Plus Achtergrond

Nederlandse baansprinters laten weinig ruimte voor twijfel

De EK in eigen land waren voor de teamsprinters een eerste test voor de Spelen, volgend jaar in Tokio. De vier pakten goud, zoals verwacht. ‘We hebben niet eens rekening gehouden met geen zege.’

Roy van den Berg (op kop), Harrie Lavreysen en Jeffrey Hoogland op weg naar goud. Beeld Andre Weening/BSR Agency

Die vier witte truien met blauwe strepen voor de Europees kampioenen waren eigenlijk bijzaak, want het kan zomaar zijn dat die het hele jaar in de kast blijven liggen bij Roy van den Berg, ­Harrie Lavreysen, Matthijs Büchli en Jeffrey Hoogland. Het Nederlandse sprintkwartet rijdt immers al twee jaar in de iconische regenboogtrui. En bij de WK in Berlijn in februari willen de baansprinters zich verzekeren van nog een jaar in dat tricot.

En dan komen ook de Olympische Spelen er nog eens aan, over negen maanden in Tokio. Het moet de ultieme prijs worden voor de teamsprinters. Het maakt dat de EK in Apeldoorn bij voorbaat aan prestige hadden ingeboet. “Ik kan niet zeggen dat de focus hetzelfde is als voor een WK,” zei Lavreyesen. “Al is er met Apeldoorn grotere motivatie dan normaal voor een EK. In eigen land, dat is toch specialer.”

De Nederlandse baansprinters lieten woensdagavond in Omnisport maar weinig ruimte voor twijfel. In drie heats kwam eigenlijk niemand bij ze in de buurt. In de kwalificatie klokte Nederland al de snelste tijd, in de eerste ronde werd Spanje weggezet en dan moest het beste nog ­komen in de finale tegen Engeland. De drie ronden werden in 42,151 seconden afgewerkt. De Engelsen eindigden op gepaste achterstand met 42,822.

Amper te kloppen

De concurrentie weet na deze EK eens te meer dat het gat met Nederland groot is. De Nederlandse ploeg was de afgelopen twee jaar al amper te kloppen in de belangrijkste wedstrijden en de vraag is of de Fransen, Duitsers en met ­name de Engelsen het gat nog weten te dichten voor Tokio. “We hebben niet eens rekening ­gehouden met geen zege,” zei Büchli. “Het lijkt alsof we nooit echt meer slecht zijn, maar we zijn nog zeker niet heel goed.”

Bondscoach Hugo Haak ziet de winst bij deze EK als het startschot voor de olympische campagne. Aangezien de wedstrijdkalender van de baansprinters niet uitpuilt – naast de EK en de WK zijn er tot Tokio nog drie wereldbekerwedstrijden – is deze zege in Apeldoorn in zijn ogen belangrijk. “In voorgaande jaren hebben we gezien dat er richting de WK alleen maar harder gereden wordt. We moeten richting de Spelen zoveel mogelijk ritten rijden. Op zo hoog mogelijk niveau. En er is maar één goede simulatie en dat is een wedstrijd.”

Extra plek

Grootste vraag voor de Nederlandse ploeg in aanloop naar de Spelen is vooral hoe om te gaan met het surplus aan topsprinters. Zo reed Büch­li, ook wereldkampioen op de keirin, nu alleen de kwalificatie bij de teamsprint. Hoogland, zijn concurrent voor plek drie in de sprinttrein, bleek tot tweemaal toe sneller.

Nederland heeft voor Tokio drie plekken voor de sprintonderdelen, maar bondscoach Haak heeft een verzoek ingediend voor een extra plek. Dat zou wellicht ten koste gaan van de deelname van een wegrenner aan de Spelen. Het hoofdbestuur van de KNWU moet daarover beslissen. Directeur Thorwald Veneberg heeft al aangegeven dat hij niet onwelwillend tegenover het idee staat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden