Van Gaal: ‘Trainersdiplomaatjes zijn te gemakkelijk weggegeven’

Bondscoach Van Gaal vindt het niet gek dat Nederlandse oud-topvoetballers niet slagen als trainer. Ze missen een onderwijskundige basis.

John Graat

Het ging over de keepers en de rechtsbuiten in het Nederlands elftal, gistermiddag op de persconferentie van Louis van Gaal in Zeist. Maar het ging vooral ook over het trainersvak en hoe hij daarin zijn weg had gevonden, met een onderwijskundige achtergrond, waar hij oud-topvoetballers nu ziet falen.

De aanleiding voor Van Gaals bespiegelingen was Devyne Rensch. De jonge Ajacied zit alsnog bij het Nederlands elftal, omdat Jurriën Timber geblesseerd is. Rensch is bankzitter bij zijn club en dat past eigenlijk niet in de ideeën van Van Gaal, toch? “De filosofie van Van Gaal past niet meer in deze tijd,” zei de bondscoach (70) zelf.

Hij doelde op zijn oude principe dat hij alleen basisspelers selecteert. Door de ‘hedendaagse tendens’ van het rouleren bij topclubs is dat echter niet haalbaar meer. Matthijs de Ligt, Denzel Dumfries, Georginio Wijnaldum, Steven Bergwijn en Davy Klaassen; bijna wekelijks is het afwachten of ze in de basis staan bij hun club. Dus moet hij als bondscoach concessies doen. Om de staat van zulke spelers toch goed te kunnen inschatten, laat Van Gaal data opvragen bij de clubs. Die cijfers moeten duidelijk maken hoe fit ze zijn. “Ik moet nu ook anders naar die spelers gaan kijken. Als iemand twintig minuten voor tijd invalt, moet je hem anders beoordelen dan als basisspeler.”

Ervaringsvak

Een coach die zich aanpast aan de tijd evolueert, doceerde Van Gaal. Hij vertelde dat hij in zijn loopbaan wel vaker tot nieuwe inzichten is gekomen. “Ik ben opgeleid met het DNA van Ajax. Dat is aanvallen en niet kijken naar kwaliteiten van de tegenstander, want ‘we zijn zelf zo goed’. In het buitenland heb ik geleerd dat dat niet altijd opgaat. Eén wedstrijd was daarin een groot kantelmoment voor mij. Met FC Barcelona stonden we ooit met 3-0 voor tegen Valencia, maar het werd 3-4.”

Coaching is in zijn ogen een ervaringsvak, waarbij de onderwijskundige achtergrond bijna essentieel is. Dat blijkt ook de laatste tijd weer, vindt hij. Voormalige Nederlandse topvoetballers hebben problemen om als trainer te slagen, zeker in het buitenland. Mark van Bommel en Jaap Stam liepen recent tegen nieuwe mislukkingen aan, Phillip Cocu, Frank de Boer, Giovanni van Bronckhorst hebben al een tijd geen club. Wesley Sneijder haakte voortijdig af van de trainerscursus.

Allemaal niet zo vreemd, vindt Van Gaal. “Dat is van alle tijden. Er zijn maar een paar uitzonderingen in de Nederlandse trainersgeschiedenis van wie je kunt zeggen dat ze geslaagd zijn als trainer in het buitenland. Die hebben allemaal een vooropleiding genoten. Rinus Michels deed de Alo (academie lichamelijke opvoeding, red.), Leo Beenhakker het Cios, Guus Hiddink ook de Alo. Dat zijn grote namen, die heel wat hebben betekend in het buitenland. Als ik het zo overzie, zijn Dick Advocaat en Bert van Marwijk de uitzonderingen. De jongens van de huidige generatie hebben misschien gymnasium gehad, maar dat is niet wat je nodig hebt om trainer-coach te zijn. Het gaat over de overdracht van een visie of een overtuiging. Dat leer je wel op het Cios en de Alo – en anders wel in de praktijk voor de klas.” In zijn opsomming vergat hij Johan Cruijff en Frank Rijkaard, die bij Barcelona presteerden wat hem niet lukte: de Europa Cup 1/Champions League winnen.

DIplomaatje

Volgens Van Gaal zit het ook in de Nederlandse cultuur dat veel trainers niet slagen over de grens. “Je moet je wel aanpassen in het buitenland, aan een andere cultuur. Dat schijnt voor Nederlanders niet zo gemakkelijk te zijn.”

De verkorte trainerscursus voor oud-profs, die onder anderen Van Bommel, Stam en Edgar Davids hebben gevolgd, was geen goed idee, zegt Van Gaal. “Ik denk niet dat in het buitenland zo gemakkelijk diplomaatjes zijn weggeven.” Hij ziet ‘het geval-Sneijder’ wel als hoopgevend. “Als de KNVB op de oude leest was doorgegaan, zou hij zijn diplomaatje hebben gekregen. Zijn geval bewijst dat de bond de goede richting is ingeslagen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden