Armenië, een land om vooral te verlaten

Toeval of niet, in de ophef rond het kinderpardon spelen de laatste tijd vaak Armeense gezinnen een rol. Zeker is dat er al decennia een grote uittocht gaande is vanuit Armenië.

→ SPELENDE KINDEREN BIJ EEN SCHOOL OP HET ARMEENSE PLATTELAND. HET LAND KAMPT AL SINDS HET UITEENVALLEN VAN DE SOVJET-UNIE MET EEN GROTE UITTOCHT. Beeld KAREN MINASYAN/AFP

De emigratie tot staan brengen en vertrokken Armeniërs weer terughalen naar hun land: het is een diep gekoesterde wens van iedere Armeense leider, en de huidige premier Nikol Pasjinjan is geen uitzondering. 

Vorig jaar kwam de toenmalige oppositievoorman aan de macht na weken van grootschalige protesten in de hoofdstad Jerevan. Na zijn eerste honderd dagen in het zadel meldde Pasjinjan trots dat er in die periode meer Armeniërs het land waren binnengekomen dan er waren vertrokken. De premier noemde het zijn belangrijkste verdienste.

Armenië heeft een ministerie voor de Diaspora en dat meldde onlangs dat sinds de machtswisseling van vorig jaar 450 geëmigreerde gezinnen naar Armenië zijn teruggekeerd.

Voor de kleine voormalige Sovjetrepubliek in de Kaukasus is emigratie een kernprobleem sinds het in 1991 onafhankelijk werd. Een economische crisis werd destijds versterkt door de bloedige oorlog met buurland Azerbeidzjan, om de overwegend door Armeniërs bewoonde Azerische regio Nagorno-Karabach. 

Azerbeidzjaans bondgenoot Turkije stelde een blokkade in tegen Armenië en verbrak de diplomatieke contacten met het land. De situatie verslechterde door onrust in de Georgische provincies Abchazië en Zuid-Ossetië, die zich met steun van Rusland afscheidden. Armenië verloor daardoor landverbindingen met Rusland die door het buurland voerden.

Aderlating voor de economie

Oorlog, armoede en uitzichtloosheid hebben na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie een exodus in gang gezet die meer dan twee decennia heeft geduurd. Naar schatting een miljoen Armeniërs hebben hun land sinds 1991 verlaten, het leeuwendeel daarvan in de eerste tien jaar na de onafhankelijkheid. Sindsdien heeft Armenië een kwart van de bevolking verloren.

Die uittocht was een aderlating voor de economie, omdat het vaak jongere, beter opgeleide en ondernemende mensen waren die de wijk namen. De overgrote meerderheid vertrok naar Rusland en Oekraïne, maar vele tienduizenden vonden hun weg naar West-Europa, waaronder Nederland.

De Armeense diaspora was al groot en sinds de Armeense genocide in de Eerste Wereldoorlog wonen er meer Armeniërs in het buitenland dan in Armenië. Wereldwijd zijn er op dit moment naar schatting elf miljoen Armeniërs, van wie er amper drie miljoen in het bergstaatje zo groot als België wonen. Die cijfers zijn overigens niet onomstreden.

Tijdelijk

Naast de echte emigranten zijn er ook talloze Armeniërs die tijdelijk in het buitenland verblijven en van daaruit geld sturen naar achtergebleven familie, hoewel ze formeel niet zijn geëmigreerd. Armoede en hoge werkloosheid, vooral op het platteland, zijn veruit de belangrijkste drijfveren voor vertrek. Meer dan een derde van de Armeniërs leeft onder de armoedegrens, een percentage dat al jaren nauwelijks verandert.

Politieke repressie speelt een rol in de marge, maar is al lang geen primaire beweegreden voor emigratie meer. Net als andere ex-Sovjetstaten was Armenië de afgelopen decennia het toneel van gewelddadig politieoptreden, geweld tegen journalisten, corruptie, partijdige rechtspraak, willekeurige arrestaties en het gevangen zetten van oppositieleden (onder wie de huidige premier) en marteling in gevangenissen. Geweld tegen seksuele minderheden is een structureel probleem.

Hoopvol teken

Tegelijkertijd kent het land vergeleken met veel andere voormalige sovjetrepublieken een grote persvrijheid, zeker sinds de omwenteling van vorig jaar, en zijn straatdemonstraties allang een normaal ingrediënt van het politieke leven.

Na de machtswisseling in het voorjaar van 2018 zijn verschillende politieke gevangenen vrijgelaten. Eind vorig jaar kondigde het parlement een amnestie af en kwamen nog eens honderden mensen vrij, onder hen ook enkele oppositieleden die eerder verdacht werden van een staatsgreep.

Internationale mensenrechtenorganisaties, zoals Amnesty International en Human Rights Watch, noemen de recente veranderingen een hoopvol teken en een zeldzame kans de noodzakelijke hervormingen uit te voeren. 

Maar er blijft ook twijfel, onder meer omdat een gerechtelijk onderzoek naar politiegeweld bij een demonstratie in 2016 onlangs zonder duidelijke reden door de autoriteiten werd gestaakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden