Plus Achtergrond

Hier beginnen over 279 dagen de Olympische Spelen in Tokio

De Olympische Spelen in Tokio beloven een strak georganiseerde show te worden. Een kijkje in de stad waar het over 279 dagen begint.

Het Olympisch Stadion in Tokio is er klaar voor. Beeld BSR Agency

Als Roelof Bouwmeester zijn oranje Team NL-fiets voor de koffietent in Enoshima parkeert, laat hij zijn sporttas op de bagagedrager. Anderhalf uur later is de tas onaangeroerd. Een zekerheidje in Japan, zegt de coach en broer van zeilkampioene Marit.

Toch was Bouwmeester een tijd geleden zijn fiets kwijt. Hij had hem voor de derde keer net buiten een parkeervak gestald. Handhavers vonden het welletjes en namen hem mee.

Ook dat is Japan. Tot in de puntjes geregeld, maar voor enige buigzaamheid moet je hier niet zijn, hebben de Bouwmeesters na 150 trainingsdagen in het land wel gemerkt. Even later schuift Marit aan, ze heeft gerust in haar appartement met uitzicht op de zee waar ze volgend jaar haar olympische goud wil prolongeren. Zij maakte in 2016 al kennis met Enoshima, het eilandje op een uur treinen van Tokio.

“De sportschool hier bleek alleen toegankelijk voor Japanners. Als ik ernaartoe wilde, moest ik bij de burgemeester om toestemming vragen. En je mocht niet langer dan 40 minuten op één toestel. Waarom? Geen idee. Het lijkt soms of er elke dag een regel bij komt.”

Begrijp ze niet verkeerd. Het feit dat alles perfect georganiseerd is, altijd, heeft grote voordelen. Het is hier veilig, schoon en de Japanners zijn vriendelijk en beleefd. “Ironisch,” zegt ze over de verschillen met Rio. “In Rio zou een nieuwe haven komen. Die is er nooit gekomen. Hier stonden twee maanden na die Spelen al vier hijskranen.”

Nergens chaotisch

Enoshima, een eiland in de Sagami Baai, is door zijn vele tempels en fraaie ligging een toeristische trekpleister. De garnalenspiesjes liggen op de grill en de rij voor rijstcrackers gemaakt van inktvis is lang.

Het contrast met wolkenkrabber­paradijs Tokio is enorm. Hier is het overal druk en toch nergens chaotisch. Zelfs op het drukste kruispunt ter wereld – bij elk groen licht steken 2500 voetgangers over – zijn geen verkeersleiders nodig. De stad draait haast op de automatische piloot, alles gaat vlot en efficiënt.

Bij Starbucks krijg je in de rij al een menukaart om je koffie te kiezen. Wisselgeld komt in winkels afgemeten uit de kassa gerold. Taxi’s lijken soms weliswaar veertig jaar oud, maar de deur zwenkt van binnenuit automatisch open als je hem wenkt en op de iPad op de achterbank kies je je favoriete muziek.

Bij de olympische stadions verwacht je technische hoogstandjes en hypermoderne arena’s. Die komen er ook, maar de organisatie denkt ook aan duurzaamheid en wil een duidelijke link maken met het verleden.

Neem het fraaie Yoyogi Stadion, waar Ada Kok en Erica Terpstra bij de vorige Spelen van Tokio, in 1964, zwemmedailles wonnen, straks het terrein van het handbaltoernooi. De karakteristieke duiktoren is eruit gehaald en het gebouw is aardbevingsbestendig gemaakt, maar het ademt nog altijd historie. Zoals ook het Metropolitan Gymnasium – toen turnen, straks tafeltennis – en het prachtige Nippon Budokan natuurlijk, de judotempel waar wijlen Anton Geesink sporthistorie schreef.

Het Olympisch Stadion van toen staat nog op dezelfde plek in het bruisende hart van de stad, maar was al onherkenbaar toen Ajax er in 1995 de wereldtitel won ten koste van Grêmio. Hier worden de ceremonies en het atletiek gehouden. Meestal zijn de plantenbakken het slotstuk van een olympische verbouwingsoperatie, hier staan ze al met duizenden naast elkaar, op elke verdieping. Aan de turnhal, grotendeels gemaakt van hout, wordt de laatste hand gelegd. Het kolossale zwembad is van binnen nog één grote bouwput, maar niemand maakt zich zorgen over de planning.

Ook zaken als techniek, veiligheid, communicatie en transport zullen geheel naar Aziatisch gebruik geen probleem worden. Het enige punt van zorg is de hitte. Afgelopen zomer werd het 40 graden in Tokio en omgeving. De marathon wordt mogelijk verplaatst naar het net wat koelere Sapporo. Toch zal het uitschuifbare dak van het mooie Ariake Colosseum gewoon geopend zijn voor het tennistoernooi. Er wordt gewerkt aan ‘hitteoplossingen’.

Tienduizenden vrijwilligers

Als de avond is gevallen blijkt in het nabijgelegen park welke sport hier echt groot is. Overal klinkt ‘plok’ en zijn de honken bezet. Voor twee olympische hockeyvelden hoefden de honkballers natuurlijk niet te wijken, ze liggen daardoor wel een paar honderd meter uit elkaar. Maar met tienduizenden aangemelde vrijwilligers wordt het moeilijk om te verdwalen in olympisch Tokio volgend jaar.

Op sommige plekken, zoals het nieuwe turnstadion, hangen borden die melden hoeveel uren er al zonder ongelukken aan is gewerkt. 1.309.925, om precies te zijn. Nog maar 58.075 te gaan. Maar óf ze binnen dat aantal blijven, is natuurlijk geen vraag.De plantenbakken zijn er al

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden