PlusInterview

Zwemmer Arno Kamminga ziet voordeel in het verplaatsen van de Olympische Spelen

Arno Kamminga had in zak en as kunnen zitten vanwege het verschuiven van de Spelen, maar de zwemmer krijgen ze niet gek. Hij denkt volgend jaar nog beter te zijn.

Arno Kamminga begroet zijn Europese kortebaantitel op de 100 meter schoolslag.Beeld Getty Images

Met reuzenstappen bestormde Arno Kamminga (24) in drieënhalf jaar de mondiale zwemtop. In het najaar van 2016 was de Katwijker nog een volslagen onbekende in Nederland. In het voorjaar van 2020 liet hij de zwemwereld versteld staan met een toptijd op de 200 meter schoolslag. Slechts vijf zwemmers in de wereld waren ooit sneller dan de 2.07,18 die Kamminga op 8 maart in Antwerpen liet noteren.

Met deze tijd dook hij zelfs fors onder de winnende tijd van de olympisch kampioen van Rio 2016 op de 200 school (2.07,46), Dmitri Balandin uit Kazachstan. Vergelijkingen met tijden uit het verleden zijn niet zo aan Kamminga besteed. “Ik kijk liever vooruit. Ik weet dat ik nog een stap moet maken om voor een olympische medaille in aanmerking te komen. Het is wel mooi dat ik grotere stappen maak dan mijn concurrenten.” Hij ziet de verplaatsing van de Olympische Spelen naar 2021 dan ook niet als een nadeel. “Ik ben nu al heel goed en volgend jaar ben ik nog beter. Daar ben ik van overtuigd.”

Ander hoofddoel

Maar toch: hij werkte vier jaar toe naar zijn eerste Spelen. Hij pakte een olympisch ticket, verbeterde zichzelf keer op keer, behoort tot de wereldtop en dan: weg Spelen, weg hoofddoel. Dat moet toch frustrerend zijn geweest? Kamminga: “De Spelen van Tokio zijn voor mij geen hoofddoel. Dat is om jarenlang op grote toernooien goed te presteren. Ik sta pas aan het begin van mijn carrière. De EK’s en de WK’s zijn mij ook veel waard.”

Kamminga, die in december tweemaal goud won op de EK kortebaan, wil niet blijven hangen in het negatieve. “Ik denk dat het mijn kracht is dat ik altijd vooruitkijk en snel kan schakelen. Ik zie deze coronatijd als een resetknop die is ingedrukt. Deze periode biedt ook kansen.”

Rust in het hoofd

De huidige fase ziet hij als een nieuwe opbouwfase. “Ik train minder vaak, maar ik zorg er wel voor dat mijn trainingen van hoog niveau zijn. Ook heb ik meer tijd voor krachttraining en misschien wel het belangrijkste: ik heb meer rust in mijn hoofd. Vroeger ging ik meteen een serie kijken als ik thuiskwam. Nu kan ik genieten van het niksdoen. Dan zet ik een muziekje op en ga ik op de bank zitten. 

Noem het mediteren. Ik ben dan helemaal in mezelf gekeerd, voor mij werkt dat ontspannend. Ook op het startblok moet ik het helemaal alleen doen, moet ik me niet laten afleiden door externe factoren. Mentaal sterk zijn is zo belangrijk. De tijd dat je wedstrijden puur op talent kunt winnen, is voorbij.”

Voorlopig zijn er geen wedstrijden en dat vraagt om aanpassingen. “Waarschijnlijk zijn de eerste wedstrijden pas in december op de open NK in Rotterdam. Gelukkig hebben we nu elke drie weken een echte trainingswedstrijd. Onze coach Mark ­Faber heeft elektronische platen geregeld, zodat we een betrouwbare tijdwaarneming hebben.”

Na vijf magere trainingsweken perste hij er vorig weekeinde in een verder leeg Sloterparkbad in Amsterdam een knappe 59,06 uit op de 100 meter schoolslag. Racen onder alle omstandigheden: Kamminga kan het als geen ander.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden