Het Stalinmuseum trok vorig jaar 162.000 bezoekers naar het kleine Gori.

Plus Achtergrond

De erfenis van een monster

Het Stalinmuseum trok vorig jaar 162.000 bezoekers naar het kleine Gori. Beeld AFP

Georgië worstelt met de nalatenschap van Jozef Stalin. Hij zorgt nog altijd voor hevige emoties in zijn geboorteland, maar werkt ook als een magneet op toeristen.

De gids in het Stalin Museum in het Georgische stadje Gori, waar de vroegere Sovjetleider werd geboren, vertelt bezoekers het ene amusante weetje na het andere.

Zo kon Jozef Stalin goed zingen. Hij schreef gedichten. Tijdens zijn bewind werden 9000 staatsbedrijven gesticht. Een van zijn kleindochters bestiert nu een winkel in de Amerikaanse stad Portland, in de staat Oregon. Stalin kreeg talloze giften van aanbiddende burgers. Daarvan zijn er in het museum heel wat te zien. Een luxe bontjas in een glazen uitstalkast geldt als het pronkstuk. “Stalin kreeg die jas van een kledingbedrijf in Moskou,” vertelt de gids, een oudere vrouw met paarse highlights in het haar. “Maar Stalin heeft die jas nooit gedragen, het was zijn stijl niet,” zegt ze met een zwaar Georgisch accent.

Het museum ging in 1957 open, vier jaar na Stalins dood. Het is gebouwd in de sobere socialistisch-klassieke stijl en volgepropt met schilderijen, foto’s en persoonlijke zaken. Links van de ingang staat de treincoupé waarmee Stalin in de zomer van 1945 naar de conferentie van Potsdam reed. De gordijnen stammen nog uit die tijd, maar het kogelvrije glas werd al lang geleden vervangen.

Overal in het museum hangt een sfeer van bewondering waarin het pakkende verhaal wordt verteld van de jongen van arme afkomst die geen gemakkelijk leven had voordat hij, na talloze verblijven in tsaristische gevangenissen, de toppen van de macht bereikte. Op de vloeren liggen rode tapijten. Stalins dodenmasker rust op een marmeren sokkel, zoals een geliefd leider betaamt.

Schoenmakerszoon

Het kleine Georgië ligt ingeklemd tussen Rusland en Turkije. Het kan bogen op een rijke culinaire geschiedenis en schitterende landschappen, maar niet op wereldvermaarde toeristische attracties. Of het zou, niet tot ieders genoegen, dit eerbetoon moeten zijn aan de Georgiër die in 1878 werd geboren als Ioseb Besarionis dze Jughasvili. De zoon van een schoenmaker zou uitgroeien tot een van de grootste misdadigers die de mensheid heeft gekend.

Het stelt Georgische functionarissen voor een dilemma. Hoe de marketing te verzorgen voor een lang geleden overleden landgenoot die elders in de wereld geldt als een monster?

Misschien ligt het antwoord deels besloten in wat er ontbreekt aan de rondleiding in het museum. Zo vind je er geen verwijzing naar de Goelag, het stelsel van slavenkampen en gevangenissen waar meer dan een miljoen mensen om het leven kwamen. Ook zoekt de bezoeker vergeefs naar informatie over de Grote Terreur, Stalins campagne van zuiveringen en executies in de jaren 30.

Een moeizaam bevochten succes

Wel is er een vluchtige verwijzing naar de collectivisatie van boerderijen in de Sovjet-Unie, die uitliep op de hongerdood van naar schatting 4 miljoen Oekraïners. Maar wie daar nooit van gehoord heeft, zou in het museum de indruk kunnen krijgen dat hier sprake was van een moeizaam bevochten succes, met hier en daar wat betreurenswaardige fouten. De gids, die met snelle passen van de ene naar de andere uitstalling loopt, zegt: “Tijdens de collectivisatie werden in de Sovjet-Unie veel fouten gemaakt. Toch wisten ze die collectieve boerderijen van de grond te krijgen.”

De Georgische worsteling met Stalin en zijn nalatenschap leidt soms tot tenenkrommende resultaten. Zo opperde in 2013 de directeur van het nationale bureau voor toerisme dat Georgië zich zou moeten richten op Chinezen, ’net als’ Israël lang deed met christenen. Deze Giorgi Sigua verklaarde: “We kunnen van Stalin een product maken dat we verkopen op de Chinese markt, net als de Joden Jezus Christus verkopen.” Een jaar later werd hij ontslagen.

Georgië probeert niet langer een soort Stalin-toerisme van de grond te krijgen, maar vooral op Chinezen en Russen werkt de geboorteplaats van de dictator als een magneet. Vorig jaar bezochten ongeveer 162.000 mensen het Stalin Museum, volgens Taia Chubnidze van het VVV-kantoor in Gori. “Dat is meer dan welk museum in Georgië ook,” zei ze stralend. Het was niet mogelijk die bewering op juistheid te controleren, want het ministerie van Toerisme weigert elke vraag te beantwoorden over aantallen bezoekers die speciaal voor Stalin naar dit stadje in Georgië reizen.

‘Hij was een genie’

Die gevoeligheid is begrijpelijk. Stalin staat nog steeds garant voor hevige emoties in het land waar hij zijn jeugd doorbracht. Een van die gevoelens is eerbied. Dat geldt zeker voor Gori, waar velen, vooral ouderen, hem beschouwen als een heldhaftig figuur die de nazi’s versloeg en een imperium opbouwde. “Hij was een eenvoudig man die uitgroeide tot de leider van een geweldige natie,” zegt Mera B’chatadze, een 70-jarige gepensioneerde bouwvakker, zittend op een bank in het park naast het Stalin Museum. Een vriend, Givi Lursmanashivi, voegt daaraan toe: “Hij was een genie.”

Veel jongere Georgiërs vinden zulke standpunten verontrustend, en getuigend van een door oogkleppen vervormde kijk op de geschiedenis. Ze wijzen erop dat Stalin niet bepaald warme gevoelens koesterde jegens zijn geboorteland, waar zijn terreur tientallen jaren aanhield. Meer dan 400.000 Georgiërs werden gedeporteerd, de meesten van hen eindigden hun leven voor een vuurpeloton. De Britse historicus Simon Sebag Montefiore: “Het lijkt aannemelijk dat gedurende de terreur in de jaren 30 in verhouding tot de omvang van het land meer Georgiërs werden geëxecuteerd dan inwoners van andere republieken.” Sebag Montefiore, de auteur van het wereldwijd succesvolle boek Stalins Jeugdjaren: “Waarschijnlijk is er een verband tussen die hoge aantallen en het feit dat hij de Georgische leiders goed kende.”

Decennia nadat het Sovjet-juk werd afgeschud, is Rusland hier nog op een dreigende manier aanwezig. In 2008, tijdens een korte en rampzalige oorlog, was Gori een van de steden die door het Russisch leger werden bestookt en bezet. Sindsdien is zo’n 20 procent van het Georgische grondgebied, maar niet Gori, in Russische handen.

Het kan veel van Gori’s inwoners kennelijk niet schelen. Stalin staat garant voor veel inkomsten. Dankzij buitenlandse bewonderaars of geïnteresseerden die hier relatief veel lari, de Georgische munt, spenderen.

De Georgische toost

De straat tegenover de ingang van het Stalin Museum telt veel winkels met een ruime keuze aan Stalinsouvenirs: zoals de onvermijdelijke borden, koffiemokken, minibustes, tassen, presse-papiers, pennen, glazen, pijpen, aanstekers, heupflacons en wat niet al.

Misschien belangrijker dan het financiële aspect is de wijdverbreide overtuiging in Georgië dat Stalin helemaal geen communist was. Hij deed maar alsof. In werkelijkheid was hij in het geheim een Georgische nationalist. Voor die opvatting bestaan overigens geen bewijzen.

“Veel mensen hier zullen je vertellen dat er een kruisbeeld hing in Stalins woning, wat zou betekenen dat hij een christen was,” zegt Nutsa Batiashvili, hoogleraar aan de Vrije Universiteit van Tbilisi. Ze heeft veel geschreven over de rol van Stalin in het collectieve Georgische geheugen.

“Ze zeggen dat dankzij hem de Georgische keuken belangrijk werd in het Kremlin, en dat de Georgische manier van een toost uitbrengen er tot de etiquette behoorde,” voegt ze eraan toe. “Ik weet hoe vreemd dat allemaal klinkt, want niemand kan met zekerheid zeggen of Stalin echt iets heeft gedaan waar Georgië profijt van had.”

Gori’s genegenheid voor Stalin zorgt soms voor nieuws dat de wereldpers haalt. Zo verwijderde de regering in 2010 een imposant standbeeld van Stalin uit het centrum van het stadje, aan de Stalinlaan. In mei vierde Rusland de overwinning in de Tweede Wereldoorlog, 74 jaar geleden. In Georgië eisten activisten toen dat het standbeeld zijn oude plek moest terugkrijgen. De regering reageerde niet. Zoals Gori in feite de eis van de regering in Tbilisi heeft genegeerd om de heiligenverering in het Stalin Museum wat te temperen. In 2012 kondigde de minister van Cultuur aan dat de tentoonstellingen zodanig zouden worden veranderd dat er ook aandacht komt voor de slachtoffers. Was dat eenmaal bereikt, dan zou het museum de ‘objectieve waarheid’ over het stalinisme tonen.

Het kwam er nooit van. Wel richtte het museum een zaaltje in met een tafel waaraan ooit arrestanten zaten die tot bekentenissen werden gedwongen. De zaal bevat ook een reproductie van een gevangeniscel. Het is een bescheiden, halfbakken toevoeging. Belangrijker: bij de rondleiding slaat de gids dit gedeelte gewoon over.

Dus liet de gids met de paarse haren laatst een groepje Europese toeristen achter in een staat van licht geamuseerde verwarring: “Dank voor uw bezoek, veel geluk verder.” Dat ergerde een Duitse bezoeker, Jochen Dieckmann. Hij schudde zijn hoofd, alsof hij het niet kon geloven. Dieckmann: “Hij is hier een held! Georgië telt beroemde schrijvers op wie iedereen erg trots is. Het lijkt alsof die bewonderaars niet begrijpen dat Stalin ze allemaal naar de Goelag stuurde, hun dood tegemoet.”

© The New York Times
Vertaling René ter Steege

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden