PlusAchtergrond

Altijd gevolgd door camera’s: in China is dat heel normaal

Verkeersovertreders worden op een groot scherm getoond in de stad Xiangyang.Beeld Visual China Group via Getty Images

Identificatie via gezichtsherkenning door de overheid is in China al normaal. Nu bedrijven dezelfde techniek inzetten, ontstaat er discussie: wat gebeurt er met de informatie?

De driejarige kijkt verlangend naar de poortjes waarachter de leeuwen en kamelen wachten. Ze heeft geen zin in het wollen vestje waar haar moeder haar armpjes in probeert te wurmen. De zon weerkaatst op de gele speldjes in het haar van het meisje. “Doen jullie nog aan gezichtsherkenning?” vraagt de moeder aan medewerkster Tao Ying, die over de jaarabonnementen gaat. “Dat wil ik niet. Ik gebruik mijn kaart wel.”

De vrouw, die haar naam niet wil geven, hoorde onlangs over de rechtszaak die hoogleraar rechten Gao Bing aanspande tegen de dierentuin. Gao wil zijn geld terug. De dierentuin zou voortaan gezichtsherkenning gebruiken om abonnementhouders te identificeren. Zonder zijn toestemming, vond Gao. De moeder bij de poortjes schrok ervan. “Ik gebruik ook geen WeChat Pay met gezichtsherkenning. Alleen als de technologie heel betrouwbaar is, zoals op het trein­station, dan vind ik het niet erg.”

Professor Gao zwengelde met zijn verhaal in een lokale krant een debat aan dat de Chinese pers gretig volgt. Het lijkt wat laat om het nog over gezichtsherkenning te hebben. De technologie is al diep doorgedrongen in de Chinese samenleving. Wie een rood stoplicht negeert, ziet zijn gezicht verschijnen op schermen aan de overkant van de weg. Met de lift naar je appartement kan in sommige wooncomplexen alleen nog maar als de camera je gezicht herkent.

Ingrijpender is de situatie op het platteland, en dan vooral in de regio Xinjiang. Miljoenen Oeigoeren, een islamitische minderheid in China, zetten geen stap zonder te worden gevolgd door camera’s. Gekoppelde computerprogramma’s slaan alarm bij ‘verdacht gedrag’.

Het debat werd tot nu toe zijdelings gevoerd, stilletjes terwijl de overheid rustig haar surveillance opvoerde. Ze houdt daarbij wel rekening met de publieke opinie. De camera’s die de laatste tijd op kruispunten in Sjanghai verschijnen, tonen alleen de gezichten van overtreders. In de afgelegen stad Suqian verschijnen naast de foto’s ook namen en identiteitsnummers.

Efficiëntie en veiligheid

Surveillance in publieke ruimtes is het domein van de overheid, waarmee niemand de strijd aandurft. Schermend met voordelen als efficiëntie en veiligheid voert Peking de ene na de andere maatregel door. Sommige publiekelijk, zoals de regel van deze maand: iedereen die een simkaart aanvraagt, moet zijn gezicht ­laten scannen. Sommige zijn minder vrijwillig, zoals scans van gezich­ten van Oeigoeren.

Surveillance door bedrijven is de kwestie waar het vooralsnog prille debat zich op richt. Bedrijven zijn verplicht toestemming te vragen aan hun klanten als ze gezichtsherkenning willen gebruiken. Sommige mensen, zoals de moeder bij de dierentuin, zijn bang dat bedrijven hun gezicht doorverkopen.

Natuurlijk doet de dierentuin dat niet, zegt medewerkster Tao Ying voor een muur, beschilderd met vrolijke slingerapen, panda’s en ballonnen. “Wij werken samen met bedrijven die zijn goedgekeurd door de autoriteiten.”

Bezoekers kunnen naar binnen met hun vingerafdruk en hun jaarpasje, maar identificatie met het gezicht is makkelijker: geen identiteitskaart of jaarpas nodig. Tao ziet alleen voordelen. “Soms staan er in de rij kinderen te jammeren dat ze naar binnen willen – naar de leeuwen! Met gezichtsherkenning kunnen ze meteen door­lopen.” Het is de toekomst, meent Tao. De dierentuin is trots op het gebruik van de nieuwe technologie.

Naïef optimisme

Lao Dongyan, jurist aan de Tsinghua Universiteit, is sceptisch over dit soort digitaal optimisme, dat hij naïef vindt. Het is een ‘grove misvatting’ dat gezichtsherkenning alleen een manier is om mensen te herkennen, zei hij in lokale media. “De technologie dient niet alleen om biometrische informatie te vergaren, ze is ook te linken aan persoonlijke data in een data­base.” Informatie over de identiteit van een persoon kan gekoppeld worden aan auto’s, familieleden, andere contacten en dagelijkse routine. Camera’s kunnen met elkaar samenwerken om een profiel van iemand op te bouwen. “Of dat ook gebeurt, hangt­ af van de persoon die erover gaat.”

Volgens jurist Lao is nog zeker een en ander aan te merken op de vergaring, opslag en het gebruik van al die technologie. Hij gaat ervan uit dat Chinezen dagelijks wel vijfhonderd keer onder het oog komen van toezichtcamera’s. Hoe meer de technologie gebruikt wordt, hoe groter het risico op misbruik, denkt hij.

Veel Chinezen vinden het niet zo’n probleem. “We zijn eraan gewend. Onze informatie is al overal. Zolang ze van mijn geld afblijven, kan het me niet veel schelen,” zegt Chen Jie met een lachje. Hij heeft zijn gezicht net laten koppelen aan zijn jaarabonnement. Nu hoeft hij geen pasjes meer mee te nemen als hij met zijn vrouw en zoontje naar de dierentuin wil. “In westerse landen wordt zo’n debat politiek gemaakt. Hier gaat het om veiligheid.”

Chen legt de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van gegevens wel bij de regering. “Als er een probleem is met de technologie, moet de overheid daar iets aan doen.”

Dat is ook de lijn van advocaat Ling Bin, wiens visie aansluit bij het uitgangspunt van de Chinese autoriteiten. De wetgeving die er al is, zou voldoende moeten zijn om burgers te beschermen tegen bedrijven en criminelen die hun persoonlijke informatie willen misbruiken. “De overheidsdiensten moeten streng optreden ­tegen illegale vergaring, gebruik of doorverkoop van persoonsinformatie.”

De uitkomst van het debat wordt misschien een strengere wet die bedrijven nog eens met de neus op de regels drukt: verzamelen, opslag en gebruik van data moeten onder strikte voorwaarden gebeuren. Of de overheid zich daar zelf aan houdt, zal de buitenwereld nooit weten. ­Zolang ze beweert dat surveillance nodig is om de veiligheid van de Chinezen te waarborgen, kan de staat zich veel permitteren.

Veilige standaard

Sinds een maand kent China een comité van bedrijven dat zich Standaardisatiegroep voor Gezichtsherkenning noemt. SenseTime, een voorloper op het gebied van kunstmatige intelligentie, leidt de alliantie van 27 techbedrijven. Onder andere ­Alibaba, Xiaomi, Tencent en iFlytek praten mee. Het doel van de groep is om nieuwe standaarden te formuleren voor ‘een gezonde en snelle ontwikkeling van veilige en accurate technologie’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden