Plus Interview

Windsurfer Kiran Badloe: ‘De beste moet naar de Spelen’

Kiran Badloe in actie tijdens de Medemblik Regatta. Beeld Hollandse Hoogte / Soenar Chamid sportfotografie

Hij is relatief onbekend, maar windsurfer Kiran Badloe is misschien wel de grootste bedreiging voor het olympische ticket van Dorian van Rijsselberghe.

Het was ergens in februari. Kiran Badloe (25) zat tijdens een trainingskamp op de bank en voelde plots twee handen op zijn achterhoofd. Vervolgens hoorde hij een bulderende lach. En vanaf dat moment ging de windsurfer door het leven met blond haar. Met dank aan zijn teamgenoot Dorian van Rijsselberghe. Maanden later zijn nog steeds wat lichte plukken zichtbaar. Badloe haalt zijn schouders op en mompelt: “Misschien moet ik het er maar eens uit laten knippen.” Het tekent zijn nonchalance.

Bovendien heeft hij wel wat belangrijkers aan zijn hoofd. Hij is in een hevige strijd verwikkeld met diezelfde Van Rijsselberghe, tweevoudig olympisch kampioen en een van zijn beste vrienden. De twee Nederlanders behoren tot de absolute wereldtop, maar slechts een van hen mag volgend jaar naar de Olympische Spelen van Tokio. Het WK in hun klasse (RS:X), komende week in Italië, is een cruciaal onderdeel in de selectieprocedure.

Europees kampioen

Hij is de regerend Europees kampioen, maar Badloe is bepaald geen bekende Nederlander. Dat vindt hij wel prima. Laatst liepen hij en Van Rijsselberghe na een vlucht op Schiphol, moe en verlangend naar huis. “Werd Dor aangesproken door een fan. Dan is het toch wel lekker dat je kunt zeggen: nou, ik zie je van de week wel weer.”

Al verandert het langzamerhand wel iets wat die bekendheid betreft. “Vaak was het alleen maar: Dorian dit, Dorian zo. En dan hooguit een klein zinnetje over mij. Nu wordt de interesse wat gelijkwaardiger en hoor je: Dorian doet het goed, maar hoe gaat het met die trainingspartner die hem ook weleens verslaat?”

Op zijn negende begon Badloe met windsurfen. Op Bonaire, waar zijn vader drie jaar werkte. “Dat vond ik wel kicken, in mijn eentje over het water cruisen. Dat geeft een trots gevoel op die leeftijd.” Maar niet veel later verhuisde het gezin Badloe weer terug naar Nederland, naar Almere. Ondanks het bruine en diepe water hier – op Bonaire kwam het hooguit tot zijn middel – en de kou, bleef de passie voor de sport bestaan.

In 2013 werd Badloe uitgenodigd mee te trainen met het team van Van Rijsselberghe. Inmiddels zijn ze aan elkaar gewaagd. De Olympische Spelen van Rio de Janeiro (2016) kwamen te vroeg voor de jongste, maar voor Tokio ligt alles open. Het ene olympische ticket gaat naar de beste windsurfer na drie WK’s: dat van 2018, het komende WK in Italië en het WK van 2020 (in februari in Nieuw-Zeeland). Een jaar geleden werd Van Rijsselberghe in het Deense Aarhus wereldkampioen en Badloe tweede. Van Rijsselberghe verdiende daarmee 12 punten in de onderlinge strijd, Badloe staat nu op 10 punten.

Grootste concurrent

Het is hem al zo vaak gevraagd: is het niet raar dat hij met zijn grootste concurrent traint, terwijl maar een van hen naar de Spelen mag? “De beste moet naar de Spelen,” zegt Badloe. “Dat is waar wij de selectieprocedure op hebben ingericht. En voor ons is het altijd al zo geweest dat er maar één naar de Spelen mag. Maar als ik het niet zou halen, zou dat superzuur zijn. Ik weet dat als ik nu mag gaan, ik een vrij grote kans heb op een medaille. Wij zijn nummer 1 en 2 van de wereld, maar een van ons zal straks moeten zeggen: shit, ik ga niet.”

Te vaak horen ze: ‘Leuk verhaal over dat jullie goede vrienden zijn en het elkaar gunnen, maar ik geloof het echt niet.’ Hij grapte met Van Rijsselberghe al over het in scène zetten van een ruzie, waarbij iemand ‘stiekem’ in een hoekje filmt terwijl de ene surfer de andere slaat. Badloe, lachend: “Ik had al bedacht dat ik dan degene ben die de klap uitdeelt.”

Hard tegen hard

In andere zeilcategorieën is de selectie al afgerond. De windsurfers kozen er bewust voor hun tweestrijd tot in het olympische jaar te laten voortduren. Op die manier gaat echt de beste, denken zij. Badloe: “We maken elkaar in trainingen beter. Daar gaat het hard tegen hard.”

Gezien zijn dubbele paspoort (zijn vader is Surinaams) overwoog hij rond de Spelen van Rio even om voor Suriname uit te komen. “Ja, dan was ik nu wel zeker geweest van de Spelen. Maar zij hadden nog nooit van windsurfen gehoord. Er was niet eens een zeilbond, geen geld voor een campagne. Er wordt nu zoveel voor ons geregeld door het Watersportverbond, NOC*NSF en partners. Als ik daar in Suriname mee zou komen, zeggen ze: ben je gek?”

Hoe de selectie ook afloopt, Badloe gaat sowieso door in een nieuwe olympische cyclus. “Als ik deze Spelen haal, denk ik dat ik er zo’n kick van krijg dat ik zeker nog wel door wil. En als ik het niet haal, wil ik helemaal door. Dan ben ik helemáál gebrand.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden