PlusDa's Logisch

Hoe het strijdplan van FC Groningen liet zien dat Klaassen hard nodig is

Zonder romantiek, nostalgie, blinde loyaliteit en nog blinder optimisme heeft voetbal geen zin. Maar voetbal bevat ook logica. In de rubriek Da’s Logisch analyseert Het Parool elke maandag ‘het spel achter het spel’. Met vandaag aandacht voor het verloren uitduel met FC Groningen (1-0), waar op harde wijze duidelijk werd dat Ajax een ander type middenvelder nodig heeft.

Davy Klaassen aan de bal in de wedstrijd tussen Werder Bremen and Arminia Bielefeld.Beeld Carmen Jaspersen/dpa

Linksbuiten Dusan Tadic, gelegenheidspits Zakaria Labyad, zomeraankoop Antony, nieuwbakken ‘10’ Quincy Promes én midmid Ryan Gravenberch: de vijf voorste spelers van Ajax zijn allemaal aanzienlijk beter mét bal in de voeten dan zonder. 

FC Groningen, dat sinds de komst van trainer Danny Buijs in 2018 (zie onderstaande tabel) tot de betere defensieve teams in de Eredivisie behoort, versloeg de Amsterdammers zondag met een wedstrijdplan dat de grote zwakte van de ploeg van Erik ten Hag blootlegde. Zonder de vertrokken Donny van de Beek is er te weinig beweging en dynamiek van de spelers die niet aan de bal zijn.

Het beeld dat achteraf, mede door Ten Hag zelf bij praatprogramma Rondo, wordt geschetst van het strijdplan Groningen is simpel. De Noorderlingen zouden zich massaal hebben ingegraven tegenover Ajax.

Hoewel de Groningers inderdaad het balbezit volledig lieten aan de Amsterdammers (69 procent), en de 1-0 van basisdebutant Remco Balk ook viel uit een scherpe counter, gaat deze lezing van de wedstrijd voorbij aan de terugkerende problemen die bij Ajax de kop opstaken door het wedstrijdplan van de thuisploeg.

Want de problemen van Ajax begonnen al vóór de momenten in de wedstrijd waarop Groningen als een massaal blok verdedigde op eigen helft. De thuisploeg zorgde er in een vroeg stadium van de Amsterdamse spelopbouw al voor dat Ajax niet door het midden van het veld aan een aanval kon beginnen. Dit kreeg Groningen voor elkaar door druk vooruit te zetten in twee koppeltjes. Spitsen Jörgen Strand Larsen en Balk joegen telkens de Ajax-opbouwers aan de binnenkant van het speelveld op, geruggensteund door twee vooruitgeschoven middenvelders die de passlijnen naar de eerstvolgende aanspeelopties van Ajax in de as van het veld dichtliepen.

Groningen - Ajax.Beeld Sceenshot

Het gerichte Groningse drukzetten nam een van Ajax’ voornaamste wapens vroegtijdig uit handen: Daley Blinds vermogen om met een pass van achteruit een linie over te slaan. Eén optie liet het jagende Groningen telkens wel open in de Ajaxopbouw: de ongevaarlijke breedtepass naar de back. Niet voor niets kwam Nicolás Tagliafico het vaakst aan de bal, met 104 balcontacten.

Zodra Ajax wél de middenlijn overkwam, trad er een volgend probleem op. De Amsterdammers hadden erg veel moeite met de compacte Groningen-defensie. Vooral de tactische rol van ex-Ajacied Azor Matusiwa (hieronder omlijnd) zorgde voor hoofdbrekens.

Groningen - Ajax.Beeld Sceenshot

Matusiwa, van origine een controlerende middenvelder, kreeg bij Amsterdams balbezit de vrijheid om van rol te veranderen. Zodra Ajax het Groningse zestienmetergebied naderde, liet Matusiwa zich uitzakken als extra centrale verdediger.

Groningen - Ajax.Beeld Sceenshot

Als derde Groningse voorstopper kon Matusiwa vervolgens Labyad blijven schaduwen, zonder dat hij daarmee de teamdekking van zijn eigen ploeg ontregelde. Het zwerven van ‘valse spits’ Labyad leverde met Matusiwa als vaste bewaker geen extra vrije ruimtes op voor zijn mede-aanvallers Tadic, Promes en Antony.

En dan was er nog de boomlange spits Strand Larsen die meer deed dan alleen voorin afjagen: bij langdurig balbezit van Ajax liet de targetman zich als extra middenvelder inzakken.

Groningen - Ajax.Beeld Sceenshot

Door het schuiven met Matusiwa en Strand Larsen verdedigde Groningen met een achterste linie van vijf en een ‘ruit’ op het middenveld (zie de afbeelding hierboven). De thuisploeg had hierdoor twee mannetjes meer in de as van het veld geposteerd.

Op het Groningse dichtbouwen van het middelste gedeelte van het veld had Ajax zondag botweg geen antwoord. Het had de bal, maar kon er simpelweg geen gevaar mee stichten tot aan de slotfase. Als we kijken naar de vier Ajax-spelers die naast het centrale verdedigingsduo de meeste passes verstuurden, zien we deze conclusie in harde cijfers uitgedrukt. ‘Nummer 10’ Promes, midmid Gravenberch en de twee backs kwamen veelvuldig aan de bal, maar met akelig weinig eindresultaat.

Waar er al vele mooie dingen zijn gezegd over de creatieve erfenis die Hakim Ziyech achterlaat, was deze nederlaag juist illustratief voor het gemis van Donny van de Beek. De voorste spelers in de Amsterdamse formatie waren simpelweg niet in staat om zonder bal op gevaarlijke plekken vrij te komen.

Door Van de Beeks onuitputtelijke loopwerk blonk hij geruisloos uit als ‘ster die de bal niet nodig heeft’. Zonder hem bestaat de voorhoede nu uitsluitend uit spelers die de bal continu in de voeten nodig hebben.

Het is dus logisch dat Ajax de portemonnee trekt voor de terugkeer van Davy Klaassen. De voormalig aanvoerder was, evenals zijn opvolger Van de Beek, extreem bedreven als ‘lopende 10’ in Amsterdam. Het is een onaantrekkelijke kwaliteit waar dit Ajax momenteel naar snakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden