Plus Interview

Advocaat eist terughalen IS-vrouwen en -kinderen: ‘Een kind is onschuldig’

Advocaat André Seebregts eist bij de rechter dat de staat Nederlandse IS-vrouwen en -kinderen uit Syrië terughaalt. ‘We voeren het kort geding vooral voor de 56 kinderen.’

Kinderen achter hekken in een opvangkamp in het noorden van Syrië. Dit zijn niet kinderen over wie in dit artikel gesproken wordt. Beeld AFP

Een flip-over in de Rotterdamse werkkamer van advocaat André Seebregts bevat de hoofdlijnen van het kort geding waarmee hij over een week de regering wil dwingen Nederlandse IS-vrouwen en kinderen uit Syrisch-Koerdische kampen terug te halen. In telegramstijl wordt het voornaamste argument daartegen (de situatie is te onveilig om ze op te halen) weerlegd. Ook prijkt de naam van Pete Hoekstra op de flip-over. De Amerikaanse ambassadeur herhaalde deze week in NRC het aanbod troepen te leveren voor een veilige aftocht.

U heeft maandenlang geschermd met een kort geding. Waarom zet u nu door?

Seebregts: “Begin dit jaar gelastte de rechtbank in Rotterdam de staat om afspraken te maken met de Koerden over de overdracht van een groep Nederlandse vrouwen. Dat leek aanvankelijk te gebeuren. Maar op een gegeven moment meldde de minister van Justitie dat de situatie in Syrië te onveilig is. Vervolgens is het standpunt dat onderzocht werd of repatriëring mogelijk is, verhard tot: we halen ze niet.”

Aarzelde u ook vanwege de publieke opinie? Een kort geding waarin je op straffe van een dwangsom maant IS-vrouwen op te halen die zelf die kant zijn opgegaan, kan het broze draagvlak voor terugkeer verder ondermijnen.

“Dat was geen overweging. Ook binnen de overheid willen redelijk wat mensen ze laten op­halen. Het is wel de eerste keer dat een zaak als deze wordt gevoerd. We denken dat we zullen winnen, maar dat weet je niet zeker. Verlies je, dan ben je nog verder van huis. Daarom hebben we gewacht totdat evident was dat de overheid ze niet gaat halen.”

Wat staat de gemiddelde IS-vrouw hier te wachten aan straf?

“Als ze zelf vochten of oorlogsmisdaden begingen, werkt dat strafverzwarend. Als ze worden veroordeeld wegens het ondersteunen van de strijd, zoals tot nu toe steeds is gebeurd, kun je op basis van het handjevol rechtszaken ervan uitgaan dat ze 1 à 1,5 jaar de cel in moeten. Vervolgens krijgen ze gedurende drie jaar een enkelband, zijn ze verplicht tot contact met reclassering en een door de overheid aangewezen imam, is er controle van telefoon, laptop en computer, kunnen contactverboden worden opgelegd, naast locatieverboden, zoals vliegvelden en het grensgebied, en soms ook locatiegeboden, waarbij ze bijvoorbeeld alleen thuis mogen zijn.”

“Tot nu toe zijn alle IS-vrouwen schuldig bevonden. De lat ligt heel laag voor een veroordeling. Het wordt wel gebaseerd op algemene rapporten, waarin bijvoorbeeld staat dat het vrijwel onmogelijk was in het kalifaat je te onttrekken aan de strijd. Terwijl je eigenlijk moet kijken: wat heb je als individu gedaan?”

Begrijpt u iets van de bezwaren tegen terugkeer van Syriëgangers?

“Ik begrijp dat men bezorgd is dat sommige vrouwen jihadistisch gedachtegoed aanhangen. Maar we voeren het kort geding vooral voor de 55 kinderen. Of 56, een paar dagen ge­leden is er een geboren. Driekwart is jonger dan zes, niemand is ouder dan twaalf. Zij zijn onschuldig.”

“Het is veiliger de moeders terug te brengen op gecontroleerde wijze. Dan volgt vermoedelijk een veroordeling en zijn uitvoerige testen voorhanden om na te gaan of ze radicaal gedachtegoed aanhangen. Het alternatief is dat ze onder de radar terugkomen.”

“De andere alternatieven – berechting ter plekke of via een internationaal tribunaal – neem ik niet zo serieus. Het duurt nog jaren voordat berechtingen in Irak naar westerse normen op een acceptabel niveau zullen zijn. Er zijn processen geweest waarbij in vijf minuten de doodstraf werd opgelegd. En de ervaring leert dat een internationaal tribunaal niet meer dan tien zaken per jaar aankan.”

Wat is uw voornaamste verwijt jegens de Nederlandse overheid?

“Er is sprake van ernstige schending van mensenrechten – onder andere het recht op leven van kinderen. De overheid moet zich maximaal inspannen om dat te voorkomen. Dat gebeurt niet. Er zijn vele kinderen overleden in de kampen, veelal door kou en gebrek aan medicijnen. De winter staat voor de deur. En door het Turkse offensief is de situatie verder verslechterd. Er gaan weer heel veel kinderen sterven.”

De voorbije zomer was u in het kamp al-Hol in Noord-Syrië, waar tienduizenden IS’ers zitten. Onder de Nederlanders was even de hoop dat u ze kwam halen. Ze hebben u hoog zitten. Voelt dat niet ongemakkelijk, omdat het mensen zijn die vaak niet onze normen en waarden aanhangen?

“Ik ben heel trots op dat het zo werkt in onze rechtsstaat; ik verdedig mensen wier standpunten volstrekt niet de mijne zijn. Als ik daar vast zou zitten, is het onbestaanbaar dat een advocaat zich tot het uiterste zou inspannen om mijn rechten te verdedigen. Dat wij dat andersom wel doen, toont de kracht van de rechtsstaat.”

OM wil hier berechten

Het Openbaar Ministerie heeft minister Ferd Grapperhaus (Justitie) gevraagd 29 Syriëgangers naar Nederland te halen, zodat ze hier bij hun rechtszaak kunnen zijn. Alleen dan kan worden voldaan aan het recht dat verdachten hebben om hun proces bij te wonen. Het kabinet weigert dat tot nog toe omdat het de voorkeur geeft aan berechting in de regio. Volgens inlichtingendienst AIVD zitten nog zo’n 125 Nederlanders in Syrië: 55 in kampen en detentiecentra, 35 bij jihadistische groepen in Noordwest-Syrië en 40 elders in het land.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden