PlusWereldstad

Een vrouwvriendelijkere stad? In Wenen weten ze hoe het moet

CopaBeach in Wenen, de stad waar het integreren van gendergelijkheid in dagelijks beleid staande praktijk is. Dat uit zich onder andere in vrij zicht op voetpaden in parken. Beeld Mauritius Images GmbH/ANP
CopaBeach in Wenen, de stad waar het integreren van gendergelijkheid in dagelijks beleid staande praktijk is. Dat uit zich onder andere in vrij zicht op voetpaden in parken.Beeld Mauritius Images GmbH/ANP

Bij de inrichting van Wenen wordt al decennia expliciet rekening gehouden met vrouwen. Het maakt de stad niet alleen prettiger om te wonen, maar ook veiliger. Wat is de Weense aanpak? En hoe gaat het in Amsterdam?

Sam de Graaff

Adequate straatverlichting. Bredere stoepen met meer ruimte voor voetgangers. Vrij zicht op voetpaden in parken, geen donkere hoekjes of bosjes vlak langs wandelroutes. Voldoende openbare toiletten.

Stedenbouwkundige Eva Kail lacht. Inderdaad, zegt ze telefonisch vanuit Wenen, het klinkt allemaal heel logisch. Maar in veel steden is het dat niet. Wel in de Oostenrijkse hoofdstad, waar bij het inrichten van de stad consequent een vrouwelijk perspectief wordt meegenomen – en dat al decennialang.

Wenen was niet alleen een van de eerste steden waar dat gebeurde, maar kent ook een grondige aanpak. Want ‘gender mainstreaming’, het integreren van gendergelijkheid in dagelijks beleid, is er staande praktijk. Binnen de gemeente houden meerdere afdelingen zich ermee bezig.

Frauen-Werk-Stadt

Het heeft van Wenen een voorbeeldstad gemaakt, en van Kail een icoon in haar vakgebied. Voor Wenen en Kail, de genderplanningexpert van de gemeente, begon het in 1991. Kail organiseerde een tentoonstelling over het dagelijks leven van acht totaal verschillende vrouwen. Het maakte inzichtelijk hoe zij de stad gebruiken – en waar ze tegenaan liepen.

Voor de tentoonstelling deden Kail en haar collega’s ook onderzoek naar het weggebruik van mannen en vrouwen. “Ongeveer twee derde van de automobilisten was man, twee derde van de voetgangers vrouw,” zegt Kail. De stad bleek vooral ingericht op de noden van werkenden. Vooral mannen, zeker toen. “Planologen, vaak mannen, hadden amper aandacht voor die tweede groep.”

Er kwam een zogeheten Frauenbüro, in 1992, met Kail aan het hoofd. Later gaf ze leiding aan een speciale planningseenheid. Kail hamert op het belang van proefprojecten. Daarmee kan worden bepaald wat werkt en wat niet. Tientallen zijn er inmiddels uitgevoerd, waaronder Frauen-Werk-Stadt. Een wooncomplex, ontworpen door vrouwelijke architecten, waarin onder andere het principe van eyes on the street is verwerkt: het idee dat woonkamers en keukens als sociale controle uitkijken op straat. Een extra paar ogen.

Seksuele intimidatie tegengaan

Gender mainstreaming in stadsplanning kan de stad naast prettiger namelijk ook veiliger maken voor vrouwen. Kail benadrukt dat naast de inrichting van de openbare ruimte ook andere factoren een rol spelen, zoals het sociale klimaat, gedragscodes en opvoeding. Maar het kan zeker helpen, dus ook in Amsterdam.

En dat is niet overbodig: begin deze maand bleek uit een CBS-rapport dat in de vier grote steden in Nederland 77 procent van de vrouwen tussen de 12 en 25 jaar oud wordt lastiggevallen op straat. Socioloog Mischa Dekker, die is gepromoveerd op straatintimidatie, benadrukt dat er ook – of zelfs vooral – naar daders moet worden gekeken, bijvoorbeeld via voorlichting. De inrichting van de stad kan echter wel degelijk een rol spelen, zegt ook hij.

“Er zijn allerlei blinde vlekken bij de inrichting van steden,” vertelt Dekker. “In Parijs en Amsterdam heb ik meegelopen met buurtschouwen. We liepen door de wijk om te kijken wat er anders kan. Het gaat erom dat je de wijk bekijkt door de ogen van anderen, in mijn geval lhbtq’s.”

Ook andere groepen

Gender mainstreaming gaat namelijk niet alleen over vrouwen, zegt Kail. Het gaat over het bieden van gelijke kansen – aan iedereen. Ze geeft het voorbeeld van een voetbalkooi. Hoge hekken, veel metaal. Niet erg aantrekkelijk voor vrouwen, maar ook niet voor jonge kinderen. “Als de oudere kinderen komen, worden ze er meteen uitgegooid.”

Daarom worden de sportplekken anders ingericht. Opener. Op zich een kleine aanpassing. Maar al die kleine aanpassingen samen maken de stad voor meer mensen een fijne plek om te wonen.

Ook Amsterdam zit niet stil. Wethouder Marieke van Doorninck (Ruimtelijke Ordening) wilde bij het opstellen voor de Omgevingsvisie 2050 – een soort toekomstplan voor Amsterdam – ruimte bieden voor een vrouwelijke blik. Uit dat streven ontstond WomenMakeTheCity, een beweging die sinds 2019 meedenkt bij allerlei Amsterdamse gebiedsontwikkelingsprojecten.

Vrouwelijke blik

Dat gaat – net als in Wenen – om meer dan vrouwen alleen, vertelt Marthe Singelenberg. Ze is oprichter en directeur van WomenMakeTheCity. “Ons perspectief is intersectioneel. We houden rekening met alle factoren die kansen in de samenleving bepalen. Dat kan gender zijn, of afkomst, maar ook fysieke gesteldheid. Een hoogopgeleide witte vrouw kan meer kansen hebben dan een zwarte man in een rolstoel.”

WomenMakeTheCity stelde voor de omgevingsvisie tien adviezen op. Die variëren van betere ov-verbindingen tussen stadsdelen tot het creëren van vrij toegankelijke ontmoetingsplekken. Het lijkt sterk op het Weense beleid, al is er een belangrijk verschil: in Amsterdam geldt gender mainstreaming – of iets soortgelijks – niet als overkoepelende norm binnen de stadsplanning.

“We werken wel aan een handboek voor inclusieve stedelijke ontwikkeling,” zegt Singelenberg. “Daarin sluiten we mannen niet uit, zeker niet. We willen een vrouwelijke blik toevoegen. Meer vanuit de leefwereld van de bewoners, minder vanuit de stenen.”

Serie

Er is geen stad als Amsterdam, maar veel zaken waar wij ons druk om maken, spelen ook elders in de wereld. In de serie Wereldstad onderzoeken we hoe andere steden daarmee omgaan.

Steeds meer steden maken beleid

Berlijn, Kopenhagen, Brussel – ook andere Europese steden kijken naar de rol van gender in stadsplanning. Een bekend voorbeeld is Barcelona, waar burgemeester Ada Colau zich sinds haar benoeming in 2015 nadrukkelijk bezighoudt met het onderwerp. Er kwam een speciale afdeling en een handboek voor ‘stadsplanning voor het alledaagse leven’ – iets soortgelijks als waar Vrouwen Maken De Stad aan werkt, en wat ook in Wenen bestaat.

Typisch voor Barcelona is bovendien de bouw van zogeheten superblocks: een verzameling woonblokken waarvan de omgeving zo veel mogelijk autoluw is gemaakt.

In Stockholm werd besloten tot ‘gendersenstitief sneeuwruimen’. Voetpaden naar de kinderopvang werden bijvoorbeeld eerder aangepakt, net als wandelroutes naar bushaltes en fietspaden – routes die volgens de statistieken vaker door vrouwen worden gebruikt. Voor die beleidswijziging werden autowegen naar het centrum als eerst schoongeveegd.

Het Zweedse beleid werd flink op de hak genomen, zeker toen automobilisten bij een grote sneeuwstorm vast kwamen te staan. Kritiek komt vaker voor bij dergelijk feministisch beleid – zeker vanuit conservatieve hoek. Maar het sneeuwruimen vergemakkelijkte niet alleen de ochtendwandeling van de voetgangers, het bespaarde ook geld: uiteindelijk vinden in de sneeuw meer ongelukken plaats met voetgangers en fietsers dan met automobilisten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden