Achtergrond

Gaat de VS dan eindelijk de Armeense genocide erkennen?

De Amerikaanse president Joe Biden zal zaterdag waarschijnlijk de Armeense genocide erkennen. Dat zou een heel duidelijk signaal aan Turkije zijn: de fluwelen handschoenen gaan uit.

Joe Biden, hier nog vicepresident van de VS, met de Turkse president Recep Tayyip Erdogan in het voorjaar van 2016. Beeld REUTERS
Joe Biden, hier nog vicepresident van de VS, met de Turkse president Recep Tayyip Erdogan in het voorjaar van 2016.Beeld REUTERS

Al drie maanden wacht de Turkse president Recep Tayyip Erdogan op een telefoontje dat maar niet komt. Een belletje van zijn inmiddels niet eens meer zo heel nieuwe Amerikaanse collega, Joe Biden.

Goede kans dat er zaterdag wel een boodschap uit Washington bij Erdogan belandt. Maar die zal dan in het openbaar gebracht worden, niet in een een-op-eengesprek. Want volgens hardnekkige geruchten in Washington zal president Biden de moordpartijen op Armeense burgers in het Ottomaanse Rijk, tijdens en na de Eerste Wereldoorlog, bij de naam noemen die de meeste historici er al langer voor gebruiken: genocide.

Het gebruik van dat woord door een Amerikaanse president zou in Turkije als een bom inslaan. Vandaar ook dat iedereen in de Washingtonse wandelgangen nog een slag om de arm houdt. Het zou kunnen dat Biden het woord te elfder ure inslikt, omdat hij de toch al gespannen relatie met Turkije niet verder op de proef wil stellen.

Want Turkije is, hoe je het wendt of keert, een van de belangrijkste bondgenoten voor de Verenigde Staten. Niet alleen heeft het land, na de VS, veruit het grootste leger in de Navo, het ligt ook bijzonder strategisch ten opzichte van Syrië, Iran, Rusland en Oekraïne.

Geen praktisch nut

Dat strategische belang van Turkije is dan ook de reden dat Amerikaanse presidenten al sinds 1981 het g-woord niet meer over hun lippen hebben gekregen, al hadden George W. Bush en Barack Obama in hun verkiezingscampagnes nog wel beloofd dat ze dat zouden doen. Maar eenmaal president, luisterden ze toch ook naar het advies van hun adviseurs in het Pentagon, die bang waren dat de militaire belangen van de Verenigde Staten eronder zouden lijden.

Dat was ook de waarschuwing die Turkse minister Mevlut Cavasoglu (Buitenlandse Zaken) deze week vanuit Ankara liet klinken. “Termen die geen bindende juridische consequenties hebben, hebben ook geen praktisch nut, maar zullen de betrekkingen wel schaden,” zei hij. “Als de VS de betrekkingen willen verslechteren, is dat hun keuze.”

De reden dat Biden er toch serieus over denkt de term genocide te gebruiken, is niet alleen gelegen in het feit dat hij de mensenrechten tot speerpunt van zijn buitenlandbeleid heeft gemaakt, al zal dat zeker meespelen. Ook de behandeling van de Oeigoeren door China is door de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Antony Blinken, eerder als ‘genocide’ bestempeld.

Zeker zo belangrijk lijkt de inschatting van de Amerikaanse regering dat de politiek van de fluwelen handschoenen Turkije alleen maar roekelozer heeft gemaakt. Al jaren ergeren Navo-bondgenoten, met Amerika voorop, zich aan de soloacties van Turkije. Zo viel Turkije in Syrië de Koerden aan, die de Amerikanen juist hielpen bij het bestrijden van IS. Onlangs mengde het land zich in het conflict om Nagorno-Karabach. En de afgelopen jaren zocht Turkije bovendien toenadering tot Rusland. Dat leidde uiteindelijk in 2019 zelfs tot de aanschaf van een Russisch raketafweersysteem, tot grote woede van de VS.

Afbestellen raketafweersysteem

Biden speculeert nu dat Turkije de VS uiteindelijk net zo hard nodig heeft als andersom. “Uiteindelijk wil Turkije niet op Rusland hoeven vertrouwen,” zei hij al in 2019. Hij draait de redenering van zijn voorgangers dus om: laat Turkije ons maar eens tegemoetkomen, in plaats van andersom en daarna zien we wel of Erdogan nog een belletje krijgt.

De belangrijkste Amerikaanse wens: het afbestellen van dat raketafweersysteem. Maar die bestelling is een ‘gedane zaak’, liet Cavasoglu zijn Amerikaanse collega Blinken vorige maand nog weten. Als Biden die onvermurwbaarheid nu beantwoordt met het g-woord, dan is de onderliggende boodschap aan Ankara daarbij ook: de tijd van accommoderen en stroop smeren is voorbij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden