PlusInterview

Revancheren Ajax én Tadic zich tegen Liverpool? ‘Iedere speler wil mij en Ajax verslaan en ons zien vallen’

In de kraker tegen Liverpool willen Ajax en Dusan Tadic (33) woensdagavond hun wederopstanding voltrekken. Aan de lading kritiek op zijn spel, houding en reputatie heeft de captain maling: ‘Dat ik the guy you love to hate geworden ben, vind ik een groot compliment.’

Johan Inan
Dusan Tadic: ‘Smerig zijn moet soms in topvoetbal. Daarin telt alleen de zege en dan moet je soms een klootzak zijn.’ Beeld Pro Shots / Marcel van Dorst
Dusan Tadic: ‘Smerig zijn moet soms in topvoetbal. Daarin telt alleen de zege en dan moet je soms een klootzak zijn.’Beeld Pro Shots / Marcel van Dorst

We staan aan de vooravond van de kraker tegen Liverpool. Was het uitduel het begin van jouw zwaarste maand bij Ajax?

“Ik denk wel dat we het tijdens die nederlagen tegen Liverpool en Napoli heel zwaar hadden. Maar dit zijn ook geen slechte teams, hè. Tegen Liverpool verliezen we in de laatste minuten. Napoli is een goed elftal. Tegen AZ gaven we alles weg. Ik denk dat we nu weer op het juiste spoor zitten. We weten wat ons doel is. Het is normaal om goede en slechte momenten te hebben. Zeker als je twaalf spelers vervangt, is het niet gemakkelijk om je niveau te handhaven.”

Maar al die mutaties staan toch geen 1-6 nederlaag toe?

“Nee, al hadden we de complete selectie vervangen, mag dat Ajax niet gebeuren. Ik was ook echt kwaad. Op mezelf, op het team, op iedereen. We gaven het helemaal weg. We speelden niet goed, maar dan nog... Als je 1-0 voor komt en je verdedigt goed als team, en daarmee bedoel ik ook de aanvallers, kun je met 1-0 rusten. Maar als je er drie weggeeft en na rust meteen de vierde, loopt het fout af.”

Stond die blamage voor jou op zich? Vielen jullie tegen Spurs en bij Benfica ook niet uit elkaar omdat jullie bleven volharden in aanvallen, wat Real Madrid bijvoorbeeld nooit overkomt?

“Ja, maar kijk hoe lang ze daar al samen spelen: Benzema, Kroos, Modric, Carvajal, Courtois. Ze zitten er al tien jaar en weten precies wat ze moeten doen. Daar zit het verschil. Bij ons willen veel spelers na een paar jaar sportief en financieel verder. Ons team is daardoor nu compleet nieuw. Begrijp me niet verkeerd: ik zoek niet naar excuses, maar als je zoveel spelers verliest, verlies je zo veel automatisme dat je op zoek moet naar een nieuwe formule.”

Beschouw je de mate van verval de voorbije maand als normaal dan?

“Ja. Daarmee zeg ik niet dat het gemakkelijk is. We willen alles winnen, maar ik besef ook dat het proces nu hélemaal opnieuw begint en we meer geduld moeten hebben. Vorig jaar vertrok niemand. Dat zag je in ons spel. We wisten wat nodig was. Als het later voetballend niet lukte, deden we het vaak op karakter.”

Het aantal kansen dat jullie tegen krijgen, zeker in topduels, is toch schrikbarend?

“Daar ben ik het mee eens. Helemaal met dat je vooral in topduels ziet dat we ons daarin moeten verbeteren. We hebben een paar nieuwe verdedigers. Ik vind ook dat wij ze als aanvallers meer moeten helpen. Als wij goed drukzetten, verzuipt onze verdediging niet. Als zij goed opbouwen, kunnen wij weer vaker het verschil maken. Naar die balans zijn we op zoek en ik denk dat dat steeds beter gaat.”

Was de reeks tegen Liverpool, AZ en Napoli voor jou persoonlijk de minste in het shirt van Ajax?

“Ja, maar dan komen we weer op het punt: we speelden te veel lange ballen. Voorin komt niemand dan tot zijn recht bij ons. Dan roepen de mensen: zwakke wedstrijd. Ja, maar hoeveel fatsoenlijke ballen heb ik gehad? Het werkt beide kanten op.”

Je was volgens velen op je retour en rijp voor de bank. Wat deed de kritiek met je?

“Niets. Als mensen met argumenten praten, prima. Maar als ze praten om er een show van te maken, zelfs als ik niet speel, trek ik het slecht. De kritiek richt zich vaak eerst op mij als ervaren captain, maar je moet daarin dingen meewegen. Bijvoorbeeld dat ik van spits, naar schaduwspits, naar rechts ging. Op links, waar ik de afgelopen vier jaar vooral speelde en vaak goed ook, speelde ik niet. Daar sta ik nu weer en het gaat ook weer beter.”

Zijn de laatste wedstrijden het bewijs dat je nooit van die linkerflank gehaald had moeten worden?

“Ik denk wel dat duidelijk is dat dat mijn beste positie is, maar als de noodzaak er is om op een andere plek te spelen, doe ik dat. Het belangrijkste is dat we winnen.”

Toch ging het in Volendam niet over de oude Tadic op links, maar over Tadic als assistent aan de zijlijn na jouw wissel. Was je verrast door de commotie?

“Je weet dat in Nederland van kleine dingen grote dingen worden gemaakt. Dat is normaal. Bij Ajax is alles interessant. Laat staan wat de aanvoerder doet. Dat boeit me alleen niet. Ik praat op het veld ook veel. Ik wilde het team pushen, omdat ik voelde dat de energie afnam. That’s it.”

Onbewust straalde het wel af op jouw trainer, die jou niet naar de bank verwees tegen de hekkensluiter.

“Waarom zou hij me naar de bank moeten verwijzen? Ik denk dat hij trots moet zijn omdat hij ziet hoeveel ik om het team geef en alleen wil helpen om te winnen. Dat lijkt me niet meer dan normaal.”

Was dat ook waarom je – ondanks je schorsing – mee ging naar Napels?

“Ik zie het als een verplichting om mee te gaan. Zo voelt dat voor mij. Dan kan ik teamgenoten al pratend helpen en steunen. Iedereen zag dat ook zitten.”

Wie besloot dat?

“Ik zei meteen dat ik mee wilde.”

De meeste geschorste spelers blijven thuis.

“Ja, maar ik vind dat noodzakelijk. Ik ben de aanvoerder. Ik wil met mijn team zijn, ook als ik niet speel. Als ik niet meeging, voelde het voor mij alsof ik het team in de steek liet.”

Iedereen heeft een mening over Tadic. Je bent in Nederland ‘the guy you love to hate’ geworden, niet?

“Ik beschouw dat als groot compliment. Ajax is de beste en grootste club van Nederland en behoort tot de tien mooiste clubs van Europa. Dan willen mensen natuurlijk niet zien dat je prijzen wint. Dat zit in de natuur van de mens. Wie neutraal is, zal tegen je zijn en wil je zien vallen. Dit moeten we als onze kracht zien. Iedere speler speelt tegen ons de wedstrijd van zijn leven. Ze willen mij en Ajax allemaal verslaan, omdat wij ze frustreren met titels. Dat is normaal en wij moeten ze blijven frustreren. Die uitdaging wordt steeds groter.”

Is het aversie tegen Ajax, of tegen de bloedzuiger die jij kan zijn, bijvoorbeeld als je mot hebt met Denzel Dumfries of teamgenoot Antony onsportief naar de grond duwt om tijd te rekken?

“Smerig zijn moet soms in topvoetbal. Daarin telt alleen de zege en dan moet je soms een klootzak zijn. Die passie, die emotie is nodig is om te winnen. Ik doe alles om te winnen.”

Mis je dit in Nederland?

“Ja, ik denk het wel. Ik wil het ook in ons team meer zien. Ik zeg tegen teamgenoten soms ook: je moet er meer aan doen. Ik snap ook wel dat ik bij andere fans het bloed onder de nagels vandaan haal, maar voor mij is het simpel: je moet negentig minuten alles doen wat nodig is om te winnen. Op het veld gaat het er niet om dat je een aardige jongen bent. Dat ben ik buiten het veld heus wel, maar als ik moet vechten, tijdrekken of coachen om te winnen, doe ik dat.”

Luister onze Ajaxpodcast Branie:

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden