Plusten slotte

Muhammad Ali (1942-2016) deed de wereld versteld staan

Muhammad Ali begon als 11-jarige jongetje met boksen omdat hij boos was op een fietsendief. De sport bleek een geweldig podium voor zijn fysieke kwaliteiten maar nog meer werd de ring een plek waar Ali de wereld kon laten zien dát hij er was.

Muhammad Ali in Parijs in 1960Beeld anp

Met een extatisch gezicht verschijnt Cassius Clay Junior op 25 februari 1964 voor de camera. Hij is 22 jaar en hij heeft zojuist gedaan wat bijna niemand voor mogelijk had gehouden. Clay heeft wereldkampioen Sonny Liston verslagen. Na de zesde ronde weigerde de murw geslagen Liston uit zijn hoek te komen, Clay is de nieuwe wereldkampioen in het zwaargewicht.

"I shook up the world," schreeuwt Clay met zijn zangerige accent. En verwijzend naar het publieke hoongelach dat hij met zijn karakteristieke grootspraak vóór het gevecht oogstte: "You must listen to me now. I am the greatest, I múst be the greatest. I shook up the world."

Om redenen die hij op dat moment nog niet kon bevroeden, deed Clay de wereld inderdaad versteld staan. In de jaren die volgden, groeide hij mede door zijn politieke uitlatingen uit tot de grootste sportman die ooit heeft geleefd.

Radicale standpunten
Een belangrijke reden voor de monumentale status van Clay zag twee dagen na de zege op Liston het licht. Met klare woorden en een zelfverzekerde houding verklaarde Clay dat hij niet meer door het leven wilde gaan als Clay ('mijn slavennaam'), maar als Muhammad Ali. Die naam had hij gekregen van Elijah Muhammed, de leider van de Nation of Islam. "Muhammad betekent 'alle lof waardig' en Ali betekent 'hoogste' in een Aziatisch-Afrikaanse taal," aldus Ali.

Dat de nieuwe wereldkampioen in het zwaargewicht lid werd van de religieuze, politieke en paramilitaire organisatie die zich verzette tegen veronderstelde blanke overheersing, was groot nieuws in de Verenigde Staten en daarbuiten. De wereldtitel in het zwaargewicht was zeker in die tijd één van de meest prestigieuze sporttitels. Boksen was groot in de jaren '60.

Bovendien waren de standpunten van Ali's Nation of Islam radicaal. De organisatie pleitte op grond van veronderstelde suprematie van het negroïde ras voor raciale segregatie. Ook had de Nation of Islam een militante tak. Naar eigen schatting hadden de zogenaamde Black Muslims op het hoogtepunt 500.000 leden.

Rassendiscriminatie
Ali vond de rassenongelijkheid in de Verenigde Staten onverteerbaar. Net als dominee Martin Luther King kwam hij op voor de rechten van zwarten. Als 13-jarige jongen werd hij erg geraakt door het verhaal van Emmet Till, een 14-jarige zwarte die in 1955 in Mississippi werd gelyncht, omdat hij volgens overlevering had geflirt met een blank meisje.

Ali zelf ervoer ook rassendiscriminatie. Er is een beroemd verhaal over de gouden medaille die hij in 1960 op de Olympische Spelen had gewonnen. Ali zegt dat hij die medaille in de Ohio-River heeft gegooid omdat hij op grond van zijn huidskleur niet werd bediend in een restaurant.

Dat Ali zijn bekering tot de Nation of Islam zeer serieus nam, bleek toen hij in 1966 werd opgeroepen om in Vietnam te vechten. Op grond van zijn lage IQ van 78 werd de kampioen aanvankelijk afgekeurd ('I always said I was the greatest, not the smartest'), maar vanwege een tekort aan manschappen werden de grenzen opgerekt. Ali weigerde echter.

Onpatriottische houding
In een eerste reactie was Ali vooral ontzet over de carrièremogelijkheden en de miljoenen dollars die hem door de recrutering werden ontnomen. Zo stelde hij dat hij de Amerikaanse regering via zijn belastingafdrachten genoeg geld verschafte voor wel drie bommenwerpers. Gaandeweg plaatste Ali echter ook kanttekeningen bij de reden van de Vietnam-oorlog. Met zijn beroemde uitspraak 'no Vietcong ever called me a nigger' gaf hij te kennen liever in eigen land tégen het blanke establishment te strijden dan vóór datzelfde establishment tegen 'gele broeders tienduizend kilometers hiervandaan'.

De prijs die Ali voor zijn gewetensbezwaren betaalde, was hoog. Hij riskeerde een gevangenisstraf van vijf jaar en het gros van de Amerikanen oordeelde hard over zijn onpatriottische houding. Op straat en in de media werd hij uitgejouwd en belachelijk gemaakt. Niet alleen blanken, ook zwarten deden dat. De zwarte oud-kampioen Joe Louis had tijdens de Tweede Wereldoorlog wél in het leger gediend en hij verfoeide zijn troonopvolger.

Belangrijker dan de publieke vernedering was echter dat de Amerikaanse overheid op grond van Ali's dienstweigering zijn paspoort en bokslicentie innam. Drieënhalf jaar mocht Ali niet schitteren in de sport waarin hij al vanaf zijn elfde schitterde. Van zijn 25ste tot zijn 28ste stond de zwaargewicht met de stijl van een lichtgewicht aan de zijlijn, waardoor hijzelf en de rest van de wereld de beste jaren van zijn loopbaan moesten missen.

Veranderende tijdsgeest
Ook raakte Ali in de zogenaamde 'exile years' in geldnood. Voor 1500 dollar konden universiteiten hem boeken voor lezingen over zwarte emancipatie. Verder speelde de ex-kampioen een rolletje als slavenleider in de Broadway-musical Buck White, waarin hij met zeer behoorlijke stem het lied 'We came in chains' zong. Als een soort politicus met slechts één agendapunt vergrootte Ali in die jaren zijn toch al indrukwekkende vermogen om mensen te raken met woorden.

Een verrassende beslissing van het Supreme Court in 1971 veranderde Ali's wereld. Hij kreeg zijn licentie terug, dankte Allah voor die beslissing en hij trok zijn bokshandschoenen weer aan. Na zijn terugkeer bleek de weerstand tegen Ali's politieke statements afgenomen. Sterker, Ali werd er gaandeweg steeds meer om geprezen.

Als sportman deinde Ali nadrukkelijk en naar believen mee op de golven van de veranderende tijdsgeest. Het succes van de burgerrechtbeweging, het groeiende anti-Vietnam sentiment en de ontzetting over het Watergate-schandaal maakten van Ali een icoon van het verzet tegen de gevestigde orde. Het werd hip en vooruitstrevend om vóór Ali te zijn.

Gevatte teksten
Ali zelf realiseerde zich dat als geen ander. Al sinds hij op 18-jarige leeftijd goud had gewonnen op de Spelen wist hij zichzelf met gevatte teksten uitstekend te verkopen ('a champ must be pretty, like me'). De vaak geestige vorm van zelfpromotie paste bij zijn extraverte karakter. Die eigenschap poetste hij bovendien verder op nadat hij op 19-jarige leeftijd de show-worstelaar Geourgous George had gezien. George voorspelde in welke ronde hij zou winnen, waarop Ali besloot naar het geënsceneerde gevecht te gaan kijken. Voor zijn eigen gevechten verpakte hij zulke winstvoorspellingen later in rijmvorm ('When you come to the fight don't block the door, 'cause you'll all go home after round four').

Na zijn dienstweigering zag Ali zichzelf graag als voorvechter van de minderbedeelden of de achtergestelden. Hoewel hij in de ring vaak vocht tegen zwarten die onder zwaardere omstandigheden waren opgegroeid dan Ali in zijn middenklassegezin in Louisville, ging Ali op in het verhaal dat hij tegenstanders ook in naam van het onrecht moest verslaan. In één van de vele rijmpjes die hij als zelfpromotie maakte, komt zijn rol als zelfverklaarde strijder voor de goede zaak misschien het beste tot uiting: Me, We.

De meervoudig wereldkampioen in 2006Beeld anp

Ali's terugkeer in de ring in 1971 leidde tot drie onvergetelijke partijen met zijn grootste rivaal Joe Frazier, en tot 'the rumble in the jungle' met George Foreman. De Zaïerese dictator Mobutu had voor zowel Ali als Foreman vijf miljoen dollar over om het gevecht te organiseren. In Afrika veroverde Ali de wereldtitel voor de tweede keer. Later zou hij tegen Leon Spinks voor de derde keer wereldkampioen worden.

Grijze haren
De hunkering naar de aandacht en de ring waren voor Ali zo groot, dat hij langer heeft gebokst dan goed voor hem was. Pas op zijn 39ste, toen hij zijn grijze haren al jaren zwart verfde, stopte hij.

Al tijdens zijn laatste twee partijen tegen Larry Holmes en Trevor Berbick leed hij aan de beginselen van het Parkinson syndroom. De man die ooit furore maakte met zijn snelle reflexen ging trillend en versteend bewegen. De snelle tong van weleer bracht onverstaanbare klanken uit.

Naarmate zijn loopbaan vorderde, werd Ali zelf meer en meer onderdeel van het establishment. Na de dood van Elijah Muhammad, leider van de Nation of Islam, in 1975, werd de beweging milder. Ali's politieke opstandigheid en roep om segregatie maakte plaats voor verzoening en verbroedering.

Bidden en goede doelen
Ali, vader van negen kinderen, bracht de laatste jaren van zijn leven door met zijn vierde vrouw Lonnie op een boerderij in Michigan. Lonnie, vele jaren jonger, woonde als klein meisje in de straat bij Ali. De meeste tijd besteedde de oud-bokskampioen aan bidden en goede doelen. Volgens zijn vrouw was Ali in zijn laatste levensfase ondanks zijn ziekte zeer gelukkig. Ondanks zijn lichamelijke beperkingen was hij mentaal gezond.

Ali begon als 11-jarige jongetje met boksen omdat hij boos was op degene die zijn fiets had gestolen. De sport bleek een geweldig podium voor zijn fysieke kwaliteiten. Met Jack Johnson, Joe Louis, Rocky Marciano, Jack Dempsey, Joe Frazier, George Foreman, Larry Holmes, Lennox Lewis en Mike Tyson behoort hij tot de beste zwaargewichten ooit.

Vooral in zijn beginjaren was Ali's snelheid ongekend. Met zijn snelle reflexen en snelle benen kon hij het zich veroorloven met de handen rond zijn middel boksen. Ali had eigenlijk geen dekking, hij had alleen reflexen.

Boksen was voor Ali echter vooral een podium om de wereld te laten zien dat hij er was, en dat hij beter was dan anderen. In een gevoelige tijd stond hij voor zijn principes, die hij als begenadigd spreker helder verwoordde. Vaak was Ali geestig en genereus, voor tegenstanders was hij meedogenloos. En Ali heeft de wereld versteld doen staan, dat staat vast.

Joe Frazier (l) behoudt zijn titel als wereldkampioen als hij Ali verslaat tijdens de 'match of the century' in 1971Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden