PlusAnalyse

Sportbonden moeten hervormen om ‘sportwashing’ in toekomst te voorkomen

Hoe kan het dat het grootste sporttoernooi ter wereld, de Olympische Spelen, vrijdag begint in een land waar de mensenrechten zo onder druk staan? Om dit soort schimmige beslissingen in de toekomst te voorkomen, is meer nodig dan een boycot. Sportbonden hebben de sleutel zelf in handen.

Sanne Schelfaut en Mark van Assen
Sporters en leden van TeamNL bij aankomst op de luchthaven van Peking voor de Olympische Spelen van 2022, vorige week donderdag. Beeld ANP
Sporters en leden van TeamNL bij aankomst op de luchthaven van Peking voor de Olympische Spelen van 2022, vorige week donderdag.Beeld ANP

Het is vaste prik: als een groot sportfestijn plaatsheeft in een land dat slecht scoort op het gebied van mensenrechten, wordt er steevast tot een boycot opgeroepen. Dat is dit jaar bij de Olympische Winterspelen in Peking en bij het WK Voetbal in Qatar niet anders.

Landen als de Verenigde Staten, Canada, maar ook Nederland sturen deze maand geen officiële regeringsdelegaties naar het land dat de vrijheid van zijn 1,4 miljard inwoners steeds verder inperkt en ongeveer een miljoen Oeigoeren, een moslimminderheid, in detentiekampen heeft gestopt. De Tweede Kamer sprak eerder zelfs uit dat China genocide pleegt op de Oeigoeren.

Olympische gedachte

Hoe kan het dat het Internationaal Olympisch Comité (IOC), de organisatie die verantwoordelijk is voor de selectieprocedure, de Olympische gedachte van onder meer gelijkheid en verdraagzaamheid zo verkwanselt door het toewijzen van het toernooi aan landen als Rusland (Sotsji 2014) en China?

“China levert en is daarom een veilige keuze,” zei IOC-voorzitter Thomas Bach bij het toekennen van de Winterspelen aan Peking. Het IOC kreeg met China de garantie dat het enorme evenement zou doorgaan. “Als China dat belooft, weten we zeker dat het gebeurt,” aldus Bach, die zich kennelijk niet liet imponeren door de wereldwijde weerstand.

Spiegel

Bachs houding is er een van wie-doet-mij-wat? De machtige club waarvan hij aanvoerder is, heeft grote moeite zichzelf een spiegel voor te houden. Tot nu toe lijkt het IOC amper te willen luisteren naar de roep vanuit met name het Westen om strengere eisen op te stellen voor het toewijzingsbeleid. Eisen op het gebied van mensenrechten, democratie en de positie van minderheden.

Als we de Universele Verklaring van de Rechten van De Mens als meetlat voor de selectieprocedure zouden inzetten, is de vraag welk land overblijft om de Spelen te organiseren. Ook Nederland zou alleen al met de toeslagenaffaire in het achterhoofd niet kunnen voldoen aan artikel 2 uit deze Verklaring. Dat artikel luidt: ‘Een ieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden (…) zonder enig onderscheid van welke aard ook, zoals ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging (…).’ De toeslagenaffaire staat echter in geen verhouding tot genocide op een volk, zoals in China aan de hand is. In de rangorde van erg-erger-ergste mensenrechtenschendingen staat zoiets wel bovenaan.

Geen enkel land heeft volledig ‘schone handen’, maar toekenning aan staten die zo flagrant mensenrechten schenden, is het andere uiterste. Sportorganisaties als het IOC, FIA (Formule 1) of voetbalbond Fifa zullen zichzelf opnieuw moeten uitvinden om te voorkomen dat ze in de toekomst alleen nog maar de keuze hebben uit dictatoriale staten die met een grote zak geld de sport gebruiken om hun slechte reputatie op het gebied van democratie te verbeteren (sportwashing).

Het hervormingsproces van sportbonden gaat zeker niet over één nacht ijs. De organisaties zullen eerst kritisch binnen de eigen gelederen moeten kijken hoeveel leden daadwerkelijk verstand hebben van niet alleen de landencultuur, maar ook van organisatiestructuur, financiën, efficiëntie en duurzaamheid. Want dat Peking in 2015 de Winterspelen kreeg toegewezen, had ook te maken met het feit dat de een na de andere kandidaat zich terugtrok uit angst voor te hoge kosten (met de 40 miljard euro kostende Spelen in Sotsji als ultiem schrikbeeld).

Volgens sporthistoricus Jurryt van de Vooren besloot Noorwegen de kandidatuur van hoofdstad Oslo niet alleen in te trekken vanwege het financiële verhaal, maar ook nadat het land kennis had genomen van IOC-voorschriften dat wanneer een lid van dit comité een hotel betreedt, het personeel verplicht is te applaudisseren. Of dat het staatshoofd van het organiserende land aanwezig dient te zijn bij de eerste ontvangst van de IOC-voorzitter.

Volgens Thomas Bach, voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité, was de keuze voor China voor de Winterspelen van dit jaar een veilige keuze. 'Als China het belooft, weten we zeker dat het gebeurt,' aldus Bach. Beeld AP
Volgens Thomas Bach, voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité, was de keuze voor China voor de Winterspelen van dit jaar een veilige keuze. 'Als China het belooft, weten we zeker dat het gebeurt,' aldus Bach.Beeld AP

Ridicule regels

Het ontbreken van tegenmacht is volgens Van de Vooren een groot probleem bij de ontwikkeling van een gezonde organisatie. Zolang dit soort machtige sportbonden een gesloten bolwerk blijven en alles zelf bepalen, zal dit waarschijnlijk niet snel veranderen. Er zal dus ook van buitenaf volop op de trom moeten worden geslagen om een club als het IOC transparanter te krijgen.

Het zou het comité sieren als er intern een beweging wordt opgericht waarin ook vertegenwoordigers van bijvoorbeeld mensenrechtenorganisaties als Amnesty International zitting hebben. En dat er ook wordt nagedacht over het voeren van een gezonde ‘bedrijfsvoering’ voor de Spelen, plus het schrappen van overbodige en ridicule regels zoals het verplicht klappen voor IOC-leden.

Peng Shuai

De lokroep van het grote geld uit landen als Saoedi-Arabië, Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten, Rusland en China blijft hoe dan ook verleidelijk. Maar er zijn bonden die inmiddels het lef hebben op te staan tegen dubieuze regimes. Zo besloot de internationale tennisbond voor vrouwen (WTA) alle toernooien in China te schrappen. Uit protest tegen de behandeling van de Chinese tennisster Peng Shuai die eerder verkondigde seksueel te zijn misbruikt door de voormalige Chinese vicepremier. Het kost de WTA ongeveer een miljard euro aan opbrengsten, maar als deze organisatie haar rug recht houdt, is het een belangrijke stap in de goede richting.

Boycotten Olympische Spelen levert doorgaans weinig op

Het boycotten van een groot sportevenement is een uitgelezen manier om je punt te maken. Er zijn tal van voorbeelden, met name rond de Olympische Spelen. Of het ook effectief is, is een tweede.

De allereerste keer dat de Olympische Spelen, het grootste sporttoernooi ter wereld, getroffen werden door een boycot, was in 1956. Een van de landen die niet afreisden naar het Australische Melbourne, was Nederland. Samen met Spanje en Zweden had ons land de kat de bel aangebonden vanwege de Russische inval in Hongarije. Alsof er een ban was gebroken, deden aan diezelfde Spelen ook Egypte, Irak, Cambodja en Libanon niet mee (vanwege de Suezcrisis), net als China (in verband met de deelname van Taiwan).

In 1976 bleven 22 Afrikaanse landen thuis, toen de Spelen in de Canadese stad Montreal werden gehouden. Het was een protest tegen een tournee van het Nieuw-Zeelandse rugbyteam door Zuid-Afrika. Dat was een schending van een internationale boycot tegen het land vanwege het apartheidsregime. Nieuw-Zeeland mocht vervolgens wel meedoen aan de Spelen.

De omvangrijkste boycot was die van de Olympische Spelen in Moskou van 1980. De Sovjets waren in de laatste dagen van 1979 Afghanistan binnengevallen. Liefst 66 landen protesteerden daartegen door weg te blijven. Nederland was daar niet bij. Het Olympisch Comité wilde niet meedoen aan de boycot, omdat de vorige (die van 1956) niks had opgeleverd. Het liet de beslissing aan de afzonderlijke sportbonden. Alleen de hockeyers, turners en ruiters besloten toen niet te gaan. Het waren de Spelen waarop Gerard Nijboer de zilveren medaille op de marathon won. Als reactie besloten achttien communistische landen (De Warschaupactlanden, Noord-Korea, Afghanistan, Angola en Albanië) vier jaar later de Spelen in Los Angeles te boycotten.

Je kunt ook op een andere manier boycotten. Zo willen sommige sporters uit islamitische landen niet uitkomen tegen Israël (vanwege de Palestijnse kwestie). Bij de Olympische Spelen in 2016 in Brazilië, weigerde een Egyptische judoka de hand van zijn Israëlische tegenstander te schudden. De speler werd door het IOC naar huis gestuurd. Behalve wat wederzijdse verontwaardiging leverde dit verder niks op. Hetzelfde valt te zeggen over veel andere boycots.

Behalve misschien die tegen Zuid-Afrika. Dat land mocht van 1964 tot 1988 niet meedoen aan de Olympische Spelen. Volgens de Britse journalist David Goldblatt, auteur van De Spelen, is dat eigenlijk de enige boycot die een groot en blijvend effect heeft gehad. Hij was niet alleen onderdeel van een breder pakket aan sancties en kreeg de steun van een groot aantal landen, maar had ook een duidelijk doel: weg met de apartheid. “Wat willen we nou van China?” vroeg hij zich vorig jaar af in een artikel voor het Britse opinieblad Prospect. “De opheffing van de communistische partij? Of van Qatar? Burgerschap voor twee miljoen gastarbeiders?”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden