Plus

Hongaarse oppositie in de hoek gezet door regering-Orbán

De regering van de Hongaarse premier Viktor Orbán grijpt de coronacrisis aan om de oppositie in het land aan te vallen.

Gewapende militairen patrouilleren op het Heldenplein, een toeristische attractie in Boedapest.Beeld Reuters

“Deze foto werd vandaag geplaatst op een pro-regeringswebsite,” schreef Katalin Cseh (31), Europarlementariër en lid van de jonge Hongaarse oppositiepartij Momentum, vorige week op Twitter. Op de foto staat Cseh naast Momentum-collega Anna Donáth, houten muurpanelen op de achtergrond. Over hun gezichten heeft iemand rode doelwitten gefotoshopt, alsof er wapens op ze gericht zijn. ‘Vijanden van Hongarije’ staat erboven. De foto werd dezelfde dag nog verwijderd, maar het beeld zegt volgens Cseh veel over het politieke klimaat in Hongarije in crisistijd.

De regering-Orbán lijkt namelijk geen kans aan zich voorbij te laten gaan om ervoor te zorgen dat de oppositie politiek gezien minder sterk uit deze crisis komt dan ze erin ging, slechts een paar maanden na de gemeenteraadsverkiezingen van eind oktober. Tijdens die stembusgang verenigde de normaliter sterk verdeelde oppositie zich voor het eerst, en dat bleek een succesvolle strategie: vijftig van de honderd grootste plaatsen in Hongarije kregen een burgemeester uit de oppositie, waaronder hoofdstad Boedapest.

Tijdens het verkiezingsfeest van Momentum in oktober werd er flink op los gespeculeerd. Als de oppositie de komende twee jaar nou keihard zou werken, zou dit dan ook landelijk kunnen aanslaan? Voor het eerst in jaren leek het niet gehéél ondenkbaar dat Orbáns Fideszpartij misschien wel verslagen kon worden.

En toen kwam de coronacrisis: voor de nieuwe oppositiebestuurders bij uitstek een kans om te laten zien wat ze waard zijn, in de aanloop naar de landelijke verkiezingen van 2022. Maar daar lijkt de regering dus een stokje voor te steken. In de afgelopen weken is een patroon ontstaan waarbinnen de coronacrisis keer op keer als dekmantel gebruikt lijkt te worden voor het ondermijnen van de oppositie, terwijl de regering bij hoog en bij laag beweert dat het om noodzakelijke maatregelen gaat.

Gratis parkeren

Een van de eerste stappen was het overal gratis maken van parkeren. Klinkt leuk, ware het niet dat gemeenten daarmee hun voornaamste bron van inkomsten verliezen. Ook werd bepaald dat de helft van de financiering van politieke partijen voorlopig in een speciaal crisisfonds gestort moet worden. 

En even later werd per decreet bepaald dat de regering ‘speciale economische ­zones’ uit kan roepen, waarvan de belasting­inkomsten overgeheveld worden van de lokale naar de provinciale regeringen, waar Orbáns Fideszpartij meer macht heeft. De Momentum-burgemeester van Göd, vlak bij Boedapest, waar een Samsungfabriek staat, verloor zo een derde van zijn gemeentelijke budget.

Katalin Cseh en Anna Donáth stuurden over die laatste ontwikkeling vorige week een brief naar de Europese Commissie. Als reactie op hun schrijven verscheen de foto met de gefotoshopte doelwitten vorige week op een regerings­gezinde website.

Toon verhardt

Een extreme reactie, maar toch kwam die niet geheel uit de lucht vallen: de toon van de pro-­regeringsmedia werd in de afgelopen weken steeds harder.

Bijvoorbeeld toen de oppositie eind maart tegen de internationaal bekritiseerde noodtoestandwet stemde en een proregeringswebsite daarop kopte met ‘Oppositie kiest kant van het virus’. De boodschap dat de oppositie niet tegen het beleid van deze regering, maar tegen Hongarije als land is, komt sindsdien in verschillende vormen terug. “De oppositie behoort tot een internationaal netwerk dat Hongarije tegenwerkt,” zei Fidesz-parlementsvoorzitter László Kövér in een vorige week gepubliceerd interview.

Cseh denkt dat het om een bewuste strategie gaat. “De regering heeft deze crisissituatie eerst aangegrepen om de eigen macht uit te breiden, toen om het functioneren van oppositieburgemeesters te dwarsbomen, en nu om de oppositie via de media verder te delegitimeren,” zegt ze aan de telefoon. “Het voelt voor ons als wraak voor ons verkiezingssucces.”

Het stemt haar vooral droevig dat de coronacrisis het politieke klimaat in Hongarije juist harder dan ooit heeft gemaakt. “Ik ben bang dat mensen straks niet meer kritisch zullen durven zijn.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden