Siem de Jong: ‘Ik hoop van waarde te kunnen zijn voor het team.’

Plus Interview

Siem de Jong: ‘Erik ten Hag deelt geen cadeautjes uit’

Siem de Jong: ‘Ik hoop van waarde te kunnen zijn voor het team.’ Beeld BSR Agency

Ajax-FC Groningen was de 270ste officiële wedstrijd van Siem de Jong in het Ajaxshirt. Hij viel een paar minuten voor tijd in. Bij die rol zal het dit seizoen vermoedelijk blijven.

Het succes van Ajax vorig seizoen in de Cham­pions League was voor Siem de Jong letterlijk een ver-van-zijn-bedshow. “In Australië was het zes uur ’s ochtends als die wedstrijden werden gespeeld. Ik keek soms in mijn bed, op mijn telefoon. Heel onwezenlijk. Maar prachtig om te zien. Het spel van Ajax is wel veranderd ten opzichte van de vier seizoenen dat ik kampioen werd met de club, tussen 2011 en 2014. Het is vooral knap hoe snel er vanuit balbezit kansen worden gecreëerd.”

De Jong besloot vorige zomer in te stemmen met een verhuur aan Sydney FC. Die keuze had hij nooit gemaakt als hij in Jong Ajax wedstrijdritme had kunnen opdoen, vertelt hij nu. “Na al die jaren van blessureleed móest ik spelen, minuten maken. Ik kon bij Ajax niets opbouwen, want door de veranderde regels mag ik op mijn leeftijd niet meer in het tweede elftal spelen.”

Een stevige tackle bezorgde De Jong in Australië ook een blessure, aan zijn knie. Hij stond twee maanden aan de kant. “Toch hield ik zeker aan die eerste periode een goed gevoel over. Ik maakte wekelijks de negentig minuten vol, in die intense stijl van voetballen daar, en in die hitte. Niet dat ik aan mezelf was gaan twijfelen, maar in de jaren daarvoor had ik nooit vaker dan zes, zeven wedstrijden op een rij gespeeld.”

Waarom ik? Waarom wéér?

Zijn lijst met blessures is ellenlang en divers. De Jong liep twee keer een klaplong op, een oogblessure, spierkwetsuren aan bovenbeen en kuit. De ellende begon in zijn laatste seizoen bij Ajax (2013-2014). “Daarvóór was ik nooit geblesseerd.” 

Natuurlijk knaagt dat aan een sporter. Waarom ik? Waarom wéér? Ook De Jong vroeg zich af of er een diepere, wellicht mentale oorzaak achter zijn blessures schuilging.

Hij bezocht een sportpsycholoog. “Je wilt weten of je misschien ergens fysiek geblokkeerd raakt door spanning of frustratie. We kwamen er vrij snel achter dat het niet in mijn hoofd zat. Ik ben het vertrouwen in mijn lijf ook niet kwijtgeraakt. Het voelde een beetje alsof ik op zoek was naar een bevestiging van het feit dat ik pech heb gehad. Die bevestiging heb je soms nodig. Veel van mijn blessures waren niet aan voetbal gerelateerd. Bovendien werd ik op weg naar volle­dige wedstrijdfitheid soms opgehouden door keuzes van een trainer, of door een nieuwe blessure. Zeg dat er na een revalidatieperiode vier fases zijn waar je doorheen moet, dan kwam ik vaak niet verder dan stap twee.”

In de huidige selectie heeft De Jong zich geconformeerd aan een marginale rol. Eérst komt Klaas-Jan Huntelaar, pas daarna wellicht komt hij. Ze behoren tot de oudere spelers van Ajax, respectievelijk 36 en 30 jaar oud, en nemen een speciale plek in. Voor trainer Erik ten Hag is Huntelaar zijn pinchhitter, zijn plan B om een doelpunt te forceren. Als dat evenmin het gewenste effect sorteert, kan hij de druk met De Jong – de kopsterke schaduwspits – nog wat ­verder opvoeren. Noem het een plan C.

Geen cadeautjes

De afspraak met Ten Hag is helder. De Jong werkt bij Ajax aan zijn algehele fitheid en waar nodig versterkt hij het elftal. “Ik verricht veel extra trainingsarbeid, zowel indoor als outdoor. Ik maak meer meters, meer loopjes, doe meer aan krachttraining. En als de A-selectie een rustige training voor de boeg heeft, dan sluit ik soms aan bij het tweede elftal. Ik werk aan mezelf. Na dit seizoen loopt mijn contract bij Ajax af, maar ik wil nog wel een paar jaar voetballen op niveau. Erik ten Hag zegt ook: train om basisspeler te worden, je weet nooit hoe het loopt, maar houd nergens rekening mee. Toch hoop ik van waarde te kunnen zijn voor het team.”

De Jong moet knokken voor zijn minuten en hopen op een invalbeurtje. Hij is min of meer terug bij hoe het ooit begon bij Ajax, in 2007. Hij was toen achttien jaar. Of dat pijnlijk is? Soms. Want hij traint om wedstrijden te spelen terwijl hij weet dat dat heel moeilijk gaat worden. Maar een opoffering? Dat niet. “De trainingen zijn uitdagend en gevarieerd. Daar haal ik dagelijks mijn voldoening uit.”

Sinds De Jong terugkeerde op de bank bij het eerste en hij tegen Heerenveen (14 september) mocht invallen, voelt hij zich weer volwaardig lid van de selectie. Een spelersgroep die op hoog niveau speelt en traint. “Ik denk dat dit Ajax ­beter is dan het Ajax waarmee wij vier keer kampioen werden. Die titels waren vooral een collectieve prestatie. Individueel is er nu meer kwaliteit. Er is ook flink geïnvesteerd in de groep. Er zijn veel creatieve jongens, die snel voor de laatste bal gaan. Voor een type als ik, een schaduwspits die vaak in de zestien komt, is dat heerlijk. Ik heb spelers nodig die de bal daar panklaar neerleggen.”

Hij traint dagelijks met die spelers. Die trainingen zijn voor hem toetsmomenten. Dat Ten Hag hem al een paar keer liet invallen, is voor De Jong de bevestiging dat hij groeiende is. “Want deze trainer deelt geen cadeautjes uit.” Diezelfde trainer prikkelt hem ook het beste uit zichzelf te halen. “Hij verwees al vaker naar Klaas-Jan Huntelaar, die zes jaar ouder is dan ik. Ik hoop ook nog een tijdje te kunnen spelen. Maar dan moet ik wel topfit zijn, waar dat ook zal zijn.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden