PlusReportage

Jumping Amsterdam: ‘Alle grote jongens zijn er’

Willem Greve in actie met zijn Zypria S, vorig jaar op het CHIO van Aken.Beeld EPA/Sascha Steinbach

In de RAI is de 61ste editie van Jumping Amsterdam in volle gang. Sinds twee jaar heeft het concours zowel bij het springen als de dressuur de wereldbekerstatus. ‘Jumping staat als een huis.’

Moeite met de kaartverkoop heeft de organi­satie van Jumping Amsterdam al jaren niet meer. De afgelopen edities waren de tickets al gauw in het handen van geïnteresseerden en ook dit jaar is het evenement stijf uitverkocht: vier dagen Jumping trekt 55.000 belangstellenden.

Het aantal toeschouwers tekent de groei en het belang van het concours hippique dat sinds 1958, toen nog in het oude RAI-gebouw, bestaat. Zeker de laatste twee jaar is Jumping gegroeid in aanzien.

Dat komt door de wereldbekerstatus die het concours de laatste twee edities heeft gekregen. Zowel bij het springen als bij de dressuur maakt Jumping deel uit van het wereldbekercircuit. Voor springruiters bestaat dat uit dertien wedstrijden, voor dressuurruiters zijn dat er elf. De wereldbekerstatus zorgt voor een internationaal deelnemersveld met de beste ruiters van de wereld. En omdat 2020 een olympisch jaar is, probeert elke topruiter zich alvast te meten met de concurrentie voor de medailles in Tokio.

De organisatie is trots op de aanwezigheid van bijvoorbeeld de Zwitserse springruiter Steve Guerdat (olympisch goud in 2012) en de Nederlandse publiekstrekkers Jeroen Dubbeldam (46), Maikel van der Vleuten (31) en Willem ­Greve (36). Greve vindt Jumping een jaarlijks hoogtepunt. “Alle grote jongens van de sport zijn er. Je merkt dat de organisatie bestaat uit paardenliefhebbers. Het evenement staat al jaren als een huis.”

Wimbledon

Hoe vaak Greve, afkomstig uit Twente, al meedeed in Amsterdam, weet hij niet; hij is de tel kwijtgeraakt. Voor hem staat in elk geval vast dat hij jaarlijks terugkeert. “Ik deed al zeker een stuk of tien keer mee. Jumping is van oudsher het mooiste indoor­concours van Nederland. Ik vergelijk het met Wimbledon of Roland Garros, alleen dan van de paardensport.”

Naast Amsterdam zijn in Nederland ook grote springtoernooien in Maastricht en Den Bosch. Volgens Greve kunnen ze daar niet tippen aan Amsterdam. Naast de historie van de wedstrijd, wijst Greve op de sfeer in de RAI. “Die is overweldigend. Echt ongekend. Het hele publiek blijft zitten tot de lichten uitgaan. Dat zie je nergens. De paarden voelen dat ook. Die laden zich daardoor extra op.”

Achter de schermen is juist sereniteit gecreëerd voor de paarden. Greve: “Bij concoursen zijn ­accommodaties heel verschillend. In de RAI is het op stal heel rustig voor de dieren. Die vinden dat heel prettig.”

De sfeer wordt gevoed met echt Amsterdams entertainment. Café Bolle Jan is tussen de onderdelen door en na afloop verantwoordelijk voor de muziek, Dries Roelvink en Peter Beense treden op en Geef mij maar Amsterdam van Johnny Jordaan schalt bij alle prijsuitreikingen uit de speaker. Zelfs ruiters uit het buitenland verbinden het deuntje aan Jumping.

Voor Greve, die als zoon van een dierenarts in Haaksbergen opgroeide tussen de paarden van zijn vader, is Jumping een meetmoment voor de Olympische Spelen. Hij schat zijn kans op kwalificatie op 50 procent. Vier jaar geleden ontbrak hij, omdat zijn paard geblesseerd raakte. Greve was er weken ziek van.

Tokio

Kwalificatie voor Tokio zit ook nu in zijn achterhoofd. Nederland mag vier springruiters afvaardigen. “Ik ben vooral met mijn paard bezig en minder met de concurrenten. Buiten de bak is er geen strijd. We willen allemaal graag naar de Spelen en gunnen elkaar dat ook. Mijn seizoen gaat heel goed en dat moet ik met mijn paard doortrekken.”

Dit weekend wil Greve vooral winnen. “Meer dan een meetmoment is het niet. Je kunt niet allemaal conclusies trekken uit een paar dagen. Als ruiter en paard heb je nou eenmaal goede en slechte wedstrijden. Mocht het allemaal misgaan de komende maanden, dan is dat zo. Gelukkig gaan de Spelen zonder mij ook wel door.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden