PlusAchtergrond

Ranomi Kromowidjojo: ‘Ik hoor opeens bij de dertigersclub’

De dertigste verjaardag is voor veel topsporters een moment van reflectie: wat wil ik nog? Ranomi Kromowidjojo, donderdag jarig, vindt zwemmen nog steeds het leukste wat er is. ‘Ik zit nu wel in een andere fase.’ 

Ranomi Kromowidjojo: ‘Ik doe dit niet voor de vijftigste plaats. Ik wil beter worden, de beste zijn.’Beeld Getty Images

Meestal roept ze het zelf al: “Oma gaat even een dutje doen”. Ranomi Kromowidjojo omschrijft zich als ‘nineties kid’, wat onverwacht oud klinkt als ze bedenkt dat sommige selectie­genoten uit 2005 komen. Tegelijkertijd voelt de drievoudige olympisch kampioene zich niet veel ouder dan acht jaar geleden. “Ik zit nu wel in een andere fase: ik hoor opeens bij de dertigersclub.”

In haar carrière als zwemster heeft ze bereikt wat ze wilde, zegt ze, maar ze wil meer. “Het is nog niet klaar.” Sommige atleten stopten toen de Spelen een jaar werden uitgesteld, bij haar kwam die gedachte niet eens op. ‘Tokio’ wordt, als het in 2021 wél doorgaat, haar vierde olympische deelname.

Ze begon op haar vierde met zwemmen. De dochter van een Surinaams-Javaanse vader en Nederlandse moeder groeide op in het Groningse Sauwerd. Als 10-jarige zwom ze haar eerste nationale record. Ze werd nooit gepusht, maar destijds was ze al doelgericht. Op haar veertiende droomde ze van de Spelen, een paar jaar later werd dat werkelijkheid. Het succesvolste toernooi uit haar carrière zwom ze op 21-jarige leeftijd in 2012 in Londen, waar ze drie keer olympisch goud won.

Nachtje doorhalen

De ideale leeftijd voor een zwemmer ligt rond de 22, werd haar ooit verteld. Spottend: “Daar zitten Femke (Heemskerk, haar 32-jarige team- en generatiegenote, red.) en ik al flink overheen. De gemiddelde leeftijd van zwemmers ligt nu hoger. We leven in een wereld waarin je hypotheek of huur moet betalen, dan kijk je rond je 26ste wel: is dit het nog waard? Er zijn tegenwoordig meer wedstrijden, er is meer geld te verdienen. Ik heb de afgelopen twee à drie jaar prima verdiend met wedstrijden, dat is voor vier à vijf mensen in Nederland mogelijk. Tien jaar geleden was dat nog anders.”

Als het aankomt op zwemmen, gaat haar lijf niet anders met de belasting om dan acht jaar terug. “Ik herstel nog steeds snel, maar een nachtje doorhalen is anders. Nu ben ik er rond 1.00 uur ’s nachts wel klaar mee. Op m’n achttiende kon ik eindeloos door.”

Assertiever

Ze zag door de jaren heen teamgenoten vertrekken (“Ik ben zo’n drie generaties verder inmiddels”), maar een zwemgroep houdt je jong, merkt ze. “Al denk ik af en toe wel: jeetje, waar gaat dit over? Soms zeg ik tegen Femke: ‘We zijn hier echt te oud voor.’ De 18- tot 20-jarigen leven in een andere wereld. Ik zit niet op Snapchat of Tiktok. Als wij het hebben over ‘lekker even wandelen’, kan ik ook denken: toen ik 18 was, vond ik daar geen zak aan.”

Wie haar tien jaar geleden had gevraagd wat ze rond haar dertigste zou doen, had niet als antwoord gekregen dat ze nog zou zwemmen. “Ik vond het altijd het leukste om te doen, maar er is ook een leven na, dacht ik. Maar zwemmen blijkt nu nog steeds het leukste te zijn. Ik kies er niet voor omdat het veilig is of omdat ik geen ander doel heb, het maakt me gelukkig. Natuurlijk gaat dat gelijk op met prestaties, ik doe dit niet voor de vijftigste plaats. Ik wil beter worden, de beste zijn. Mensen zeggen: je voelt het van binnen als het klaar is. Dat heb ik nog steeds niet.”

Topsport bracht haar discipline en assertiviteit. Ze leerde omgaan met tegenslag. Het leverde prijzen op die allemaal bij haar ouders staan (‘Alles wordt bewaard, ze kunnen een heel museum maken’), maar ook zelfvertrouwen. “Ik ben best benieuwd hoe ik zou zijn geworden zonder topsport. Ik was als kind heel verlegen. Dat is de Groningse opvoeding: het hoeft niet met zoveel woorden.”

Tot ze op haar achttiende naar Eindhoven verhuisde. “Dat was best een verschil. Mensen spreken met meer woorden, het is uitbundiger. Ik heb door de combinatie van topsport en leven in het zuiden geleerd assertiever te zijn en meer te zeggen dan alleen maar ja, goed of prima.”

Haar olympische succes in 2012 heeft haar veranderd. “Daarna werd ik me ervan bewust: iedereen heeft een mening over me. Als ik iemand niet groette, was ik ineens arrogant. In eerste instantie had ik na Londen het idee dat ik iedereen moest pleasen, maar dan kun je het nooit goed doen. Dan is het fijn een management te hebben dat je beschermt en een thuisbasis, waar je altijd op kunt terugvallen. Waar je niet de zwemmer of kampioen bent, maar de dochter, het zusje of nichtje.”

Persoonlijke records

Rond 2011 dacht ze minder sociaal, meer zwart-wit. “Ik heb in de jaren daarna geleerd dat er niet één weg is naar succes. Ik ben, mede door corona, nu beter bewust dat er meer is dan mijn eigen kleine zwemwereldje. Dat leidde tot een soort innerlijke strijd. De topsporter die in topvorm wilde zijn tegenover de mens die zich afvroeg: is onze collectieve gezondheid niet veel belangrijker dan ons stomme zwemmen? Zwemmen is niet minder belangrijk dan vroeger, maar ik zie de menselijke kant nu beter.”

Het zwaarste moment uit haar carrière was de hersenvliesontsteking in 2010, op trainingskamp met de zwemploeg. “Mijn leven lag ineens stil. Van de focus op presteren binnen twaalf uur naar doodziek. Dat was heel raar. De grootste les was: je kunt niet alles controleren.”

Ze lag in het ziekenhuis, zeven weken zwom ze niet. Voordat ze revalideerde, stapte ze eerst een minuut in het zwembad. “Ik móést weten of ik het motorisch nog kon, of dat het einde carrière was. Gelukkig was dat niet zo.” Drie maanden later zwom ze persoonlijke records.

“Misschien is deze coronatijd nog wel heftiger, los van de fysieke pijn. In 2010 ging het alleen om mijn eigen herstel, nu ligt de hele wereld aan puin. Er was in maart zoveel onzeker, met maar vier maanden te gaan tot de Spelen, het was echt een opluchting toen ze werden uitgesteld. Nu is er weer rust. Het thuis trainen, het diep gaan, ik verbaas me erover hoe makkelijk dat gaat. Dan weet je: ik heb echt intrinsieke motivatie.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden