PlusAchtergond

In doodsnood in vriescel: slachtoffers terreur getuigen in Parijs

Vijf jaar geleden zaten ze uren opgesloten, de gijzelaars in de Joodse supermarkt Hyper Cacher in Parijs. Nu getuigen zij in het deze week begonnen proces.

Elitetroepen staan in op 9 januari 2015 klaar om de Hyper Cacher te bestormen. Beeld AFP

Toen Amedy Coulibaly met een kalasjnikov en een camera op de borst de Hyper Cacher inkwam, schoot hij meteen op een jongen met een keppel. Yohan Cohen, een medewerker die winkelwagentjes stond op te ruimen, ging neer en schreeuwde het uit.

Op dat moment stond Noémie, een verpleegkundige van toen 26, achter in de winkel. Het was 13:05, vrijdag 9 januari 2015, en ze had net haar moeder gebeld om te vragen of ze nog iets nodig had voor de sjabbat. Ze dacht dat de knal een auto-ongeluk was op de Parijse rondweg vlak bij de Hyper Cacher.

Toen zag ze mensen op zich afrennen, die riepen: “Schiet op, hij is gewapend,” vertelt ze de rechtbank. Noémie stormde een trap af achter in de zaak op zoek naar een nooduitgang, net als de rest. Maar die was er niet, ze belandden in een ruimte met alleen een koel- en een vrieskamer. Noémie ging met vijf andere klanten en een baby van bijna een jaar oud de vrieskamer in.

Niet de trap op

Dat het Coulibaly niet om de kassa ging, was meteen duidelijk. “We waren in een koosjere winkel, twee dagen na de aanslag op Charlie Hebdo. We wisten dat het om een antisemitische aanslag ging.”

Een van de caissières werd door Coulibaly naar beneden gestuurd. Hij wilde iedereen boven in de winkel hebben. Een aantal gaf gehoor aan zijn bevel. Noémie wist niet wat ze moest doen, net als Jean-Luc, die bij haar in de vries­kamer zat. Jean-Luc, die zijn verhaal later deed, zette de motor af en draaide de lamp eruit. “Ik heb lang getwijfeld en besloot uiteindelijk niet de trap op te gaan.”

Het gezelschap in de vriescel fluisterde en deed alles om de baby niet te laten huilen. “We dachten elk moment dat het afgelopen kon zijn. We wisten niet zeker of hij alleen was, misschien kon hij iemand naar beneden sturen om te kijken en zou hij kwaad worden dat men hem had wijsgemaakt dat er niemand meer beneden was. Dus we hebben de baby vier uur lang toegefluisterd en we probeerden naar hem te lachen om hem te laten zien dat alles goed ging. Hij gaf geen kik.”

Terrorist Amedy Coulibaly in een door hem opgenomen video. Hij werd gedood bij de bestorming van de supermarkt. Beeld AP

Noémie kon bellen met haar man, die zich naar de winkel spoedde. “Hij hield me op de hoogte van wat er buiten gaande was. Ook de politie buiten sprak ons moed in.” Aan een serie explosies en schoten hoorden ze dat de bestorming van de Raid-elitetroepen was begonnen. “Zij zeiden ons dat het moeilijk zou worden, dat we niet om ons heen moesten kijken. Ik keek dus naar mijn voeten en zag dat we door het bloed waadden.”

Getraumatiseerd

Coulibaly vermoordde vier mensen en hield er zeventien gegijzeld. De meeste overlevers wilden niet getuigen in het grote proces over de aanslagen van januari 2015 op Hyper Cacher en op de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo, waar de jihadisten twaalf mensen hadden vermoord. Degenen die wel getuigen, zijn zonder uitzondering getraumatiseerd. Ze durven nauwelijks nog de straat op, zijn bang voor opsluiting of plotselinge geluiden. Sommigen verloren hun baan of emigreerden naar Israël.

Noémie en haar echtgenoot overwegen ook Frankrijk te verlaten, vertelt zij tijdens de schorsing van de zitting op de gang. “Maar ik wil mijn moeder en familie niet achterlaten.”

Leven op z’n kop

Vijf jaar later is ze tot haar eigen frustratie nog steeds in de greep van de angst. “Met vrienden eten in een restaurant vind ik vreselijk, ik durf het ov niet meer in, het is geen normaal bestaan, dit. Natuurlijk, wij hebben niemand verloren, we zijn er nog, maar mensen moeten weten hoezeer ons leven op zijn kop is gezet.”

Haar werk op de ic in een ziekenhuis, waar zij erg van hield, heeft Noémie op­gegeven. “Ik kan niet meer tegen bloed. Ik heb geprobeerd mij ertegen te verzetten, maar ik kan er niet tegen.” Ze probeerde het op een praktijk van kinderartsen, maar ook daar lukte het haar niet.

Een dag voor Noémie getuigde ook Lassana Bathily. Bathily wordt vaak – overigens tegen zijn zin – een held genoemd, omdat hij iedereen beneden zou hebben verborgen. “Dat is niet zo,” zegt Noémie. “Lassana was aan het werk in de vrieskamer toen wij de trap afkwamen.” Zij gelooft ook niet dat Bathily, die wist te ontsnappen, de politie van cruciale informatie heeft voorzien. “Er was grote behoefte aan een held. En dat werd Lassana.”

Franse media sluiten voor één keer de rijen

Het is een primeur: bijna honderd Franse media van zeer uiteenlopende signatuur hebben een tekst ondertekend in het satirische blad Charlie Hebdo. Een open brief die alle Fransen oproept de vrijheid van meningsuiting te steunen. ‘Wij richten ons nu samen tot u om u te waarschuwen: de vrijheid van meningsuiting is in gevaar.’ Charlie Hebdo wordt opnieuw bedreigd na het herplaatsen van Mohammed-tekeningen die het blad in 2015 tot doelwit van jihadisten maakten. Ook veel andere media ontvingen de laatste tijd dreigementen, niet alleen uit de hoek van moslimradicalen. Ook zogenoemde gele hesjes en de georganiseerde misdaad bedreigen journalisten met gewelddadige acties.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden