijs van de onverminderde populariteit van Koufa. Die richt zich volgens De Bruijn nu vooral tegen de Franse aanwezigheid en westerse invloeden. Hij wil in een zo groot mogelijk gebied het kalifaat vestigen en de sharia invoeren. “Koufa heeft daardoor nu de status van een internationaal gezochte terroristenleider.” De Fransen worden door Malinezen inmiddels ook verantwoordelijk gehouden voor aanvallen tussen ­etnische groepen op dorpen, vaak gepleegd door bewapende motorbendes.

Met het wegvallen in 2015 van het gezag van overheid, autoriteiten en politiek, stapt Koufa in het gat dat ontstaat. Cissé: “De andere stammen, die soms ook vijandig staan tegenover de Fulani en de Katiba Macina, richten zich nu ook tegen het Malinese leger, waardoor er nog nauwelijks sprake is van enig gezag in grote delen van Mali.” De facto valt het land uiteen, waarbij Koufa het grootste deel inmiddels in handen heeft: de binnenlandse delta van de Niger.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden