Plus

Van jong talent tot solide kopman; Vingegaard deed het in slechts twee weken Tour

Jonas Vingegaard is de ontdekking deze Tour de France. Een paar jaar geleden werkte hij nog op de visafslag, nu is hij de nummer twee van de Tour achter Tadej Pogacar. ‘Dat hij dit nu al kan laten zien, dat hadden wij ook niet verwacht.’

Tadej Pogacar leidt de dans bergop, met in zijn wiel Jonas Vingegaard en Richard Carapaz. In deze volgorde komen ze ook over de finish. Beeld ANP
Tadej Pogacar leidt de dans bergop, met in zijn wiel Jonas Vingegaard en Richard Carapaz. In deze volgorde komen ze ook over de finish.Beeld ANP

Op de top van de Col du Portet ligt Tadej Pogacar gestrekt op het asfalt. Zijn vijfde aanval – of was het de zesde? – in de laatste tientallen meters van de beklimming is goed genoeg voor de ritzege. Zodra hij weer opkrabbelt en rechtop zit, voelt hij een hand op zijn schouder. Het is Jonas Vingegaard (24), wie anders? De jonge Deense kopman van Jumbo-Visma houdt Pogacar niet alleen bergop nauwlettend in de gaten; na de streep komt hij nog even snel zijn felicitaties overbrengen.

Daarna trekt Vingegaard snel een jack over zijn witte trui, draait zich om en gaat als eerste op de fiets weer naar beneden. Die witte trui van beste jongere heeft hij sinds de tijdrit op dag vijf van Pogacar (22) te leen. Dankzij die bruikleenovereenkomst is Vingegaard gevrijwaard van alle plichtplegingen en de huldiging op het podium. Zo zit hij van alle renners als eerste in een warme bus, zeven kilometer onder de top, als de nieuwe nummer twee van de Tour. “Wat een rit. Natuurlijk had ik graag een keer een etappe gewonnen, maar tweede hier en ook tweede in het klassement is geweldig. Ik ben super, superblij met hoe het vandaag ging.”

Drieënhalf jaar geleden maakte de Deense televisie een reportage over het dan nog 21-jarige wielertalent van ColoQuick Cult. In de ochtenduren werkt Vingegaard op de visafslag, ’s middags traint hij. In een blauw plastic schort en met rubberen handschoenen snijdt Vingegaard vis aan stukken en stopt die in piepschuimen dozen met ijs, waarna die naar de restaurants gaan. Krap vier jaar later rijdt Vingegaard op de Col du Portet met de allerbesten mee en bevestigt daarmee dé ontdekking van deze Tour te zijn.

Wielertheater

Op de Mont Ventoux, een week terug, is hij de enige die Pogacar in verlegenheid kan brengen. Op weg naar de top van de Col du Portet, de voorlaatste bergetappe in de Pyreneeën, hebben de twee twintigers een verbond gesloten. Gezamenlijk gooien ze Rigoberto Urán, tot dan de nummer twee, overboord. Alleen Ineoskopman Richard Carapaz kan nog volgen, maar die weigert mee te werken, veinst pijn en zet in de mist zijn zonnebril op om zich maar niet in de ogen te laten kijken. Tourdebutant Vingegaard herkent het Ecuadoraanse wielertheater meteen. “Ik wist dat Carapaz toneel speelde. Hij wilde niet meewerken en zelfs als we het rustig aan deden, deed hij alsof hij pijn had. Dus ik wist dat hij zou aanvallen op het einde. Gelukkig was ik sterk genoeg om terug te komen en hem er daarna nog uit te sprinten.”

Zo schrijft Vingegaard voor Jumbo-Visma opnieuw een wonderlijk verhaal. Eerder is er al de schansspringer Roglic, die tot tweemaal toe de Vuelta wint. Dan de crosser Van Aert, die de beste is in klassiekers en massasprints in de Tour en op de Mont Ventoux laat zien ook een bergetappe naar zijn hand te kunnen zetten. En dan nu weer het sprookje ‘Van visafslag naar Tourpodium’, al is het nog vier dagen tot Parijs. Vandaag volgt de laatste, loodzware bergrit, maar tot nu laat Vingegaard bergop nergens een teken van zwakte zien. Ook de tijdrit van zaterdag ziet hij vol vertrouwen tegemoet. Niet zo gek, aangezien hij in de eerste tijdrit in Laval derde werd achter – wie anders? – Pogacar. Ook Vingegaard zette daar alle andere klassementsrenners op ruime achterstand.

Uit nood geboren

Niemand bij Jumbo-Visma had deze razendsnelle opkomst van Vingegaard voor mogelijk gehouden. Nadat beoogd kopman Primoz Roglic in de derde dag ongenadig hard onderuit was gegaan en vijf dagen later de Tour voor gezien moest houden, had Vingegaard slechts een kleine twee weken nodig om te laten zien dat hij een grootse rondetoekomst tegemoet gaat. Klimmen, tijdrijden, korte steile aankomsten, Vingegaard gaat het schijnbaar moeiteloos af. Intussen stuurt hij zijn ploegmaten – na het afstappen van de grieperige Steven Kruijswijk gisteren nog maar drie – aan alsof hij al jaren de onbetwiste kopman is.

“Dit hadden wij ook niet verwacht,” zegt Jumboploegleider Grischa Niermann tussen de wolken in de Pyreneeën. “Jonas is nog jong en we wisten dat we met hem iemand hadden die in de toekomst mee kan doen in de grote ronden, maar we hadden niet verwacht dat hij dat dit jaar al zou laten zien.” De afgelopen weken is Niermann opgeslokt door deze ongekende Tour met liefst vier Jumbo-uitvallers, twee ritzeges en nu zelfs een grote kans op het podium in Parijs. Op onbewaakte ogenblikken denkt ook Niermann weleens ‘wat als’ na het wegvallen van Roglic. “Het blijft jammer. Ik hoop dat we komend jaar kunnen terugkomen met Primoz en Jonas en dan een mooi gevecht kunnen aangaan.”

Met Pogacar uiteraard. Vingegaard houdt hem in de gaten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden