PlusInterview

Volleyballer Nimir Abdelaziz: ‘Ik wil er alles voor doen om naar de Olympische Spelen te gaan’

Nimir Abdelaziz is op het WK volleybal de grote ster van het Nederlandse team. Volgens hem was in zijn tijd bij Oranje de kans op het halen van de Olympische Spelen niet eerder zo groot. ‘Ik wil alles op alles zetten om met deze ploeg naar Parijs te gaan.’

Lisette van der Geest
De ballen die Nimir Abdelaziz slaat, halen met regelmaat een snelheid van 130 kilometer per uur. Beeld Conny Kurth/RHF
De ballen die Nimir Abdelaziz slaat, halen met regelmaat een snelheid van 130 kilometer per uur.Beeld Conny Kurth/RHF

Het verschil tussen een wandeling in Iran of thuis in Nederland? In Iran kon Nimir Abdelaziz (30) een paar maanden geleden nog geen stap zetten zonder staande te worden gehouden voor een foto of handtekening. In Nederland loopt de 2,01 meter grote volleyballer anoniem over straat en hoort hij hooguit een keertje: ‘Basketbal?’

Nu was het in Iran ook wel bizar, vertelt Abdelaziz, maar daarover later meer. En in Nederland is hij ook niet vaak, vertelt hij in een Rotterdamse eetgelegenheid, met zijn lange benen de ruimte in gestoken. Het is een paar dagen voor de start van het WK, het toernooi dat ook van belang is voor de route naar de Olympische Spelen van Parijs in 2024: het hoofddoel van Abdelaziz.

“Als je mij vier jaar geleden had gevraagd of ik dacht dat ik de Olympische Spelen zou gaan halen, had ik gezegd: ik denk het niet. Nu is het nog steeds heel lastig, maar er is zeker een kans. En niet zoals vroeger, toen we zeiden dat je een kans had omdat je nu eenmaal aan een kwalificatietoernooi deelnam. Nee, nu is er écht een kans en daar wil ik nog twee jaar alles voor doen. Alles op alles zetten om met dit team in 2024 naar Parijs te gaan.”

De manier van kwalificeren voor de Spelen is veranderd. De plaats op de wereldranglijst weegt zwaarder en daardoor ook het resultaat op dit WK in Polen en Slovenië. Voor het Nederlands team is Abdelaziz van onschatbare waarde. Hij is aanvoerder, maar nog vele malen belangrijker zijn zijn atletische vermogen, zijn aanval en zijn verwoestende service. Niet voor niets werd hij een jaar geleden door een internationaal volleybalplatform uitgeroepen tot beste speler van de wereld. In het team is er ook niemand met zo’n vol programma als hij – al waakt Abdelaziz ervoor als klager over te komen. “We hebben het allemaal druk.”

Altijd hetzelfde regime

Dat hij een termijn van twee jaar noemt om de Spelen te halen, heeft ermee te maken dat de kans groot is dat hij na die periode stopt bij het nationaal team. Het is een keer genoeg. “Altijd in een bepaald regime,” zegt hij, voordat hij met vlakke hand op de houten tafel voor zich slaat om het ritme te benadrukken als hij praat. “Wakker worden. Trainen, trainen, wedstrijd, trainen.”

Met zijn hand stil: “Na de periode tot Parijs moet ik waarschijnlijk gaan nadenken over wat ik in de zomers ga doen. Om mijn lijf rust te geven. Uiteindelijk verdien je bij je club. Als ik nog een tijdje door wil, moet ik daar ook aan denken. Plus: er is nu weer een WK en volgend jaar mijn zesde EK, maar ik heb nog nooit gespeeld op de Spelen. Die zou ik heel graag meemaken.”

Tegelijkertijd, zegt hij nu, op zijn dertigste, wordt hij nog elk jaar beter, elke dag zelfs. “Ik ben natuurlijk pas laat van rol geswitcht. Eigenlijk speel ik dít spel pas vijf jaar.”

Tot 2016 was Abdelaziz spelverdeler, hij verzorgde voor Nederland de set-ups, tot hem door blessures bij zijn toenmalige club werd gevraagd of hij niet als aanvaller wilde invallen.

Als je zijn naam googelt verschijnen er direct verwijzingen naar buitenlandse websites met termen als ‘a monster’, ‘not human’, ‘superstar’. Of een compilatie van beelden met als titel een waarschuwing: ‘Maak Nimir Abdelaziz nooit boos.’

De ballen die Abdelaziz – die als zoon van een Tsjadische vader en een Nederlandse moeder opgroeide in het Gelderse Haaften– slaat, halen met regelmaat een snelheid van 130 kilometer per uur. “Hoe vaker je iets doet, hoe beter je erin wordt,” zegt hij daarover.

Hij beseft ook wel dat er een keer een kantelpunt zal komen, dat hij fysiek uitgegroeid is, niet meer kan leveren wat hij kon. Maar later is later, is de beleving van Abdelaziz. “Dat zie ik dan wel.”

Wat heeft het immers voor nut om daarover te denken? “Het gaat nu gewoon prima. En fysiek, tja. Ik denk ’s ochtends ook wel eens: ik sta er fysiek heel beroerd voor, maar als ik daarna ga volleyballen, gaat het wel.”

Koffers pakken

Hij volleybalt sowieso om de wedstrijden en om de spanning die daarbij komt kijken. Niet om het trainen. “Dat hoort erbij, het moet, het houdt je fit, maar ik zou liegen als ik ­zeg dat ik elke ochtend wakker word en dan niet kan ­wachten om alles te geven. Maar als ik de hal inloop voor een WK-wedstrijd... Een wedstrijd waar het erom gaat, ja, dat vind ik hartstikke leuk.”

Hij heeft zijn plek bij het Italiaanse Modena ingeruild voor een plek bij het Turkse Halkbank Ankara. In Italië voelt hij zich thuis, vertelde hij eerder. Hij spreekt de taal, woonde er jaren. “Maar ja, dat is ook onze sport, hè, je blijft niet altijd op één plek. Ik kan koffers pakken als de beste. Ik heb altijd best een switch in mijn hoofd: als ik thuis ben, ben ik niet met volleybal bezig, als ik naar de hal ga, denk ik er pas weer aan. Het eerste waar ik naar vraag: welke appartementen zijn beschikbaar van de club? Dat wil ik perfect hebben. Dat is de plek waar je thuiskomt. Dat je niet denkt: ik zit in een donker hol of iets dergelijks. Voor de rest vind ik mijn draai wel. In elke stad vind je wel weer wat te doen.”

Na de play-offs in Italië werd hij gevraagd om in mei tien dagen in Iran te spelen, in een lucratieve competitie. Hij twijfelde even. “Ik stond er fysiek niet echt goed voor, laten we zeggen dat ik de laatste twee wedstrijden in de play-offs op één been speelde. Ik had last van mijn rechterknie. Maar ja, het was gewoon een lekkere bonus, dus ik kon eigenlijk ook niet echt nee zeggen. Voor tien dagen...”

Dat is ook het punt: hij weet dat hij nu kan oogsten. “Volleybal is leuk, het is mijn hobby, maar uiteindelijk is het ook gewoon mijn werk en ik kan niet spelen tot mijn zeventigste. Dan maak je deze jaren misschien ook een keer een keuze die minder op sportieve grond is gemaakt en meer daarop. Dat is ook logisch, denk ik.”

In volleybalhoofdstad Modena weet iedereen wie hij is, maar wordt hij niet staande gehouden als hij door de stad loopt. “In Iran was het bizarre dat we van de eerste tot de laatste dag echt als helden werden behandeld. Iedereen kent je, er was geen seconde dar ik niet werd aangehouden.”

En ja, dan is Nederland totaal anders. “Hier kent niemand je.” Niet dat dat een probleem is, integendeel. “Ik had een hartstikke fijne tijd in Iran, maar als held onthaald worden, is maar tien dagen leuk.””

Een paar jaar eerder reageerde hij op een soortgelijke uitnodiging, maar dan uit Qatar. “Daar was het het tegenovergestelde: we speelden in een lege hal waarin acht sjeiks zaten die alle acht een team hadden. Een beetje zoals wij een potje kaarten, maakten zij hun eigen wedstrijd. Die dingen zijn leuk om mee te maken. Ik heb een hartstikke bijzonder, mooi leven. Ik ken verschillende culturen, leef overal ter wereld, heb alles gezien. Ik doe iets wat eigenlijk helemaal niet belangrijk is, want ik sla tegen een bal en als we winnen, winnen we. En ik krijg er nog goed voor betaald ook.”

Tweemaal winst

De Nederlandse volleyballers zijn het WK prima begonnen. Zaterdag zette Oranje in zijn eerste duel eenvoudig Egypte opzij (3-0), maandag werd een knappe overwinning geboekt op Argentinië, de winnaar van het brons op de Olympische Spelen van Tokio vorig jaar. De ploeg van bondscoach Roberto Piazza vocht zich van een 0-2 achterstand in sets terug om het duel met 3-2 te winnen. Woensdag is Iran de derde en laatste tegenstander in de poulefase. Door de overwinning op Argentinië, dat zijn openingswedstrijd tegen Iran ook al had verloren, is Oranje zo goed als zeker van de knock-outfase.

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden