PlusAchtergrond

In Brazilië hebben agenten vrij spel, zelfs in de rug schieten is geoorloofd

Gesteund door hun bazen en de politiek twijfelen agenten in Rio de Janeiro geen moment met het overhalen van de trekker. Zelfs in de rug schieten blijkt geoorloofd.

Veel van de dodelijke schietpartijen doen zich voor in arme buurten van Rio de Janeiro waar drugsbendes de dienst uitmaken.Beeld Dado Galdieri/NYT

Rodrigo dos Santos scheurde op een motorfiets in Rio de Janeiro twee gewapende agenten voorbij, met in zijn rugzak marihuana, cocaïne en brokken crack. Hij zat achterop, zijn armen om het middel van de bestuurder. Binnen enkele seconden hadden de agenten 38 kogels op de jongens afgevuurd. Drie daarvan troffen Rodrigo (16) in zijn rug en in een arm.

Zijn twee jaar oudere zuster Yasmin kwam met buurtbewoners aanrennen om te zien hoe de jongens eraan toe waren. Volgens haar snauwde een agent haar toe: “Wat moet je? Wil je me soms vertellen dat hij geen crimineel was?”

Rodrigo stierf even later in een ambulance op weg naar het ziekenhuis.

Hij droeg volgens de agenten geen wapen. Een van hen, sergeant Sergio Britto, was in afwachting van zijn proces wegens moord; volgens de aanklacht had hij iemand van korte afstand door de nek geschoten.

Volgens officiële cijfers schoten politieagenten in de stad en de gelijknamige deelstaat Rio de Janeiro vorig jaar 1814 mensen dood, een ­record. De dodelijke schietpartijen vonden plaats in een politiek klimaat waarin president Jair Bolsonaro criminelen ‘kakkerlakken’ noemde die het verdienen te worden dood­getrapt. Maar de politie in Rio was al lang voor Bolsonaro’s aantreden berucht om haar wreedheid en corruptie.

In de rug geschoten

Officieel mag een agent alleen dodelijk geweld gebruiken als zijn of haar leven ‘onmiddellijk gevaar’ loopt. Uit onderzoek van The New York Times naar 48 dodelijke schietincidenten met de politie blijkt echter dat in zeker de helft van de gevallen de slachtoffers minstens één maal in de rug werden geschoten. Dat roept vragen op over het gevaar waaraan de agenten blootstonden. Het onderzoek toont ook aan dat agenten op bescherming van hun superieuren kunnen rekenen telkens wanneer ze zonder duidelijke aanleiding mensen doodschieten. Een zeer zeldzame aanklacht wegens moord belet de betrokken agenten niet om gewoon weer op patrouille te gaan.

In 20 van de onderzochte gevallen werd het slachtoffer door minstens drie politiekogels getroffen. Bij de 48 schietincidenten was slechts sprake van twee gewonde agenten; bij een van hen ging iets mis met het afschieten van zijn geweer, de ander struikelde en viel.

Bij een kwart van de dodelijke incidenten was een agent betrokken die eerder was beschuldigd van moord. De helft van die schietpartijen was het werk van agenten die waren beticht van minstens één misdaad. Een agent werd op non-actief gesteld en moest een psychologisch onderzoek ondergaan omdat hij op straat wel erg veel kogels verschoot: binnen een jaar tijd meer dan 600.

De politie blijft ook dit jaar kwistig met het gebruik van munitie, zelfs nu het bestuur van de deelstaat Rio de Janeiro wegens het coronavirus winkels heeft bevolen te sluiten en mensen om thuis te blijven. Recentelijk kwamen op een vrijdag 13 mensen om door politiekogels in een arme wijk van de stad. Geen enkele agent verloor het leven. Veel dodelijke schietpartijen doen zich voor in arme buurten waar drugsbendes de dienst uitmaken.

Van verontwaardiging is onder Brazilianen, die het criminele geweld beu zijn, nauwelijks sprake. Integendeel, want de stijging van het aantal doden onder echte of vermeende criminelen ging gepaard met een daling van de misdaadcijfers in Rio. Burgers zien hierin het bewijs dat president Bolsonaro en Rio’s gouverneur William Witzel, een voormalige rechter, zich aan hun verkiezingsbeloftes houden en keihard optreden tegen criminelen.

Pistool-emoji

Sergio Britto toog tijdens de verkiezingsavond in oktober 2018 met vele anderen naar Bolsonaro’s huis in Rio om de zege te vieren van de lang kansloos geachte oud-legerofficier. ‘Een nieuwe tijd is aangebroken, de tijd van onderdrukking,’ schreef Britto die avond op Facebook met een pistool-emoji, die ook werd gebruikt tijdens Bolsonaro’s verkiezingscampagne.

De 38-jarige Britto trad in 2002 toe tot de militaire politie, die meer dan andere korpsen actief is in de strijd tegen de misdaad. Sinds 2010 was hij betrokken bij ten minste 20 dodelijke schietpartijen, volgens rapporten van de politie een ongebruikelijk hoog aantal.

In september 2016 schoot hij van dichtbij een 20-jarige mogelijke drugsdealer een kogel achter het rechteroor. Aanklagers vonden dat voldoende reden om Britto van de straat te halen en een klein jaar later ging een rechter daarin mee. Britto moest ook zijn wapen inleveren. Maar volgens zijn advocaten had deze plichtsgetrouwe agent uitsluitend gehandeld uit zelfverdediging. Een andere rechter oordeelde dat hij in actieve dienst moest terugkeren.

Bataljon des doods

Begin 2018 patrouilleerde Britto weer met het 41ste bataljon van de militaire politie door wijken als Chapadão, waar Rodrigo dos Santos in maart vorig jaar werd doodgeschoten. Drugshandelaren en bewoners kennen hem onder de bijnaam Papai, Papa, en in gesprekken klinkt angst door voor de schietgrage agent. Hij rea­geerde niet op verzoeken om een interview.

Het 41ste bataljon stond tot voor kort onder leiding van kolonel Vinícius Carvalho, volgens wie in ‘criminele’ buurten nu eenmaal geharde agenten moeten worden ingezet. Het is dan van minder belang dat ze zijn beticht van moord of andere ernstige misdaden.

“Ik stuur liever een koelbloedige en ervaren agent als Sergio Britto naar zulke buurten dan iemand met weinig ervaring,” aldus Carvalho in zijn met talloze schedels gedecoreerde kantoor. Zijn vroegere eenheid is verantwoordelijk voor een gebied met ongeveer een half miljoen mensen en heeft zich sinds de oprichting in 2010 de bijnaam ‘bataljon des doods’ verworven.

Het territorium telt een vijftigtal krotten­wijken, favela’s, waar twee rivaliserende bendes actief zijn, het Rode Commando en het Pure Derde Commando. Ze gaan elkaar nogal eens te lijf over de drugshandel in ‘hun’ buurten.

Drugsdealers betalen vaak agenten om de andere kant op te kijken en bakenen buurten af met barricades van stalen platen en autobanden. De rubberen banden worden in brand gestoken zodra een politiepatrouille aanstalten maakt om met gepantserde wagens de wijk binnen te rijden, wat de opmars aanzienlijk vertraagt.

Sergeant Britto’s bataljon van de militaire politie schreef in 2015 zoveel doden op zijn naam dat het extra aandacht kreeg bij een onderzoek van aanklagers naar dodelijk politiegeweld. Een kleine drie jaar later was in deze eenheid het aantal gevallen van dodelijk geweld met bijna 30 procent gedaald. Maar vorig jaar, met nieuwe politieke leiders die een keiharde aanpak bepleiten, gingen de cijfers weer omhoog. In de deelstaat Rio de Janeiro met 20 procent, in het territorium van het 41ste bataljon met ongeveer 22 procent.

Daar reed kapitein Willians Andrade langs een favela die bekendstaat als Bin Laden, omdat er zo vaak en zo intens wordt gevochten. Volgens Andrade sluiten tieners zich vaak op hun veertiende al aan bij een bende, omdat ze weinig vertrouwen hebben in het onderwijs en de drugshandel beschouwen als een manier om rijk te worden, en om te worden beschermd door hun gang. Andrade: “Geen enkele agent gaat ’s ochtend zijn huis uit met de bedoeling iemand te doden, maar je moet er niet op rekenen dat de criminelen je respecteren.”

Wraak op de politie

In acht analyses van dodelijk politiegeweld werden de slachtoffers in hinderlagen van de politie gelokt, volgens hun familieleden. In alle gevallen betrof het drugscriminelen, zeiden agenten.

Kolonel Carvalho geeft toe dat agenten dergelijke tactieken gebruiken. Hij keurt dat af, maar voegt eraan toe: “Zulke dingen gebeuren nu eenmaal.”

Het is dus niet verwonderlijk dat veel kinderen in de favela’s de politie diep haten, zoals ook blijkt uit graffiti die oproepen om agenten te doden.

Gisele de Souza, woonachtig in ‘Bin Laden’, zegt dat haar 26-jarige zoon Wendell bij McDonalds’s werkte toen hij op weg naar huis bijna werd doodgeschoten door agenten die hem aanzagen voor een overvaller. “Vergeef me, mama, want je hebt me goed opgevoed,” vertelde hij zijn moeder toen hij zich zes jaar geleden aansloot bij een bende. Hij wilde wraak nemen op de politie. Niet veel later schoten agenten hem dood.

© The New York Times
Tekst Manuela Andreoni en Ernesto Londoño
Vertaling René ter Steege

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden