Plus

Nu, of misschien nooit voor Amsterdamse hockeyers

De hockeyers van Amsterdam moeten zaterdag winnen van Kampong om een beslissend derde duel om de landstitel af te dwingen. Volgens Jan-Willem Buissant (29) is het elftal veel meer een team, dankzij de Australische coach Graham Reid.

Jan-Willem Buissant in actie tijdens de halve finales van play-offs tegen Bloemendaal. Beeld Koen Suyk

Het was vlak voor de play-offs dat een trainingspartijtje in de ogen van Graham Reid te matig was. De Australische trainer van Amsterdam schoot uit zijn slof en spaarde niemand, zoals hij nooit onderscheid maakt tussen de vedettes en de anderen.

"Het is prima als je een keer geen zin hebt om te trainen, zei hij. Maar je moet wel altijd je arbeid leveren. Je werkt hier. Je bent in dienst van de club," vertelt middenvelder Jan-Willem Buissant, die bezig is aan zijn twaalfde seizoen bij de club.

Amsterdam staat soms bekend als dat team waar de spelers naar elkaar wijzen, in plaats van naar zichzelf te kijken. Dat zag Reid - die als ­speler zelf ooit landskampioen werd met Amsterdam - aan het begin van het seizoen ook. Hij hamerde er elke training op.

Buissant: "Graham wil dat we hockeyen vanuit het team en niet vanuit het individu. Hij wil dat we meer voor ­elkaar werken. Dat het soms minder kan gaan, hoort erbij."

"Hij houdt ons de spiegel voor en vraagt: hoe houden we stand als het wat minder gaat in de wedstrijd? Dan moet je keihard werken en je taak blijven doen. Terwijl ik in al die seizoenen Amsterdam zó vaak heb meegemaakt dat we het gewoon lieten lopen."

Einde van een generatie
De tijd dringt voor deze generatie bij Amsterdam. De aanwas van onderaf stokt en de gemiddelde leeftijd loopt rap op. Buissant stopt er na volgend seizoen mee, zijn goede vriend Klaas Vermeulen (30) - voormalig vice-aanvoerder van Oranje - na dit weekend.

De Australiër Fergus Kavanagh (32), de Zuid-Afrikaan Justin Reid-Ross (31) en good old Teun Rohof (31): het zijn allemaal dertigers die nog minimaal een jaar doorgaan. Maar daarna is de koek waarschijnlijk op.

De internationals Billy Bakker (29), Valentin Verga (28) en Mirco Pruyser (28) zullen straks bij de Olympische Spelen van Tokio allemaal de 30 gepasseerd zijn.

Nederlandse hockeyers gaan in de regel niet door tot hun veertigste. En dan moeten ze allang een maatschappelijke carrière hebben opgebouwd, want met hockey verdien je een zakcentje. Sommige spelers misschien meer dan dat, maar rijk word je er niet van. En een pensioen bouw je er niet mee op.

Nu nog momentum
Dus is het tijd voor Amsterdam om met deze generatie te oogsten. De laatste landstitel dateert uit 2012. In 2016 verloor Amsterdam een zeker gewonnen finale toch nog van Oranje Zwart en ging ook de finale van de Euro Hockey League (EHL) verloren, tegen Kampong.

Buissant kan zich er nog kwaad om maken: "Toen hadden we de dubbel kunnen pakken en dan hadden we nu een heel ander gesprek. Al vanaf het begin van dit seizoen heeft Billy er als aanvoerder op gehamerd dat we als team nu nog momentum hebben."

"Maar dat duurt niet lang. Voordat je het weet, is het voorbij met deze groep. Als ik straks na dertien seizoenen Amsterdam maar twee keer landskam­pioen ben geworden, is dat voor een topclub te weinig."

Misschien kwam het daardoor dat Amsterdam twee weken geleden het onmogelijke presteerde tegen Bloemendaal. Bij een 2-0 achterstand in de rust was het team normaal gesproken uit ­elkaar gevallen, zoals Buissant al zo vaak had meegemaakt. Nu bleef Reids mantra door de hoofden spoken: 'Je eigen taak uitvoeren.'

Nicki Leijs maakte vanuit een onmogelijke hoek de 2-1, waarna Verga de comeback voltooide. Voor de shoot-outs nam Philip van Leeuwen de plek van eerste keeper Jan de Wijkerslooth in. Het werd een adembenemend succes.

Een succes dat op Hemelvaartsdag werd verzilverd, toen Amsterdam Bloemendaal mede dankzij Buissant, die vallend de 0-2 maakte, versloeg.

Meer dan talent
Zo bereikte Amsterdam toch nog de finale. Dat was na een derde positie op de ranglijst, een knappe prestatie. Buissant: "Zo'n denderend seizoen hadden we niet. We hebben vaker een bredere selectie gehad. Maar er is iets ontstaan waardoor er méér is binnen het team dan teren op ons talent. Graham wordt ook steeds dominanter. In de winterstop zei hij dat hij we hem meer ruimte moesten geven. Zo is het gegaan."

De generatie van Verga, Bakker en Buissant en Pruyser werd in 2011 en 2012 landskampioen toen ze talenten waren, maar dat lukte ze nooit als bepalende spelers. Ze hebben er in 2016 aan geroken. "Ik geloof er honderd procent in, tegen Kampong. Het ligt super dicht bij elkaar. Het moet nu gebeuren."

De eerste finalewedstrijd tegen Kampong ging vorige week zondag verloren na shoot-outs. Buissant zelf worstelde het hele seizoen met zijn enkel, waaraan hij werd geopereerd. Daarna kreeg hij last van zijn heup.

Toen hij daarvan was hersteld, kon hij de laatste wedstrijden van het seizoen meedoen. Hij was meteen belangrijk, maar verrekte in de derde wedstrijd tegen Bloemendaal zijn hamstring.

Maar al moet de spuit erin, Buissant moet en zal vandaag (16.00 uur) spelen tegen Kampong. Het is immers een van de laatste kansen voor een mooie generatie Amsterdamse hockeyers.

'Als het tegenzat, lag het nooit aan mezelf'

Jan-Willem Buissant zien hockeyen, is verlangen naar de tijden dat de magiërs van India en Pakistan aan de wereldtop stonden.

Buissant is een van de allerhandigste hockeyers van Nederland. ­Valentin Verga, Billy Bakker en Buissant waren ooit dé supertalenten van Amsterdam.

Tot 2009. Toen mochten Bakker en Verga mee naar de Champions Trophy, maar viel Buissant af. Dat kwam hard aan. Het bracht hem in tranen. Echt goed kwam het nooit meer. Ook voor het WK in 2014 viel hij af. Anderhalf jaar geleden vroeg bondscoach Max Caldas of hij weer met Oranje mee wilde doen. Hij bedankte. Dit jaar opent hij zijn eigen hotel in Rotterdam.

Vroeger gaf Buissant anderen de schuld voor zijn falen bij Oranje. Nu is hij blij met de 15 interlands achter zijn naam. "Eerst dacht ik dat het allemaal maar tegenzat voor 'Buissie'. Het lag nooit aan mezelf. Nu weet ik dat de laatste 10 procent bepalen of je de wereldtop haalt of ­gewoon een goede hockeyer bent."

"Waarom denk je dat Billy het wel heeft gehaald? Hij heeft die 10 procent extra inzet. Weerbaarheid als het tegenzit. De rug recht houden. Dat bepaalt of je succes hebt, heb ik de afgelopen jaren in en buiten het veld geleerd."

"Ik weet nu beter om te gaan met momenten dat het tegenzit. Toen ik er net bij zat, vroeg bondscoach Paul van Ass aan mij - voor de hele groep - wat ik het Nederlands elftal kwam brengen. Ik snapte het niet helemaal en zei dat ook. Nu begrijp ik het pas. Er is veel meer nodig dan talent alleen om succesvol te zijn."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden