Plus Interview

Virgil van Dijk: ‘Ik ben trots op mijn rol’

Virgil van Dijk: ‘Bij Oranje ben ik nu een van de spelers aan wie de rest zich optrekt.’ Beeld Pim Ras

Voor Virgil van Dijk gloort eindelijk zijn eerste eindtoernooi met Oranje. Van een voetballer over wie veel twijfels leefden, is hij uitgegroeid tot een onbetwiste leider. ‘Het gaat wel aardig ja.’

Vorige week zat Virgil van Dijk (28) opeens op Paleis Noordeinde, aan tafel met koning Willem-Alexander en koningin Máxima. Van Dijk schoof aan bij de zogenoemde ‘uitblinkers­lunch’ van het koninklijk huis, samen met zanger Duncan Laurence, cabaretier Herman Finkers, schrijver Rob van Essen en anderen.

“Een heel bijzondere ervaring,” vertelt Van Dijk. “Tot na het hoofdgerecht zat ik naast de koning. We hebben het over van alles en nog wat gehad. Ja, ook over voetbal natuurlijk.”

Het is haast niet meer voor te stellen dat Van Dijk pas vier jaar geleden debuteerde in het Nederlands elftal, als voetballer over wie destijds nog volop twijfels leefden. Uit tegen Kazachstan was dat, in een wat treurige interland: Oranje had de kwalificatie voor het EK in Frankrijk al verspeeld. De spelers om Van Dijk heen destijds: Kenny Tete, Jaïro Riedewald en Jeffrey Bruma.

Niet altijd leuk

“Het was onvergelijkbaar met nu,” aldus Van Dijk. “Het team zat in een soort overgangsperiode. De grote jongens van destijds waren er nog, het was echt zoeken, en ik had zelf ook nog helemaal niet de status van een volwaardig international. Nee, het was niet altijd even fijn en leuk. Maar toch heeft ook die tijd geholpen om te komen waar we nu allemaal zijn. Ook voor mezelf: als voetballer was het een leerzame tijd.”

In het geval Van Dijk verliep vooral de laatste pakweg twee jaar als een soort raketlancering. Het ene hoogtepunt was nog fraaier dan het andere. Een megatransfer van Southampton naar Liverpool. Aanvoerder van Oranje. Een eigen liedje bij de aanhang van Liverpool, inmiddels wereldberoemd. Winst in de Champions League. Beste speler van Europa. En, nadat hij vorig jaar een trainingsjasje had gelegd om de schouders van een rillend meisje in De Kuip: de nationale knuffelheld.

Knipoog

“Het gaat wel aardig ja,” zegt Van Dijk lachend, kalm als altijd. “Bij Oranje ben ik nu een van de spelers aan wie de rest zich optrekt. Ik ben best trots op die rol. Het past ook wel bij me, denk ik. Toen ik net kwam kijken bij Oranje nog niet. Nu wel.”

Ronald Koeman speelde een cruciale rol in zijn ontwikkeling, als de man die hem naar Southampton haalde, en daarna almaar belangrijker maakte bij Oranje. Immer scherp en kritisch is de bondscoach, feilloos aanvoelend wat Van Dijk nodig heeft om optimaal te presteren.

“Eenzelfde soort klik heb ik ook met Jürgen Klopp bij Liverpool,” aldus Van Dijk. “Ze voelen beiden aan hoe ze mij het beste kunnen aanpakken. Kritisch, ja. En als de media heel positief over me zijn, willen ze het nog wel eens expres downplayen, soms met een kleine knipoog. Toen ik de prijs kreeg voor de Uefa-speler van het jaar, zei Klopp: ‘Virgil gaat even de prijs ophalen namens het hele team.’ Ze weten dat ik dat soort dingen goed kan hebben, dat ik snap wat ze ermee bedoelen ook. Tegelijk krijg ik ook heel veel waardering en verantwoordelijkheid van ze.”

Trainer Jürgen Klopp met Virgil van Dijk na een gewonnen wedstrijd in de Premier League. Beeld AFP

Met zijn club Liverpool gaat het alleen nog maar crescendo sinds het vorige seizoen, toen al goed voor winst in de Champions League én de tweede plaats in de Premier League. Dit seizoen heeft het team van Klopp nog geen wedstrijd verloren, het ligt ruim aan kop en koerst af op de landstitel, mogelijk de eerste van de roemruchte club sinds 1990.

Een beetje verrast

Met Oranje gloort het eerste grote eindtoernooi sinds 2014; één punt in Belfast is zaterdag genoeg voor kwalificatie, met anders nog een ontsnappingsmogelijkheid in de thuiswedstrijd ­tegen Estland.

“Als we het nu nog niet halen, dan weet ik het ook niet meer,” zegt de aanvoerder van Oranje. “Ik heb twee eindtoernooien gemist, ik kan niet wachten om op dat EK te spelen. Het wordt echt tijd, als team zijn we er klaar voor.”

In Noord-Ierland, op Windsor Park, wacht nog een zware beproeving, voorziet de aanvoerder. “In De Kuip hebben we al gemerkt hoe lastig ze zijn,” zegt Van Dijk. “Destijds werden we een beetje verrast, doordat ze met twee controleurs speelden, van wie eentje puur op Frenkie. Maar ook van Duitsland kunnen we leren. Dat team heeft het in Belfast ook heel moeilijk gehad, zeker in de openingsfase.

“Ze zullen ongetwijfeld gaan stormen, voor hun trainer (de populaire Michael O’Neill, red.) is het bovendien een afscheid, voordat hij naar Stoke City vertrekt. Dus cadeau gaan we het ­zeker niet krijgen. Hoeft ook niet. Het is aan ons om deze klus af te maken.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden