Plus PS

Van vader Emanuelson moest minstens één zoon prof worden

Errol Emanuelson (64) had een droom: minstens één zoon moest profvoetballer worden. Het lukte Urby (31) - bij Ajax, later bij AC Milan, nu bij FC Utrecht. Vader Errol bekijkt zondag Ajax-FC Utrecht vanuit Paramaribo. Zijn droom kwam uit, maar het gezin viel uit elkaar.

Urby en Julian Emanuelson Beeld Linda Stulic

De missie van Errol Emanuelson, vader van FC Utrechtspeler en oud-Ajacied Urby, ligt onder een dekentje op een witleren bank in een groot huis in Hoofddorp.

Die missie heet Urby, en Urby heeft het koud. De gashaard brandt alsof het al februari is. De grote televisie staat op Ziggo Sport, met samenvattingen van interlands. Spelers als Arjen Robben, Ryan Babel en Daley Blind komen voorbij - Urby's oud-teamgenoten.

Naast hem zit zijn broer Julian (41), in een trainingspak van Zeeburgia, waar hij jeugdtrainer is. Julian is tevens Urby's zaakwaarnemer. Hij begeleidt ook een aantal jeugdspelers. Als er met het zaakwaarnemerschap te weinig geld binnenkomt, verhuurt Julian zich als privéchauffeur voor rijke mensen.

Nakomertje
Vader Errol kan er in Hoofddorp niet bij zijn. Hij woonde jaren in Nederland, maar is voorgoed terug naar Suriname, het land waar hij is geboren. Hij kon niet meer leven in Nederland. Te koud, te veel regeltjes. Bovendien was zijn werk in Amsterdam volbracht. Er moest één goede voetballer met een goed inkomen uit zijn gezin komen, dan kon hij terug. En die voetbalprof is er. Vanuit Paramaribo volgt hij nog al Urby's verrichtingen.

Vader Errol is een oud-profvoetballer met een magische status in het Surinaamse voetbal, waarover later meer. Eerder was Julian ook zijn project, maar dat strandde. Julian speelde in de jeugd bij Ajax en zakte af naar HFC Haarlem en de amateurs. Zusje Sharifa was niet zo van het voetbal. Urby, een nakomertje, was zodoende Errols laatste kans.

Urby speelde jaren in het eerste van Ajax. In 2011 maakte hij een transfer naar AC Milan, waar hij tot meer dan honderd wedstrijden kwam. Daarna zakte zijn loopbaan in. Hij ging naar kleinere clubs, waar hij weinig in actie kwam. Op z'n 31ste is Urby terug in Nederland, bij FC Utrecht, dat morgen in de Arena speelt tegen zijn oude club Ajax.

Linksbenig
Errol 'Emau' Emanuelson heeft zijn zonen altijd naar Ajax gebracht. Hij stond aan de zijlijn toen Julian in de jeugd samenspeelde met jongens als Clarence Seedorf, Patrick Kluivert en Edgar Davids.

Alle Surinamers aan de zijlijn kenden Errol. Ze kenden zijn kinderen. Ze waren allebei linksbenig, net als Emau, al beschouwt hij zichzelf als tweebenig. Zijn eerste zoon moest echter afhaken.

Emau is altijd open geweest over zijn doel. Eerst bij Julian, later bij Urby. "Als er de kans is om profvoetballer te worden, moeten ze het proberen. Ik push ze niet, ik help. Urby had foto's uitgeknipt van allemaal bekende spelers. Die hing hij in z'n jongenskamer. In het midden hing hij een foto van zichzelf. Als ik de kansen had gekregen die de jongens hebben gehad, had ik het met vier handen aangegrepen. Maar het systeem was anders in mijn tijd."

Vader Emanuelson vertelt er niet vaak over, maar hij wil wel terugblikken op de wedstrijd die hem in Surinaamse kringen onsterfelijk heeft gemaakt. Die was op 24 juli 1976, in een uitverkocht stadion De Meer, bomvol met Surinamers. In voorbereiding op het nieuwe seizoen speelde Emanuelson als linksbuiten van Robinhood tegen Ajax.

"Met één schijnbeweging had je die ­Ajacieden aan de kant. Ze waren te robuust, konden niet goed bewegen. Maar ze schopten wel als je ze voorbij was."

"Ik speelde tegen Wim Suurbier. Die kon er niet zo veel van. Ja, hij was snel, maar dat was ik ook. Hij kon me niet houden. Ik maakte de 3-1, daarna heeft Suurbier me uit de wedstrijd geschopt en verloren we met 4-3. De scheidsrechter ging een kwartier langer door, totdat Ajax had gewonnen."

Sterspeler
Misschien is het verhaal wat aangedikt, maar de kern moet kloppen. Urby en Julian hebben dit verhaal heel vaak gehoord. Niet van hun vader, maar van Surinamers boven de vijftig.

'Ik luister altijd naar mijn vader. hij wil het beste uit mij halen' Beeld Linda Stulic

Julian: "Elke oudere Surinamer in Nederland die ook maar iets om voetbal geeft, kent die wedstrijd en kent mijn vader. Mijn broer en ik worden er constant aan herinnerd. Het is jammer dat er geen beelden van die wedstrijd zijn. We moeten het doen met de verhalen."

'Emau' was Errols voetbalnaam. Sterspeler van Robinhood en international van Suriname. Op straat in Paramaribo kenden de mensen hem. In Nickerie, zijn geboortestreek, liepen ze met 'm weg.

De snelheid voor het voetbal ontwikkelde Emau, een van veertien kinderen uit een boerengezin, op de rijstvelden. Hij moest grote stappen maken in het water; zo trainde hij zijn beenspieren.

In het begin voetbalde hij alleen op blote voeten, later kreeg hij door zijn goede prestaties kicksen. Spelers die geen kicksen konden betalen, duwden spijkers in de zool van hun gymschoenen.

Trots
In Suriname was Emau een semiprof. Hij had een baantje bij de transportdienst van een bank. Hij viel rechtstreeks onder de directeur en mocht veel naar buiten. Mooi, want hij hield niet van binnen zitten. Bij de bank werd hij verliefd op een collega, Shirley. Ze werd zwanger en beviel van hun zoon, Julian. Voor zijn toekomst leek het hun beter om naar Nederland te verhuizen. Holland liep voor op Suriname.

Mexico, 1977. Het Surinaams elftal tijdens een voorronde van het WK. Knielend, derde van links: Errol Emanuelson Beeld E. Leilis

Het nieuwe land kon Emau echter niet bekoren. Hij verloor zijn sterrenstatus als voetballer en zijn luxebaantje bij de transportdienst. Errol had kortdurend werk bij Fokker, bij een cacaofabriek in Koog aan de Zaan en uiteindelijk werd hij buschauffeur bij het GVB. In de perioden dat hij geen werk had, weigerde hij een uitkering. Daarvoor was hij te trots.

Het eerste huis in Amsterdam viel tegen; er was geen badkamer. Een nieuw huis vinden duurde lang. "We werden achtergesteld, omdat we een Surinaams gezin waren," zegt Emau. "In Suriname had je allemaal nette Nederlanders. In Nederland had je ook vieze Nederlanders."

Hij probeerde in Nederland profvoetballer te worden, maar niemand wilde hem hebben. Emau kreeg wel een contract in België, bij Sint-Niklaas. Maar die club stopte van de ene op de andere dag met betalen. En hij vond de Belgen nog racistischer dan de Nederlanders. "Als ik in een winkel stond, gingen ze aan m'n afro zitten. Ze schrokken zich kapot toen ik Nederlands sprak."

Als het aan hem had gelegen, was het gezin kort na de verhuizing naar Nederland weer teruggegaan naar Suriname. Hij kon hier niet aarden. Maar toen kwam de coup van Bouterse. Er kwam meer familie naar Nederland. De zussen van Shirley woonden in Amsterdam, en hun moeder ook. Iedereen vond zijn plek in Holland, behalve Emau.

En ineens was Urby er.

Brutaler
Oktober 2017, Hoofddorp. We hebben voor de derde keer afgesproken. Dit keer zonder Errol Emanuelson, die weer in Suriname woont. Bij eerdere gesprekken zaten we in zijn appartementje in de Bijlmer en in het appartement van Urby, toen hij nog bij AC Milan speelde. Dat appartement in Milaan leek wel op een Foot Locker. Als Urby elke dag twee paar sneakers uit zijn verzameling aantrok, kon hij zeker anderhalve maand op verschillende schoenen lopen. Het goede salaris bij AC Milan maakte hem lichtvoetig.

Emau liet daar, in december 2013, zien hoe trots hij is op zijn jongens. De een voetballer bij een grote club, de ander zijn zaakwaarnemer; ze helpen elkaar. Zijn dochter Sharifa is met een prima baan ook onder de pannen.

Dat Urby toen op de bank zat tijdens de Champions Leaguewedstrijd AC Milan tegen Ajax, zinde Emau totaal niet. "Urby is te lief. Hij moet veel brutaler zijn. Tegen medespelers en ook tegen de trainer. Zijn moeder en zijn oma hebben hem te veel verwend. Je maakt kinderen te zacht als je te veel voor ze zorgt."

"Urby houdt niet van ruzie, dat is het probleem. Hij zal nooit de discussie aangaan. Dan loopt hij liever weg. Ik houd ook niet van ruzie. Ik zoek het niet op, maar ik vermijd het ook niet."

Urby was de kritiek van zijn vader gewend. Al zijn hele loopbaan benoemde Emau wat er beter kon. Speltechnisch en karakterologisch. Dat hoort erbij, als je een project bent. Sommige dingen kon Urby veranderen, andere dingen niet.

"Ik luister altijd naar mijn vader. Hij heeft verstand van voetbal en hij wil het beste uit me halen. Hij heeft me leergierig gemaakt, hongerig. Zo ben ik ook bij Milaan gekomen. Maar ik ben geen herrieschopper. Dat zit niet in me."

'Urby was niet per se beter, maar hij had meer wilskracht dan ik' Beeld Linda Stulic

En nu woont Urby in Hoofddorp, waar de FC Utrechtspeler een eigen huis heeft. Hij woonde er eerst met zijn ex Vanity en hun twee kinderen. In de reusachtige woonkamer ligt speelgoed; het kroost komt geregeld over de vloer. De woning oogt netjes, maar Urby blijkt geen tuinman te zijn. Het gras in de voortuin komt tot kniehoogte.

Ballenjongens
"Ik heb niet voor het geld gekozen," zegt Urby, met zijn broer Julian naast hem op de witleren bank. "Bij clubs in het buitenland kon ik meer verdienen, maar ik wilde gewoon weer lekker spelen en was het leven in hotels zat."

De broers kennen elkaar door en door, ze waren jarenlang huisgenoten. Julian, vader van drie kinderen, woonde drie jaar samen met Urby, in Italië en Engeland. Profvoetballers trainen hooguit een uur of drie per dag, dus hadden ze veel tijd over.

"Urby was niet per se beter, maar hij had meer wilskracht dan ik," blikt Julian terug. Urby knikt: "We zijn ballenjongen geweest bij het eerste van Ajax. Julian vond dat al heel wat, maar ik nam me toen voor om zelf in het eerste elftal te spelen."

Nu hij terug is in Nederland is, logeert Urby geregeld bij zijn moeder in Zuidoost, op zijn oude jongenskamer. Alleen is ook maar alleen. Dat geldt voor hem, maar ook voor zijn moeder, Shirley.

Julian, Errol en Urby Emanuelson (vlnr), in Milaan in 2013 Beeld Privé

De loopbaan van Urby hangt nauw samen met de relatie van zijn ouders. Julian: "Onze vader zei altijd dat hij bij onze moeder zou weggaan als Urby op zijn achttiende een profcontract had getekend. Dat heeft hij ook gedaan."

Zorgzaam
Toen Urby in Italië en Engeland voetbalde, maakte zijn moeder zich vaak zorgen om hem. Dan belde ze. Of het wel goed met hem ging. Als Julian in Nederland was, kwam ze langs. Moeder Emanuelson vond dat er altijd iemand voor haar zoon op de tribune moest zitten, ook al stond hij niet in de basis.

"Dat zorgzame, dat zit in mijn moeder," zegt Urby. "Ze wil altijd weten of ze iets voor me kan doen. Ze werkt nog steeds op een kinderdagverblijf, omdat ze het leuk vindt om voor kinderen te zorgen. Ze was oppasmoeder van de kinderen van Luis Suarez, toen we samen bij Ajax speelden."

Als Urby iets terug wil doen voor zijn moeder, is dat lastiger. Moeder Emanuelson geeft graag, maar ze vindt het moeilijk om iets te krijgen. Ze cijfert zichzelf weg. "Als ik een vakantie cadeau wil doen, moet ik de tickets kopen, een hotel boeken en dat een dag voor vertrek aan haar geven. Anders wil ze het niet." Zijn vader accepteert de financiële ondersteuning van Urby wat makkelijker.

Urby slaagde, maar het huwelijk van zijn ouders liep spaak. Een ongelukkige combinatie, maar ja. Urby wilde niet níet slagen, en het is niet aan hem om zijn ouders bij elkaar te houden.

"Ik houd van ze allebei."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden