PlusAchtergrond

De Tweede Kamer heeft lot van jezidi’s als genocide erkend, maar wat nu?

Zeven jaar geleden gebeurde iets wat nooit meer mocht gebeuren: de massamoord op een volk. Onlangs erkende de Tweede Kamer dat het lot van de jezidi’s in Irak inderdaad genocide is geweest. Maar hoe nu verder?

Duizenden jezidivrouwen en -kinderen die niet konden vluchten werden door IS gevangen genomen en mishandeld. Beeld REUTERS
Duizenden jezidivrouwen en -kinderen die niet konden vluchten werden door IS gevangen genomen en mishandeld.Beeld REUTERS

‘We zijn Nederland dankbaar dat het parlement erkent dat wat ons volk overkomen is, genocide is geweest. Maar nu vragen we Nederland ook om degenen die verantwoordelijk zijn voor die genocide, te vervolgen,’ appt Layla Taloo vanuit een vluchtelingenkamp bij de Iraakse stad Duhok. “Breng hen voor de rechter en geef ons, de jezidi’s, gerechtigheid.”

Nóóit meer Auschwitz, zei de wereld na de genocide op de Joden in de Tweede Wereldoorlog. Nóóit meer Srebrenica, zei de wereld na de genocide op zevenduizend moslimmannen in 1995. En toch gebeurde het wéér.

Op 3 augustus 2014, zeven jaar geleden, bestormden bataljons van terreurgroep Islamitische Staat (IS) de dorpen van het jezidivolk in Noord-Irak. Tienduizenden jezidi’s, een religieuze minderheid die door IS als ongelovigen worden gezien, vluchtten de berg Sinjar op. Duizenden mannen die niet konden ontkomen, werden vermoord en in massagraven gegooid. Duizenden vrouwen en kinderen werden gevangengenomen en als slaven meegevoerd naar het kalifaat. Jarenlang werden ze (seksueel) misbruikt door IS-strijders en hun vrouwen. Ze werden vernederd, verhandeld en soms vermoord.

De val van het kalifaat

Na de val van het kalifaat kwamen de getuigenissen van de vrouwen en kinderen die terugkeerden uit de jihadistische hel. Ook Layla Taloo deed haar verhaal in Het Parool, over de acht keer dat ze werd doorverkocht, door de ene IS-terrorist aan de andere. Over hoe een Nederlandse vrouw haar behandelde als een slavin. In 2017 ontsnapt ze uit het kalifaat. Haar man blijkt in 2014 al te zijn vermoord, ook zeventien andere familieleden zijn omgekomen. Haar huis is verwoest. Na zeven jaar woont ze nog steeds in een vluchtelingenkamp.

Vluchtende jezidi’s in de achterbak van een auto in 2014 in de buurt van de Syrisch-Iraakse grens.  Beeld REUTERS
Vluchtende jezidi’s in de achterbak van een auto in 2014 in de buurt van de Syrisch-Iraakse grens.Beeld REUTERS

Dat wat nooit meer mocht gebeuren, en toch wéér gebeurde, werd twee weken geleden door de Nederlandse Tweede Kamer per motie officieel erkend als genocide: volkerenmoord. De Verenigde Naties en de Europese Unie deden dat al eerder. Maar wat zegt dat ene woord? En blijft het daarbij?

“Het gevaar van het erkennen van genocide is dat het stempel daarmee is gezet en er niets meer gebeurt. Maar het geeft je ook de morele verplichting te erkennen dat de jezidi’s nog steeds heel slecht worden opgevangen in Irak en dat ze ook nog niet terug kunnen naar hun eigen gebied,” zegt Tineke Ceelen van Stichting Vluchteling, die al jaren noodhulp biedt in de regio. “De hulpverlening schiet enorm tekort. Duizenden jezidi’s wonen in tenten en hebben geen toekomst. Nederland zou nu stap twee moeten zetten: hun de middelen geven om daar een nieuw bestaan op te bouwen. En een aantal jezidifamilies in Nederland opnemen.”

Waarom die steun er vanuit de internationale gemeenschap nog relatief weinig is? Omdat de meeste mensen het verhaal niet kennen, denkt Ugur Üngör, hoogleraar holocaust- en genocidestudies aan de Universiteit van Amsterdam. “Iedereen in Nederland kent het verhaal van Laura H., die als Syriëganger naar het IS-kalifaat ging, maar niemand kent de vrouwen die door IS tot slaaf werden gemaakt,” zegt Üngör. “We moeten juist hun verhalen vertellen. Laat de slachtoffers de beeldvorming bepalen.”

De Nederlandse Pari Ibrahim van hulporganisatie Free Yezidi Foundation herinnert zich nog goed hoe ze in augustus 2014 voor het gebouw van de Tweede Kamer stond. “Ik bleef maar schreeuwen: ‘Stop de genocide’. Niemand luisterde. Nu zijn we zeven jaar verder en wordt de genocide eindelijk erkend,” vertelt ze. “Waarom? Waarschijnlijk omdat IS-vrouwen nu terugkomen uit Syrië en Nederland op deze manier wil laten zien wie de echte slachtoffers zijn. Jezidi’s worden alleen genoemd als het wéér over IS-vrouwen gaat.’’

Uitzichtloos

Als een genocide wordt erkend, dan betekent het eigenlijk dat je te laat bent geweest met ingrijpen, voegt ze toe. “Je hebt niet kunnen voldoen aan het VN-verdrag van 1948 om genocide te voorkomen.” Ibrahim hoopt nu op meer hulp en gerechtigheid. “Jezidi’s wonen al zeven jaar in kampen. Er is amper werk, geen vooruitzicht op terugkeer naar Sinjar – waar alles in puin ligt – en heel veel armoede. Het is een uitzichtloos leven en als gevolg hiervan plegen steeds meer mensen zelfmoord. Vooral de jeugd heeft het zwaar.”

Op 3 augustus 2014, zeven jaar geleden, bestormden bataljons van terreurgroep Islamitische Staat (IS) de dorpen van het jezidivolk in Noord-Irak. Beeld Getty Images
Op 3 augustus 2014, zeven jaar geleden, bestormden bataljons van terreurgroep Islamitische Staat (IS) de dorpen van het jezidivolk in Noord-Irak.Beeld Getty Images

Ibrahim hoopt dat IS-strijders en hun vrouwen in de toekomst ‘beter berecht worden’. Dat Nederland niet kiest voor een algemene veroordeling voor terrorisme, maar op zoek gaat naar bewijsmateriaal voor genocide, slavernij en verkrachting. Zoals dat in Duitsland inmiddels een enkele keer is gebeurd. “Honderden Nederlandse burgers sloten zich in Irak en Syrië aan bij een terreurorganisatie die genocide pleegde. De vraag is nu welke vervolgstappen Nederland gaat ondernemen om de slachtoffers gerechtigheid te brengen.”

Door de erkenning van de genocide kan de strafeis tegen naar Nederland teruggekeerde IS’ers hoger uitvallen. Maar dan moet wel bewezen worden dat de verdachten een link hebben met die genocide. “Stel dat in een conflictgebied een man een vrouw vermoordt, dan kun je oorlogsmisdrijven vermoeden. Maar je moet wel bewijzen dat het echt met de oorlog te maken had, en bijvoorbeeld niet enkel onder invloed van drank gebeurde,” legt Simon Minks uit, advocaat-generaal bij het Gerechtshof Den Haag en gespecialiseerd in het vervolgen van internationale misdrijven.

Minks ziet de genocide-erkenning vooral als start voor een ‘stevige juridische discussie’ over wat de jezidi’s is aangedaan. “Het is de misdaad der misdaden, een ergere bestaat niet. Dat de Tweede Kamer de slachtoffers dat stukje erkenning geeft, is erg belangrijk.”

Jezidi’s wereldwijd hopen al jaren op erkenning of bijval van een internationaal tribunaal.  Beeld REUTERS
Jezidi’s wereldwijd hopen al jaren op erkenning of bijval van een internationaal tribunaal.Beeld REUTERS

Maar, waarschuwt Minks de jezidi’s: verwacht er ook niet te veel van. “Genocide-erkenning heeft pas echt juridische waarde als de Veiligheidsraad, het Internationaal Strafhof of een internationaal tribunaal die erkennen. Bovendien is de motie tot nu toe alleen aangenomen door ons parlement. Als de regering die overneemt, wordt verwacht dat je als land meer actie onderneemt.”

Tribunaal

Jezidi’s wereldwijd hopen al jaren op erkenning of bijval van een internationaal tribunaal. Tot nu toe liepen alle pogingen daartoe spaak: het Internationaal Strafhof in Den Haag grijpt alleen in als landen zelf niet kunnen berechten en in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties ligt Rusland (een bondgenoot van de Syrische president Assad) dwars. Maar met het aantreden van de nieuwe hoofdaanklager van het Strafhof, Karim Khan, gloort ook hoop, zegt Minks. “Als hoofd van een speciaal VN-onderzoeksteam naar de misdaden van IS sprak hij eerder over een genocide. Met hem als hoofdaanklager is het best mogelijk dat er alsnog naar mogelijkheden wordt gezocht om nader onderzoek te doen.”

Maar ook al komt er een IS-tribunaal: hoe kun je aan dit leed ooit recht doen? vraagt Tweede Kamerlid Anne Kuik (CDA) zich af. Zij was het die de motie indiende waarmee het parlement de genocide erkende. “Wat jezidi’s hebben meegemaakt, is onmenselijk wreed’” zegt ze. “Bij de voorbereiding van het debat over de terugkeer van een Nederlandse IS-vrouw, merkte ik dat de aandacht erg gericht was op de daders. Die hebben advocaten om voor hen te spreken, mensen die vermoord zijn kunnen hun stem niet meer laten horen en daar hebben wij als volksvertegenwoordigers in mijn ogen een plicht. Hun verhalen moeten worden doorgegeven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden