Plus Interviews

Van Ajax naar de Spurs: 'Ze gingen als mannen'

Ajax neemt het dinsdagavond in de halve finales van de Champions League op tegen Tottenham Hotspur, waar voormalige Ajacieden een sleutelrol vervullen. 'We hebben zoveel meegemaakt samen.'

Lorenzo Ebecilio, Mounir El Hamdaoui, Toby Alderweireld, Christian Eriksen, Siem de Jong en Jan Vertonghen in 2012. Beeld anp

Voor Siem de Jong (30) is Tottenham Hotspur-Ajax een speciaal affiche. De door Ajax aan Sydney FC verhuurde middenvelder probeert vanuit Australië het duel met zijn ex-teamgenoten Jan Vertonghen, Christian Eriksen en Toby ­Alderweireld live te zien.

"Het wordt lastig door het tijdsverschil van acht uur, maar als we niet te vroeg hoeven trainen, zet ik de wekker om de wedstrijd te zien. Ik ben natuurlijk voor Ajax, maar voor Jan, Christian en Toby vind ik het ook heel mooi dat ze in de halve finale van de Champions League staan. Voor hen worden het ongetwijfeld bijzondere avonden. Zeker de return in Amsterdam."

Hunkering
Met Alderweireld (159 wedstrijden), Vertonghen (151) en Eriksen (142) stond De Jong het vaakst op het veld van al zijn ploeggenoten bij Ajax.

Met Vertonghen werd De Jong twee keer landskampioen, met Eriksen en Alderweireld drie keer. "We hebben samen zoveel mee­gemaakt. Van de titels die we samen wonnen, blijft die van 2011 mij het meeste bij, met die kampioenswedstrijd tegen FC Twente in de Arena. De sfeer was zo intens, de ontlading zo groot. Dat zag je ook aan Jan, onze aanvoerder. Jan is vrij nuchter van nature, maar toen was hij in tranen."

De hunkering naar de landstitel, de dertigste in de clubgeschiedenis, goed voor een derde kampioensster op de borst, was groot.

De beslissing viel die zondagmiddag in de tweede helft en het begon met een bijna achteloos gegeven steekballetje van Eriksen. Hij had weer eens iets gezien wat anderen niet zagen. Met één subtiele beweging van zijn rechtervoet zette hij drie ­verdedigers van FC Twente op het verkeerde been en ploeggenoot Siem de Jong vrij voor het doel: 3-1.

Op de tribune sloeg Thomas Eriksen zijn handen voor zijn ogen. Hij kon nauwelijks geloven dat zijn zoon zojuist met een meesterlijke in­geving het verschil had gemaakt in de kampioenswedstrijd van Ajax.

Later, toen hij terugdacht aan die hete zondag, kon vader Eriksen niet anders dan toegeven dat wat hij had ­gezien hem bekend was voorgekomen. Christian was een jaar of acht toen zijn unieke talent zich openbaarde. "Zo klein als hij was, hij overzag het hele veld. Het is zijn natuurlijke ­omgeving. Als je Christian op straat tegenkomt, valt hij niet op, maar ­zodra hij een voetbalveld betreedt, gebeurt er iets met hem. Hij wordt ­groter."

Acht jaar later rekent Danny Blind, tegenwoordig commissaris technische zaken van Ajax, Christian Eriksen tot de betere middenvelders van Europa. "Hij is tweebenig, kan een hoog tempo ontwikkelen aan de bal, heeft een geweldige passing en een goed schot: een droge, lage knal, waar hij een hoog rendement uit haalt."

Kijkje in de keuken
Dat schot oefende hij eindeloos in zijn jaren bij Ajax. Vaak in het bijzijn van Dennis Bergkamp, toen individueel trainer bij het eerste elftal. "Als iemand heeft bewezen waar veel en hard trainen toe kan leiden, is het Eriksen," zei Bergkamp niet zo lang geleden over de ontwikkeling van de Deen in Londen.

"Je moest hem bij wijze van spreken van het veld slaan. Het begint met talent, dat is zijn basis, maar hij heeft dat talent bij Ajax ontwikkeld en verfijnd en is uitgegroeid tot misschien wel de belangrijkste speler van Tottenham Hotspur. Het afwerken op doel, van net buiten het strafschopgebied, daar is hij zó vast in geworden. Uit alle standen en op elk ­moment kan hij die handeling nu uitvoeren, snel en met precisie. En dat helpt je op het hoogste niveau, als ruimtes kleiner worden en de moeilijkheidsgraad omhooggaat."

Blind was technisch manager van Ajax toen de 15-jarige Eriksen naar Amsterdam kwam voor een stage­periode. De jeugdspeler uit Middelfart was eerder op proef geweest bij Barcelona, Chelsea, AC Milan en Feyenoord. Zijn ouders wilden hun licht opsteken bij verschillende clubs in ­Europa.

Blind: "Ik vind dat je voor een goede ontvangst en begeleiding moet zorgen tijdens zo'n stageperiode. Zonder te snoeven moet je een eerlijk kijkje in de keuken geven. Wat staat de speler te wachten en wat zijn de mogelijk­heden? Dan praat je met de ouders uiteraard ook over een gast­gezin voor hun zoon, want je wilt dat die jongens een zo goed mogelijke thuis­situatie hebben."

Het voorwerk is dan al gedaan door de scouts: zij volgen de ontwikkeling van het talent en leggen het eerste contact met de familie. In Denemarken vaart Ajax al decennia op de expertise van John Steen Olsen (76), in België is Urbain ­Haesaert (77) de vooruitgeschoven pion. Blind: "Allebei innemende mensen, met een mooie staat van dienst. Ze stralen in alles rust en vertrouwen uit. Geen mannen van wie je als ouders van een talentvolle voetballer denkt: ik moet op mijn hoede zijn."

Haesaert was tussen 2010 en 2018 hoofd opleidingen van Anderlecht, maar hij is sinds enige tijd weer verbonden aan Ajax. De samenwerking tussen de scout en de Amsterdamse club begon in 1999, toen Ajax een aandeel nam in de Belgische club GBA. Grote talenten als Jan ­Vertonghen, Toby Alderweireld, Thomas ­Vermaelen en Tom de Mul maakten de stap naar de jeugdopleiding van Ajax. Blind, toen hoofd opleidingen en trainer van de A1: "Urbain ­Haesaert had dat talent uit de omgeving van Antwerpen al samengebracht bij GBA."

Ze hadden het niet altijd makkelijk in Amsterdam. Vertonghen verloor zijn vader en Alderweireld kampte geregeld met heimwee. Blind: "Als de familie Alderweireld in het weekend hier was, kwam die heimwee altijd wel even ter sprake. Het is ook een enorme stap: de meeste jongens kwamen uit kleine dorpjes. Van een rustieke omgeving werden ze midden in de Bijlmer neergezet. Ajax had een samenwerking met Open Schoolgemeenschap Bijlmer. Toby kwam bij mijn zoon Daley in de klas. Ze hebben het soms moeilijk gehad, maar die periode heeft ze ook gevormd, en veel gebracht. Zo zullen ze erop terug­kijken."

Er groeiden vriendschappen. Siem de Jong: "Ik kon het altijd goed vinden met Christian en Toby, maar vooral met Jan had ik een hechte band. Onze vriendinnen hadden ook een goede klik. Jan en ik lijken qua karakter op elkaar en bleken dezelfde interesses te hebben, zoals pubquizzen. We zaten niet altijd in de top van het klassement, voor ons waren het meer doordeweekse avondjes uit. We hebben één keer ­gewonnen. Dat kwam vooral door andere ­jongens in ons team. Als winnaars hoefden we toen de rekening niet te betalen. Dat scheelde misschien een portie bitterballen, want drinken deden we niet."

Opgenomen in de Ajaxfamilie
In zijn periode bij Newcastle United zocht De Jong zijn ex-teamgenoten geregeld op. "Met ­Daley Blind, die toen bij Manchester United zat, ben ik nog een keer naar Londen gegaan om een hapje te eten met Christian en Jan. Het was ­altijd lastig om iets af te spreken met de drukke schema's bij de clubs, dus we spraken elkaar vooral op de app. Dan ging het soms ook over wanneer we met z'n allen zouden terugkeren bij Ajax. Daley en ik zijn al teruggekeerd, van die andere jongens heb ik nog geen serieus sein ­gekregen. Wie weet als Ajax de Champions League wint... Al willen dan vast meer spelers naar Ajax komen."

"Eerst maar kijken hoe het in de halve finale gaat. Het worden close games, denk ik. Ik hoop dat Ajax weer het niveau van de wedstrijden tegen Real Madrid en ­Juventus kan halen. Een dag voor de return in de Arena speel ik met Sydney in de Aziatische Champions League in Zuid-Korea. Of ik op tijd thuis ben na de vlucht weet ik niet, anders probeer ik via mijn telefoon de wedstrijd in de gaten te houden."

Danny Blind vindt het een groot compliment voor de opleiding van Ajax dat nu zo veel jongens van verschillende generaties in de halve ­finales van de Champions League staan.

"Het betekent dat er bij Ajax door de jaren heen toch altijd talent is door blijven stromen. En als de tijd rijp is, zal een aantal van die spelers wellicht terugkeren op het oude nest. Het is mooi dat ze allemaal met warmte en respect over Ajax praten. Dat komt toch omdat ze, en dat klinkt ­pathetisch, maar ik weet niet hoe ik het anders moet uitdrukken, op hun vijftiende zijn opgenomen in de Ajaxfamilie. Dat is toch anders dan wanneer je op je 24ste wordt gekocht door een club. Ze kwamen als jongens naar Amsterdam en ze gingen als mannen de deur uit."

Volg alles in aanloop naar de wedstrijd in ons blog

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden