PlusInterview

Schaatskampioen Christijn Groeneveld: ‘Het leven is zo veel meer dan schaatsen’

Christijn Groeneveld leefde ooit voor natuurijs, hij is al zeven jaar de regerend Nederlands kampioen, maar een week geleden zat juist hij binnen tijdens de vorst, in zijn rolstoel. ‘Het is logischer niet te missen wat ik toch niet kan.’

Christijn Groeneveld (uiterst links) in 2013 op het Veluwemeer op weg naar zijn kampioenstitel. Beeld ANP
Christijn Groeneveld (uiterst links) in 2013 op het Veluwemeer op weg naar zijn kampioenstitel.Beeld ANP

Het was een enerverende week. Eerst kwam de sneeuw, met zijn beperkingen. Daarna de vorst en de kans op een Nederlands kampioenschap. Eindelijk. Maar juist Christijn Groeneveld, de regerend nationaal kampioen natuurijs, zat binnen. Het kon niet anders. Wel werd hij gebeld door een nieuwssite, om te vertellen over het bijzondere van zo’n titel, en daarna de vraag: je hebt toch een rugblessure? Ja. Een partiële dwarslaesie om precies te zijn.

Het is maandagmiddag. De ijskoorts is net gezakt, het dooit. Oftewel: de vrijheid lonkt. In een benedenwoning in Amsterdam-West kijkt Groeneveld (36) naar buiten. Nog één dag, dan is de sneeuw waarschijnlijk verdwenen en kan hij weer een stuk makkelijker de weg op. “Als schaatser, helemaal als marathonschaatser, was dit het mooiste moment. Nu is er voor mij eigenlijk geen reet aan.” Blik omlaag, naar het staal naast zijn benen. “Met die rolstoel in de sneeuw is alsof je in een soort van zandbak terechtkomt: een heel slechte combinatie.”

Op krukken in de sneeuw

Laatst plaatste hij een foto van zichzelf op sociale media: hij stond even op krukken in de sneeuw. Het is wel grappig, vindt hij, wat er dan gebeurt. Dan komen er reacties als: ‘O, wat gaaf om te zien dat je weer loopt.’ Groeneveld lacht. “Mensen denken dan dat ik dat weer kan, terwijl, eigenlijk is het precies hetzelfde als vier jaar geleden.”

In 2013 was hij de beste op het moment suprême. Op het Veluwemeer werd Groeneveld Nederlands kampioen. Vet, dacht hij, nu mag ik in zo’n rood-wit-blauw pak schaatsen. Maar hij dacht ook: er komen hierna nog wel weer vijf kampioenschappen op natuurijs. Het was in 2013 namelijk de vijfde titelstrijd op rij.

Vettere overwinning

“Ik stond er toen nooit bij stil dat ik zo lang Nederlands kampioen kon blijven en dat mijn hele leven daarna een soort van, eh, heel anders kon worden. Omdat het nu al zo lang staat, is die overwinning uiteindelijk veel vetter. Unieker. Voor mij is dat NK het hoogtepunt uit mijn schaatscarrière geworden. Dat is nu nog steeds dierbaar, een herinnering die ik koester.”

Anderhalf jaar na die titel kwam in het Zuid-Duitse Inzell abrupt een einde aan zijn schaatsloopbaan. Groeneveld schaatste op topsnelheid en zijn training zat er bijna op, toen hij hard onderuitging en tegen de boarding klapte. ­Hij brak een rugwervel, acht ribben en liep twee klap­longen op. Hij kon na de val zijn benen niet meer bewegen. Een volledige dwarslaesie, zo leek het in eerste instantie.

Specialistisch ziekenhuis

In Duitsland volgden twee lange operaties in een specialistisch ziekenhuis. “Dat was mijn redding. Ze hebben mijn zenuwbaan ruimte gegeven om uit te kunnen zetten, waardoor die zwelling minder schade heeft opgeleverd en ik deels beweging en gevoel heb teruggekregen.”

“Met de vraag of het slechter had kunnen aflopen, ben ik niet echt bezig. Het had ook beter gekund. Ik denk dat je gewoon moet accepteren hoe het bij jezelf is. Revalideren ging met ups en downs, het was een onzekere tijd. Wat superbelangrijk was: ik heb goede begeleiding gekregen, fysiek en mentaal. Van mijn oude schaatsploeg TVM, van de fysiotherapeut, van de directeuren, van trainer Gerard Kemkers, die regelde dat ik na mijn traject in het revalidatiecentrum bij AZ verder kon revalideren.”

“In dat opzicht heb ik geluk gehad dat ik uit de schaatssport kwam. Ik wilde het beste eruit halen, het benaderen als topsport. Ik heb in die revalidatieperiode ook echt een grote stap gemaakt.”

Vrijheid 

Sinds vier jaar is de status zo: hij loopt, ‘een beetje’, met krukken en hij fietst op een elektrische fiets. Zonder batterij lukt ook. “Maar als er een brug komt, ben ik de lul.”

Fietsen geeft een gevoel van vrijheid, in de zomer doet hij vrijwel elke avond een rondje Vondelpark. Maar 90 procent van de tijd zit hij in zijn rolstoel.

Sinds kort tennist hij, mede dankzij Google. Hij had ingetikt: dichtstbijzijnde rolstoeltennisvereniging. “Zat ik met twee omaatjes van rond de 60 in een tennisles.”

Dat tennissen gaat direct met een topsportinslag. Hij wil wedstrijden spelen. Door de coronapandemie liggen de lessen even stil, maar Groeneveld leent een tennisrolstoel en traint op eigen initiatief door, bijgestaan door vrienden.

Waarderen

“Als ik nu de keuze had: lopen of zitten, is die keuze makkelijk: lopen, natuurlijk. Maar ik heb wel iets meegemaakt waar ik veel van heb geleerd en waardoor ik een ander beeld heb gekregen van het leven. Het is echt zo: je leert kleine dingen waarderen. Ik heb een heel leuk leven. Een huis, een baan, ik heb nieuwe mensen leren kennen, die ik anders waarschijnlijk niet had leren kennen.” Sinds twee jaar werkt hij op de marketingafdeling van accounts- en adviesbureau PwC.

Op de donkerbruine kast achter hem staat een model van een botter, een boot, in 2013 uitgedeeld de schaatsers op het NK-podium als aandenken aan het Veluwemeer. Het is het enige in huis dat aan zijn schaatscarrière herinnert. Het rood-wit-blauwe-schaatspak ligt ergens bij zijn ouders. “Stom om weg te doen, maar uiteindelijk weet je ook niet wat je er wél mee moet.”

Nieuw leven

Natuurlijk mist hij het schaatsen. “In zo’n periode met natuurijs kriebelt het. Maar er zijn veel herinneringen in mijn leven aan wat ik nu niet meer kan. Ik kan ook niet meer golfsurfen of motorrijden. Daar sta ik niet vaak bij stil. Het is logischer niet te missen wat ik toch absoluut niet kan. Er gebeurt zo veel meer in het leven dan alleen schaatsen.”

Het ongeluk en het traject daarna veranderden zijn kijk op het leven. “Weet je wat het is? Als ik een soortgelijk verhaal hoor, vind ik het ook zielig. Terwijl ik mezelf niet zielig vind. Het ís ook geen leuk verhaal, maar mensen hoeven absoluut geen medelijden te hebben met me omdat ik niet meer kan schaatsen. Ik was schaatser toen ik dat ongeluk kreeg, de dag erna begon een nieuw leven.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden