PlusReportage

In het centrum van Kiev zoeven de elektrische steps weer voorbij

Inwoners van Boetsja kijken naar verwoeste Russische voertuigen. Zelfs in het zwaar getroffen Boetsja proberen mensen hun leven weer op te pakken. Beeld Future Publishing via Getty Imag
Inwoners van Boetsja kijken naar verwoeste Russische voertuigen. Zelfs in het zwaar getroffen Boetsja proberen mensen hun leven weer op te pakken.Beeld Future Publishing via Getty Imag

Het is haast onvoorstelbaar, maar het gewone leven herpakt zich in Oekraïense steden en dorpen waar de Russen zijn vertrokken. In de hoofdstraat van Kiev is zelfs alweer vertier te vinden.

Jan Hunin

Een maand nadat Russische troepen in Boetsja een spoor van dood en vernieling achterlieten, zitten drie arbeiders van het bedrijf Avtomagistral met de handen in het haar: bij het opnieuw opspuiten van het zebrapad aan de Toergenjevstraat blijkt een van de stroken een beetje scheef te staan.

Iemand anders zou dat misschien zo gelaten hebben – ze hebben wel andere problemen hier – maar professionals als Igor, Ivan en Alexander niet. Er zit niets anders op dan de strook opnieuw op te spuiten.

De vanzelfsprekendheid waarmee ze meteen aan de slag gaan om hun fout te herstellen, staat symbool voor de manier waarop inwoners van Kiev en omstreken na het vertrek van de Russen de draad weer oppakken. Het leven gaat door, hoe moeilijk dat soms ook is.

Gezellige drukte in het centrum

Op de ene plaats gaat dat al wat gemakkelijker dan op de andere, zoals in Kiev, dat tot nog toe al met al relatief weinig heeft geleden onder de oorlog: het leed bleef er beperkt tot enkele gebombardeerde flatgebouwen. Maar dan nog verbaast de transformatie die de Oekraïense hoofdstad ondergaan heeft sinds de Russen zich een maand geleden terugtrokken rond de hoofdstad.

Terwijl amper enkele weken geleden de meeste straten er vrijwel verlaten bij lagen, heerst er in het centrum een gezellige drukte. In de hoofdstraat is het uitkijken voor de elektrische steps en in de metro is het af en toe zelfs druk. Je zou je bijna afvragen of Oekraïne eigenlijk nog wel in oorlog is.

Aan de donkere flatgebouwen ’s avonds valt te merken dat het overgrote deel van de inwoners nog niet is teruggekeerd, maar diegenen die er zijn, laten zich niet uit het veld slaan. Op de Chresjtsjatyk in het centrum doen de eet- en drankstandjes goede zaken en vertier valt er ook te vinden: je kunt er tegen een balletje trappen of tegen een boksbal meppen. Zelfs aan de aanwezige soldaten is te merken dat de oorlog ver weg is: ze zijn zomaar bereid tot een babbel, iets wat een paar weken geleden bijna ondenkbaar was.

Maar niks trekt zoveel de aandacht als het met rode tulpen geflankeerde bord ‘Ik hou van Oekraïne’ op het Onafhankelijkheidsplein. Er wordt voor geposeerd dat het een lust is, met of zonder de duiven die je er door een gewiekste handelaar op je hand of schouder kan laten zetten. Een beetje gênant is het natuurlijk wel: tussen de tulpen wordt op een A4’tje verwezen naar de belegerde staalfabriek in Marioepol en verderop staat dan ook nog een bordje met het aantal gesneuvelde Oekraïense soldaten.

Wederopbouw van Boetsja

Terugkeren naar het normale leven is nog een stuk moeilijker in de verwoeste voorsteden van Kiev, en al zeker in Boetsja, waar tientallen, zo niet honderden burgers door Russische troepen in koelen bloede werden vermoord. Op de begraafplaats leggen mensen bloemen en snoepjes neer op de graven van medebewoners die tijdens een vluchtpoging werden beschoten of een kogel door het hoofd kregen. Aan de uitgegraven putten te zien zijn nog niet alle slachtoffers geïdentificeerd.

Maar zelfs daar, in een stad waar het moeilijk is om over de ellende heen te kijken, proberen de inwoners weer greep te krijgen op hun bestaan – al is het maar met kleine dingen.

Boetsja heropbouwen zal een klus van lange adem zijn – een groot deel van de huizen ligt in puin – maar de straten zijn ondertussen wel schoongeveegd, zelfs de Stationsstraat, waar enkele weken geleden nog een dozijn uitgebrande tanks de weg versperde.

Nieuwe bloemen aangeplant

Ook in de aanpalende Appelboomstraat, waar de gruwelijke beelden geschoten werden van met de handen op de rug gebonden burgers, moet je goed kijken om nog sporen te zien van de moordpartij die hier meer dan een maand geleden plaatsvond. Een vrouw wijst er in het voorbijlopen naar de plaats waar drie slachtoffers de dood vonden:”Een, twee, drie.”

Meer wil ze er eigenlijk niet over kwijt, ze loopt haastig door, zoals bijna iedereen hier wil ze voort met haar leven, zonder elke keer weer aan het leed van gisteren herinnerd te worden. Een natuurlijke reactie die kracht wordt bijgezet door de bloemen die door de groendienst overal in de stad worden aangeplant en natuurlijk ook door het herschilderen van het zebrapad aan de Toergenjevstraat.

Van het foutje van daarnet is ondertussen nog weinig te merken. De scheve strook is recht gespoten en het teveel aan wit is onder het goedkeurend oog van Igor, de oudste van de drie, deskundig weg geborsteld: “Ziezo, alles weer normaal.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden