PlusInterview

In de bus naar het vliegveld van Kabul: ‘Alleen wij mochten door’

Het is in de nacht van woensdag op donderdag drie bussen met Nederlanders gelukt om na twintig uur muurvast te hebben gestaan, het internationale vliegveld van Kabul binnen te komen. Zerka (23) zat in een van de bussen. ‘Ik dacht: het gaat niet lukken.’

Edwin Van Der Aa
Een vliegtuig vol Afgaanse evacués op het moeilijk bereikbare vliegveld van Kabul.  Beeld U.S. Air Force via Getty Images
Een vliegtuig vol Afgaanse evacués op het moeilijk bereikbare vliegveld van Kabul.Beeld U.S. Air Force via Getty Images

“We kregen een mail dat we dinsdag om 16.15 uur lokale tijd op een locatie moesten zijn, bij een ministerie, om te vertrekken naar het vliegveld van Kabul,” begint Zerka haar vlucht­verhaal. “Het was daar een chaotische situatie bij de ingang omdat er, net als ik, veel reizigers waren met een Nederlands paspoort. Iedereen was aan het duwen en trekken. We gaven onze pas af en ze noemden namen die op een lijst stonden. Stond je daar niet op, op die lijst van Buitenlandse Zaken, dan mocht je niet verder.”

Het is de bedoeling dat de Nederlandse eva­cués hierna meteen de bussen ingaan naar het vliegveld, maar door de chaos bij de gates (het vliegveld is omringd door een muur met meerdere poorten) kunnen ze die dag niet meer weg. “Toen kregen we daar een overnachting. We werden goed verzorgd, want er was avondeten en ontbijt en we konden daar slapen in kamers.”

Op de bus afrennen

De volgende ochtend om 08.30 uur vertrekken de bussen alsnog, en de groep van ruim honderd mensen wordt opgesplitst in drieën. Zerka: “We gingen rijden, maar kwamen op de weg naar het vliegveld muurvast te zitten in de file. Ieder half uur gingen we tien meter vooruit. Buiten zagen we allemaal mensen op onze bus afrennen, omdat ze doorhadden dat wij buitenlanders op weg naar het vliegveld waren. Ze probeerden binnen te komen om ook mee te kunnen reizen.”

Woensdagochtend om 11.00 uur komen de bussen helemaal vast te staan. “Dat was niet makkelijk, maar we hadden airco en het was een fijne en schone bus,” vertelt de 23-jarige via de telefoon. “Toch was het warm, en de kinderen in de bus begonnen te huilen. Op een gegeven ­moment was het echt niet meer te doen.”

De passagiers worden het allemaal zat en er komt overleg tussen de reizigers op gang. “Als we toch niet op het vliegveld konden komen, konden we beter teruggaan naar de afgesproken plek en het morgen weer proberen.”

Even slikken

De evacués besluiten echter te blijven. Maar na vele uren in een stilstaande bus, moeten mensen ook wat eten of even naar het toilet. ­Zerka: “Tegenover de bus was gelukkig een huis waar je voor 10 afghani (0,10 euro) je behoefte kon doen. En waar we stilstonden waren toevallig ook allemaal kraampjes met eten en drinken. Ook mochten we in- en uitstappen en konden we buiten wachten. De chauffeur waarschuwde ons dat het nog uren kon duren, dus we waren er mentaal op voor­bereid.”

Het was allemaal ‘even slikken’, de rust en het geduld opbrengen, aldus de Nederlands-­Afghaanse. De jonge vrouw, die uit veiligheid niet met haar foto in de krant wil, was met twaalf andere familieleden op bezoek bij familie in ­Afghanistan. Ze had, ­zoals zo veel Nederlanders de afgelopen weken, niet verwacht dat de Taliban zo snel aan de macht zouden komen. “Daardoor raakte iedereen in paniek en wilde weg.”

Paspoorten

Tijdens de evacuatie krijgen de mensen in de bussen ook nog te maken met Talibanstrijders die paspoorten willen zien om te checken of het echt om Nederlanders gaat. Zerka: “Alleen die mochten door. Enkelen, in onze bus zes mensen, voldeden daar niet aan en moest uitstappen. Dat vroegen ze in eerste instantie nog vriendelijk. Maar toen sommige passagiers treuzelden, dreigden ze dat het gewelddadig kon worden. Niet met geweren of zo, maar mensen werden wel bij de arm gepakt.”

De andere passagiers, ook Zerka, vragen de ­Talibanstrijders in het Afghaans of ze niemand willen slaan. “We zijn geen barbaren,” kregen ze als reactie.

Zerka: “Ze zeiden: ‘Maar als we deze zes mensen nu in de bus ­laten, krijgt de hele groep straks een probleem bij het vliegveld. Dat willen jullie toch niet?’ Ik voelde geen angst voor deze strijders die ik al dagenlang tegenkwam op de markt, maar was vooral moe. We waren al zo lang onderweg. En ik had medelijden met degenen die toch moesten uitstappen.”

Uiteindelijk, diep in de nacht, rond 02.30 uur, lukt het de bussen toch bij de belangrijkste toegangspoort te komen en toegelaten te worden tot het vliegveld. “Iemand van de Taliban had onze paspoorten in handen en op volgorde mochten we doorlopen. Onze tassen werden vervolgens gecontroleerd, maar bij vrouwen slechts heel oppervlakkig. Toen werden mannen en vrouwen gescheiden en de mannen ­gefouilleerd. Wij mochten doorlopen, want de Taliban mogen vrouwen niet aanraken.”

Islamabad

Zerka is gistermiddag, na weer een halve dag wachten, vertrokken op een vlucht naar Islamabad, de hoofdstad van Pakistan. Van daaruit wordt doorgevlogen naar Nederland. Ze is blij dat ze zover is gekomen. “Op een bepaald moment dacht ik: ‘Ze gaan ons er niet doorlaten, het gaat niet lukken’. Verder zijn we gewoon nuchter gebleven tijdens de evacuatie en hebben we steeds beoordeeld of het nog wel verantwoord was. Want we gingen natuurlijk niet ons leven riskeren om hier weg te kunnen komen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden