PlusAchtergrond

Waar komen al die laatbloeiers in de tenniswereld vandaan? ‘Brouwer kan echt een eind komen’

Gijs Brouwer (26) is de nieuwste Nederlandse tennisattractie. Zijn bondstrainer Michiel Schapers weet waarom de puzzelstukjes nu op zijn plek vallen. ‘Als Gijs de geest krijgt, zijn er weinig grenzen voor hem.’

Rik Spekenbrink
Gijs Brouwer. Beeld Getty Images
Gijs Brouwer.Beeld Getty Images

Ook op het park van de US Open krijgt Michiel Schapers (62) de vraag van zijn buitenlandse collega’s. “Waar komen al die Nederlands jongens ineens vandaan?”

Vorig jaar was het Botic van de Zandschulp die, toen als pupil van Schapers, in New York vanuit het niets de kwartfinale haalde. Tim van Rijthoven won dit jaar op geweldige wijze het grastoernooi van Rosmalen en stuntte op Wimbledon. En nu is er Gijs Brouwer, die vanuit het kwalificatietoernooi in de tweede ronde staat van het eerste grand slam dat hij speelt. Hij won dinsdagavond op bijzonder knappe wijze in drie sets van Adrian Mannarino.

Brouwer is 26 jaar, van dezelfde generatie als Van de Zandschulp, Van Rijthoven en Tallon Griekspoor. Opnieuw een laatbloeier dus. “Zijn doorbraak moest nu ook wel komen,” zegt Schapers.

Hij trainde de Noord-Hollander al tussen zijn vijftiende en achttiende, vanaf 2019 is hij als bondstrainer in dienst en werkt opnieuw met Brouwer. “Ik heb altijd gedacht: als Gijs de geest krijgt, zijn er weinig grenzen voor hem. Hij moest alleen leren daar zelf ook in te geloven. Op dit niveau is er geen ruimte voor twijfel. Nu staat hij met overtuiging op de baan. Hij kan echt een eind komen.”

Drie Nederlandse mannen in de tweede ronde van een grand slam. Dat is recentelijk wel eens minder geweest. En het is geen toeval. Schapers: “Een tijdje geleden heeft de bond besloten om relatief oudere jongens te blijven faciliteren. Je kunt zeggen: ze zijn niet goed genoeg, zoek het uit. Of je hebt er wel fiducie in en gaat goede, persoonlijke plannen maken. En met die jongens praten: wat moet er beter? Deze gasten konden ook al goed tennissen toen ze achttien waren. Het waren vooral mentale zaken waar puntjes op de i moesten worden gezet. Hoe sta je op de baan? Je zag het aan Gijs, die werd geen moment zenuwachtig. Hij straalde uit: hier sta ik, ik kan het. Dit is zijn grote doorbraak.”

Eenheid

De Nederlanders en hun entourages vormen bovendien een eenheid, zonder dat ze alles samen doen. “We hebben een leuke groep,” zegt Schapers. “Die jongens hebben hun doorbraak wat later, maar dat hadden Paul Haarhuis en ikzelf ook. Ze trekken zich aan elkaar op, ook dat is herkenbaar. De coaches moeten op de tour ook naar elkaar toetrekken. Zo vorm je een soort TeamNL.”

Het hielp Brouwer overduidelijk bij zijn debuut. “We hebben met Igor Sijsling, de coach van Tim van Rijthoven, gesproken. Die heeft recent nog tegen Mannarino gespeeld. Hij gaf het advies om bijna alle backhands te slicen, die jongen houdt niet van lage ballen. Dat was zó belangrijk.”

Slimheid op de baan, een grondige voorbereiding; Schapers hamert erop. “Speel je, zoals Gijs, tegen een linkshandige speler? Train dan ook tegen een linkshander. Donderdag treft hij Lorenzo Musetti, zoek dan iemand met eenzelfde forehand spin als sparring partner. Kijk beelden, houd je oren open, maak een plan. Het cliché dat een speler als Gijs niets te verliezen heeft, klopt niet. Zo moet je er niet in gaan. Ook tegen Musetti zeg ik: waarom niet? Dat heb ik vorig jaar wel geleerd. Botic speelde toen ook heel slim. Dat is een vak,” zegt de voormalig nummer 25 van de wereld, zelf ooit een begenadigd schaker op de baan.

Artikel gaat verder onder de foto.

Gijs Brouwer deelt handtekeningen uit in New York. Beeld Rik Spekenbrink
Gijs Brouwer deelt handtekeningen uit in New York.Beeld Rik Spekenbrink

Geestelijk ontwikkelen

Schapers pleit ervoor dat jonge tennissers gewoon naar school gaan, zonder vrijstellingen of deeltijdoplossingen. “Lever maar een training of toernooi in als je extra tijd nodig hebt. Als je je geestelijk blijft ontwikkelen, wordt tennissen ook gemakkelijker.”

Hij geniet ervan weer bij Nederlands tennissucces betrokken te zijn. Maar denkt ook verder. “Het zou goed zijn dit succes te evalueren. En de groep jongens van twaalf tot zestien jaar beter voor te bereiden, vooral mentaal, zodat ze niet in dezelfde valkuilen trappen. Maar voor nu mogen we vooral ontzettend blij zijn.”

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden