PlusAchtergrond

Hoe Daley Blind een steunpilaar van Oranje werd

Daley Blind is sinds deze week ambassadeur van de Hartstichting, een rol die ook feilloos past bij zijn status bij Oranje. Lang was hij vooral de ‘zoon van’, inmiddels is Blind steeds meer een uitgesproken, ­openhartige leider.

Daley Blind (tweede van links) met Devyne Rensch, Donyell Malen en Memphis Depay (vlnr) tijdens het WK-kwalificatieduel tegen Turkije van vorige maand. Beeld Maurice van Steen/ANP
Daley Blind (tweede van links) met Devyne Rensch, Donyell Malen en Memphis Depay (vlnr) tijdens het WK-kwalificatieduel tegen Turkije van vorige maand.Beeld Maurice van Steen/ANP

In het weinig glamoureuze Daugava-stadion van Riga speelt Daley Blind vanavond zijn 85ste interland. Dat is geen wereldschokkend statistiekje, er worden geen records mee gebroken, maar er schuilt wel symboliek in. Allereerst omdat hij het aantal interlands van zijn vader en assistent-bondscoach Danny, die er 42 speelde, nu meer dan heeft ver­dubbeld. Daarnaast stond Blind junior in liefst 84 van die 85 duels in de basis, onder zeven verschillende bondscoaches. Een ongekende serie.

De voormalige ‘zoon van’ mag dan geen uitgesproken blikvanger zijn zoals Virgil van Dijk, Frenkie de Jong of Memphis Depay, Blind groeide onmiskenbaar uit tot een steunpilaar. Steeds meer tot een roerganger ook, niet in de laatste plaats buiten het veld.

Ervaringsdeskundig

Deze week werd hij gepresenteerd als ambassadeur van de Hartstichting. “Ik hoop mensen te kunnen inspireren, door te laten zien dat het mogelijk is om te blijven doen waar je het meest van houdt,” zei Blind, zelf ervaringsdeskundige na zijn hartfalen van eind 2019.

Die verantwoordelijke rol past óók bij Blinds leeftijd (31) en ontwikkeling, waarin hij steeds meer uitgesproken is, steeds meer open ook. In de Cor Potcast van de (oud-)voetballers Maarten de Fockert, Bart Vriends en Thomas Verhaar was Blind onlangs al ongekend openhartig over zijn worstelingen, in een boeiend gesprek zoals je dat niet vaak hoort bij actieve profvoetballers.

Afgelopen weekeinde beet hij nog van zich af richting de media in het algemeen – en NOS-analyticus Pierre van Hooijdonk in het bijzonder. “De ene keer kunnen we er niets meer van, de volgende keer moeten we de Champions Leaguefinale halen,” zei Blind op barse toon.

Naruurlijke rol op de achtergrond

Voordat Louis van Gaal deze zomer werd aan­gesteld in Zeist, sprak hij uitvoerig met vijf sleutelspelers van Oranje, om te polsen wat er leefde. Blind was er een van, als routinier en intelligente denker. Logisch, gezien zijn ervaring en status als lid van de spelersraad. Hij is ook een – zoals de bondscoach dat zelf graag noemt – ­‘typische Van Gaalspeler’.

Zijn spelintelligentie en passtechniek hebben nooit ter discussie gestaan, maar toch was Blind bij Oranje lang niet altijd de inspirator die hij nu is. Op het WK van 2014 was hij nog jong en had hij een natuurlijke rol op de achtergrond. Toen Oranje in de jaren daarna zocht naar een nieuwe ­hiërarchie, had Blind als middentwintiger nog zichtbaar moeite met een job in de frontlinie.

Dat zijn vader destijds een moeilijke tijd doormaakte als bondscoach hielp daarbij ook niet mee, de vaak beroerde prestaties van het Nederlands elftal evenmin. Maar meer dan Blind senior leek de jongste Blind te gedijen in de schaduw. De laatste jaren kantelde dat.

Nu alleen nog een groot internationaal succes om het verhaal compleet te maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden