Door de pandemie is de voor het stadje Hope vitale oliesector op zijn gat komen te liggen.

PlusReportage

Geloof in olie en wapens in Hope, New Mexico: ‘Ik vind het eng om naar de stad te gaan’

Door de pandemie is de voor het stadje Hope vitale oliesector op zijn gat komen te liggen.Beeld Sergio Avellaneda

Is er nog hoop in Amerika? Karlijn van Houwelingen reist in de aanloop naar de verkiezingen dwars door het land, naar plaatsen die Hope heten. Vandaag deel 4: een oliecrisis in Hope, New Mexico.

In Hope, New Mexico, leefde de economie op dankzij nieuwe technieken om olie te winnen. Trump hielp een handje met het schrappen van knellende milieuregels. Corona prikte de werkgelegenheidsbubbel ruw kapot.

Nog niet zo lang geleden stapten geregeld vreemdelingen op Peggy Ballou af. Of er huizen te koop waren in Hope. Te huur dan, misschien? De bloeiende olie-industrie hier in het zuidoosten van New Mexico trok zo veel gelukzoekers uit de rest van het land, dat huisvesting een probleem werd. Wie de astronomische prijzen niet kon opbrengen en wilde wegblijven uit de ‘mannenkampen’ waar toegestroomde oliearbeiders dicht op elkaar wonen in trailers, probeerde het in Hope, een slaperig woestijndorpje op de rand van de olieregio.

Dankzij nieuwe frackingtechnieken is de olieproductie in de regio de hemel ingeschoten. In 2019 werd hier vier keer zo veel naar boven gehaald als tien jaar eerder. Steden in de omgeving barstten uit hun voegen. Ballou woont hier al sinds eind jaren 50, dus als iemand wist of er woonruimte beschikbaar was, was zij het wel. Tot voor kort moest ze steevast ‘nee’ verkopen.

Nu is alles anders. Er is ruimte genoeg – Peggy Ballou kent zes gezinnen die Hope in de afgelopen maanden hebben verlaten. Ontslagen, toen de pandemie de oliesector compleet platlegde. In Texas is nog wel werk, dus ze zijn op zoek naar een baan naar het oosten getrokken. “Mijn vader werkte op de olievelden, mijn broers, mijn man. En dan te zien dat het allemaal weg is. Het is gewoon vreselijk,” vindt Peggy Ballou.

Hope heeft nog zo’n zeventig inwoners over. Sommigen wonen in huizen van betaalbare stalen golfplaten, of stacaravans waar een extra dak overheen is gebouwd. Er is een postkantoor om zelf je post op te halen – een postbode komt hier niet. Hope heeft wel twee kerken, een gemeentehuisje en een brandweerkazerne. Het benzinestation is verlaten, sinds de eigenaar de boel twee jaar geleden sloot. Een dronken tiener heeft het leegstaande winkelpand aan Main Street onlangs aan diggelen gereden met een pick-uptruck.

Verandering, daar houden ze hier niet van, merkte Abram Mendoza (25) toen hij twee jaar geleden op het postkantoor kwam werken. De bewoners moesten aan hem wennen, vertelt hij. Nu zijn ze van slag als hij er niet is en een collega zijn plaats inneemt. Het kost hier tijd om nieuwe postontwikkelingen uit te leggen. “Dan zeggen ze: zoveel jaar geleden hoefde dat niet. Tja, nu wel.”

Op weg naar Hope komen we langs het graf van Billy the Kid, de legendarische rover uit de late 19de eeuw. Hij schijnt zeker negen mensen te hebben gedood, onder meer in vuurgevechten in saloons. Zo ging dat hier in het Wilde Westen. Peggy Ballou heeft oude krantenberichten opgezocht over de moord op de opa van haar man. Opa Ballou werd in de jaren 20 midden op straat doodgeschoten, de dader is nooit gestraft.

Slangen

Wapens zijn nog altijd gemeengoed – Peggy draagt een pistool tijdens haar dagelijkse wandeling, om slangen aan stukken te schieten – en je kunt hier ook nu nog vrij onbekommerd je gang gaan. De regio kent gewapende milities, die soms gehuld in militair groen bij antiracismeprotesten opduiken of hun eigen grenspatrouilles organiseren.

Als de rellen die hij in de rest van het land heeft gezien hier zouden ontstaan, zou het snel ‘lelijk’ worden, voorspelt Gayle Hampton, inwoner van Hope, zestiger en monteur bij een gasbedrijf en daarnaast schietinstructeur. “Want wij plattelanders hebben alle wapens. Wij zijn jagers, schutters. Als ze zoiets hier proberen, wil ik niet zien wat er gebeurt. Ze zouden weleens kunnen schrikken. Maar ik hoop dat het zover nooit komt.”

De oliebubbel onder deze regio, het Permian Basin, zorgde vorig jaar voor de grootste oliegerelateerde vervuiling met broeikasgas methaan ooit in de VS gemeten, volgens onderzoekers van Harvard. De grootste werkgever van dit gebied, de Navajo raffinaderij, stootte in 2018 honderd keer meer kankerverwekkend benzeen uit dan toegestaan. Een burgemeester in de regio verzet zich met hand en tand tegen plannen om nog meer water uit de kurkdroge woestijngrond te gebruiken voor fracking, een omstreden techniek om olie te winnen.

Uitstoot methaan

De regering Trump wil de olie- en gasfirma’s juist de vrije hand geven. Trump schrapte bijvoorbeeld regels voor uitstoot van methaan, dat volgens wetenschappers aanzienlijk bijdraagt aan opwarming van de aarde. Al die regulering vormde in zijn ogen een last voor de bedrijven die grote sommen geld in het laatje brengen.

New Mexico, een van de armere Amerikaanse staten, zwom de afgelopen jaren inderdaad in de dollars. Je ziet het aan de blinkend witte villa’s in de omgeving van Hope. Vorig jaar was zomaar ruim een miljard aan belastinggeld over. Tot de pandemie de vraag naar olie deed instorten. In april ging de olieprijs zelfs even onder nul. Het werd een ramp, voor een staat die de helft van zijn inkomsten uit de olie- en gasindustrie haalt. New Mexico kwam zomaar 2 miljard dollar tekort, en moet snijden in bijvoorbeeld onderwijsbudgetten.

Of ze zich hier zorgen maken om de lege staatskas? Nee hoor, zegt Elena McConnell, buurvrouw van Peggy Ballou en eigenares van een brandbestrijdingsbedrijf. “Dit deel van de staat verdient al het geld, maar het wordt daar in het noorden uitgegeven, dus er verandert niets,” zegt ze over hoofdstad Santa Fe. Daar hebben Democraten sinds 2018 de touwtjes in handen. Ze geven de gouden oliebergen uit aan wat ze hier linkse hobby’s vinden. Deels gratis hoger onderwijs, bijvoorbeeld. “Onze wegen zijn nog steeds ruk. Er was een miljard overschot, maar nu zijn we blut, zonder dat wij er iets van hebben gezien,” schampert McConnell.

Tel daarbij op dat gouverneur Michelle Lujan van olie en gas af wil en plannen maakt om te investeren in schone energie, en de afkeer van de lokale overheid is compleet. Joe Biden is ook geen fan van fossiele brandstoffen, en wil op termijn fracking uitbannen. Trump weet dat het een gehaat standpunt is in gebieden waar veel mensen olie winnen voor de kost, en legt er graag de nadruk op. “De Democraten willen de economie van New Mexico compleet vernietigen,” zei hij vorig jaar tijdens een campagnerally.

Een bloeiende olie- en gasindustrie is goed voor iedereen, vindt Gayle Hampton. “Voor het eerst is de VS energie-onafhankelijk, we produceren meer olie dan we gebruiken. Nu moeten we het weer kunnen exporteren.”

Hij meent dat alternatieve energiebronnen nooit de energie kunnen produceren die we nodig hebben, en maakt zich niet druk om klimaatverandering. De zon, houdt hij vol, is de oorzaak van stijgende temperaturen op aarde. “De zon gaat door cycli, en regelt het weer. We kunnen de aarde niet vernietigen. Ik geloof dat God de controle over alles heeft.”

Zijn hoop voor de toekomst is Trump. Een man die zijn beloftes nakomt, vindt Hampton. Postmedewerker Abram Mendoza is ook van plan voor Trump te kiezen, als de ‘minst slechte uit twee kwaden’. Waarom? “Banen,” zegt hij. “Zonder fracking heeft deze staat geen geld.”

Geweld en rellen

Peggy Ballou zucht eens, als ze bedenkt op wie ze gaat stemmen. Trump dan maar weer? Echt warm loopt ze er niet voor. Maar Joe Biden en zijn running mate Kamala Harris jagen haar angst aan. “Je kan de politie niet afschaffen, we hebben ze nodig. Je kan niet iedereen een gratis opleiding geven – wij moesten ook voor die van ons betalen.” Die vrees klinkt hier vaker – dat onder Biden iedereen z’n hand mag ophouden bij de overheid, terwijl geweld en rellen rond antiracismeprotesten zich verder over het land verspreiden.

“Ik ben liever hier dan waar dan ook, ik vind het eng om naar de stad te gaan, mensen worden er steeds gekker,” zegt Ballou over de uit de hand gelopen protesten die ze op tv heeft gezien. Ze snapt wel waar ze om begonnen – ze werd zelf ook kwaad toen ze een agent minutenlang zijn knie in de nek van George Floyd zag drukken. “Maar die demonstranten moeten hun rug recht houden en met een topfiguur gaan praten, als ze iets gedaan willen krijgen.”

Zo is ze dat zelf van plan. Het drinkwater hier is niet schoon genoeg om veilig te drinken, en in het dorpsbestuur gebeurt niets. Ballou was van plan de dorpsraad om hulp te vragen, maar zag vooral onderling gekonkel en besloot dat het helemaal anders moet. Zonder enige twijfel: “Ik stel me verkiesbaar als burgemeester.”

Project Hope

Correspondent Karlijn van Houwelingen bezoekt Amerikaanse dorpen en steden met de goedgemutste naam Hope om te polsen hoe het is gesteld met het humeur van de Ame­rikanen in aanloop naar de ­presidentsverkiezingen van november. Wat doet het hen, dat uiterst verdelende politieke klimaat, de coronapandemie die maar niet onder controle wordt gebracht, de raciale onrust met beelden van brandende winkels, plunderingen en protesten? Hebben de Amerikanen nog hoop voor de toekomst van hun land? Dit is de vierde halte van Project Hope. 

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden