Herinneringen aan Piet Keizer: 'Je verveelde je nooit als hij meedeed'

Oud-Ajacied Piet Keizer is op 73-jarige leeftijd overleden. Hier verzamelen we herinneringen van lezers aan de legendarische linksbuiten. Ook reageren? Mail naar nieuwsdienst@parool.nl.

De linksbuiten van Ajax in 1966. Beeld anp

Dacht 'm een paar jaar geleden te zien staan, bij de Dirk, met een heel brood onder z'n arm. Twijfelde of 't 'm was en daardoor durfde ik hem aan te spreken, wist wel van 's mans nukkigheid tenslotte.

'U lijkt erg op Piet Keizer,' zei ik, waarop hij grijnsde en de fameuze spleet tussen de voortanden het antwoord al gaf. 'Dat hoor ik wel vaker'.

Ik begon te vertellen over m'n tienerobsessie met het gouden Ajax, dat ik ze nooit heb zien spelen - wat de mythe alleen maar vergrootte, natuurlijk - maar alles kocht en las wat ik in handen kon krijgen. Vertelde 'm niet dat ik vooral gefascineerd was door de voetballer en de persoon Keizer zelf, die ik nog interessanter vond dan Cruijff.

'Voor mij was het echt een sprookjesachtige periode', besloot ik. Een korte stilte volgde, waarop Keizer zei: 'Ja, voor mij ook.'

Piet Keizer dus, collega linksbuitenbeentje.. 1943, 73 jaar.
Marcellus (1973, 43 jaar)

Beeld anp

Je verveelde je nooit als Piet meedeed
Ajax-Feyenoord in het Olympisch Stadion. Mijn vader (anti-Keizer) en ik zitten op de "Keizer-cult-tribune".

Piet staat recht voor ons, pal op de linker zijlijn. Sjaak verzendt zijn befaamde pass "over de hele". Zestigduizend man zien de bal aankomen, behalve Piet - hij was totaal ergens anders met zijn gedachten.

Een warm, staand applaus van onze tribune, behalve mijn vader, die zei "daar heb ik nou vijftig gulden voor betaald".

Even later eenzelfde pass van Sjaak, maar (expres?) net iets te hard en te ver. Ons kent ons. Piet was al onderweg: strak op de lijn plukte hij met zijn linker de bal op borsthoogte uit de hemel en schoof met zijn rechter (de bal heeft de grond niet geraakt) de bal naar Siem Tijm, die opeens alleen voor Eddy Pieters Graafland stond.

Iedereen stond als aan de grond genageld. Het stadion was muisstil. De bal rolde tussen Siem, Eddy en voorlangs bij ik dacht Rinus Israel over de achterlijn rechts van het doel. Verbijstering, daarna een oorverdovend appllaus - ook van mijn vader.

Dit soort spul moet je koesteren. Een man van momenten. In Deventer gooide hij de nar (een soort clown in een rood/geel pak met belletjes die voortdurend in de weg stond) van de Eagles over de boarding het publiek in, omdat hij corner moest nemen. De Adelaarshorst stond in brand.

Je verveelde je nooit als Piet meedeed. Ajax had Piet, Feyenoord Coen, DWS Rob en MVV Jo Bonfrere op rechts.

Ik ben het helemaal eens met Johan Cruijff: "Dit zie je niet meer". Piet Keizer heeft het mooiste voetbal gebracht wat ik ooit gezien heb.
Herman Slagt, Deventer

Beeld anp

Iedereen zijn eigen fles op de vloer
Eind jaren zestig logeerde ik in de Royal Lancaster Hotel in Londen. Toen ik 's middags incheckte zag ik allemaal Ajaxspelers in de lobby rondlopen.

Ook zag ik de voorzitter, de oude mijnheer van Praag. Of hij nog kaartjes had, vroeg ik, 's avonds was Arsenal - Ajax immers totaal uitverkocht. Ik kreeg (kocht) twee kaartjes van hem, op de eretribune, met na afloop van de wedstrijd een banket in de clubcatacomben van Old Trafford - een belevenis en lekker gegeten.

In contact gekomen met Piet, Johan en Wim. Laat in de avond nog de stad in geweest. 's Avonds in het hotel hadden Piet en Wim Suurbier nog geen zin om naar bed te gaan, we zijn toen op mijn kamer gaan zwikken tot 4 uur 's morgens.

Iedereen had zijn eigen fles naast zich op de vloer staan. Heel plezierige avond/nacht gehad en altijd vrienden gebleven, hoewel we elkaar vanaf de jaren tachtig nog maar weinig zagen.

We gingen nog wel eens samen biljarten (driebanden). Ik schrok toen ik het las van zijn overlijden. Eerst Johan en nu Piet. Ze paften als schoorstenen toen ik ze ontmoette. Roken is uitgestelde verlengde zelfmoord. Ikzelf heb in dienst gerookt maar vond het niet lekker. Op je 83e komt het hard aan als vooral jongere vrienden en kennissen komen te overlijden. De laatse tijd verdwijnen al mijn helden van het witte doek en de groene grasmat. VAARWEL PIET.

Leo Simons, Baarn

Beeld anp

'Dan is alleen nog niet bekend tegen wie wij spelen'
Ajax had voor het eerst de Europa Cup I - finale gewonnen, toen ik in de nazomer van 1971 Piet Keizer interviewde voor het kerkelijk opinieblad 'Hervormd Nederland' over de groeiende maatschappelijke bewustwording van profvoetballers. Ik was een fervent Keizer-fan en wilde Keizer eens ontmoeten. Hij woonde toen met zijn gezin op het stukje Prinsengracht tussen Amstelveld en Utrechtsestraat en ik niet ver daarvandaan. Dat we in dezelfde buurt woonden, was mede een reden waarom hij het interview toestond, liet hij weten.

Keizer schonk een cola-tic in ("Een vriend heeft een fles snaps uit Oostenrijk meegenomen") terwijl Jenny met de kleine kinderen boodschappen ging doen. "Jenny, als jij terugkomt en ik zit in de box, dan weet je hoe laat het is."

Tijdens het interview meldde het Journaal dat de volgende Europa Cup I - finale in de Kuip zou worden gespeeld. "Dan is alleen nog niet bekend tegen wie wij spelen", was de reactie van Piet Keizer.

Dirk Visser, Amsterdam

Beeld anp

'Als Piet je mocht, kon je niet meer bij hem stuk'
In mijn jeugd heb ik genoten van Cruyff en de onnavolgbare schaarbeweging van Pietje Keizer in De Meer, waar Gerrit, captain van VVGA-veteranentennis mij de steen met inscriptie toonde waar vroeger het oude stadion gestaan had.

Ik ontmoette Piet Keizer bij tennisvereniging AMVJ, als een heel verdienstelijke tennisser. Hij nodigde mij eens uit voor een dubbel, maar ik werd toen ziek tijdens het spelen. Resoluut zei hij: "Jongens we stoppen ermee, want hij voelt zich niet goed." Ik was hem dankbaar voor zijn kordate optreden. Later vroeg hij belangstellend hoe het met me ging.

Piet Keizer wilde ook een veteranengroep op de maandag oprichten, heren dubbel, maar we trainden al dinsdag en donderdag
voor de vrijdagse veteranencompetitie waar ik captain van was.Hij vond dat erg jammer. Piet Keizer at vlees met vet eraan, dan trok hij zijn veter aan en speelde als een veteraan!

Hoewel ik meestal naar DWS en Blauw-Wit ging in het Olympisch Stadion, fietste ik naar Ajax thuis om naar Sjakie Swart, Pietje Keizer en Cruyffie te kijken. Als Piet je mocht, kon je niet meer bij hem stuk.

Hij blijft in mijn herinnering een achtenswaardig man, en ik heb genoten
van zijn capaciteiten en hem als goed mens. Het is beter bemind te hebben en verloren, dan nooit te hebben liefgehad!

Theo Bokeloh

Uit 1971: 'Gevaarlijk moment voor de Oostduitse doelman Croy als Piet Keizer aan de bal is.' Beeld anp

'Hij werd alleen maar stoerder'
De verhuizing in de zomer van 1971, van Heemstede naar Drenthe, was niet mijn idee. Maar elk nadeel hep zijn voordeel. Mijn Ajax had een paar kilometer verderop zijn jaarlijkse trainingskamp.

Met de fiets er naar toe. Je kon gewoon langs het veld staan. Na afloop stak ik mijn meegebrachte Ajaxpetje en een stift vooruit. Cruijff tekende, prompt. Kovacs deed het zonder kijken, Gerrie Mühren gaf er een aai over de bol bij, Sjaak Swart maakte een grapje dat ik niet verstond, Horst Blankenburg zette hem prachtig over de hele klep.

Ah, daar was Keizer. Een trekje om zijn mond verraadde dat hij geen zin had in handtekeningjagende jongetjes. Hij versnelde de pas en liep me straal voorbij. Met bewondering staarde ik hem na. Hij werd er eigenlijk alleen maar stoerder van.

Jan Rot

Cruijff en Keizer op de reservebank, in 1972. Beeld anp

Keizer aan de pomp
Toen ik 16 was, in 1976, had ik een bijbaantje als pompbediende op de Haarlemmerweg, net om de hoek bij de Van Hallstraat. Ik stond daar als niemand anders zin had: 's avonds, op zondag, bij slecht weer.

Op een dag stopte er een Jaguar, een bijzondere auto tussen alle Opel Kadettjes en Volkswagen Kevers. Er uit stapte een man in een regenjas die hij ook wel nodig had: het goot die dag onafgebroken. Hij had de slang al gepakt en was de benzinedop aan het openmaken. Dat was niet de bedoeling, het was geen zelfbediening.

De klant wendde zich tot mij: "Blijf maar binnen staan, jongen, het heeft geen zin als we alllebei nat worden." Het bleek Piet Keizer. Als hij voor je neus stond en zei wat je moest doen, dat deed je dat dus, in het Amsterdam van 1976.

Toen de tank vol zat, begon ik met het maken van de handgeschreven bon, wat niet meeviel op zo'n natte dag. Ik was halverwege toen ik keek waarom Piet niet naar binnen stapte: zijn Jaguar had twee tanks en met een grote grijns begon Piet aan de tweede tank. "Sorry jongen, je moet nog een bon maken".

Hoewel hij kletsnat eindigde en mijn werk deed, kreeg ik een dikke fooi en een grote grijns.

Pierre Brouwer

Heinz Stuy, Johan Cruijff, Willem Suurbier, John Rep en Piet Keizer met de derde Europabeker, in 1973. Beeld anp

De ongevraagde mening
Piet Keizer is overleden. Steeds meer van je vroegere idolen vallen weg als je zelf ouder wordt. Keizer was onnavolgbaar als voetballer, vaak ook als columnist voor het weekblad Aktueel - waar ik Piet eind jaren tachtig, begin jaren negentig meemaakte.

Ik weet nog hoe ik naast hem op de tribune zat bij een wedstrijd van PSV. Met - in mijn ogen - Erwin Koeman als absolute uitblinker.

"Die Koeman is de slechtste van het hele veld," bromde Piet ineens ongevraagd. "Als hij in het begin van een aanval slimmere keuzes maakt, hoeft hij niet steeds het hele veld over te steken."

Keizer was de schakende voetballer, die vele zetten vooruit en terug kon denken. Ik besloot mijn mening over de driftig heen en weer rennende Koeman wijselijk voor me te houden.

Roel Zuidema, Almere

Piet Keizer in actie in de halve finale van de Europacup, in 1969. Beeld anp

We waanden ons Piet Keizer
Toen wij rond 1970 in Amsterdam-West op straat voetbalden, waren de lantaarnpalen de goals. Het was dus een hele toer om van afstand, en om de tegenstanders heen, goed te mikken en te scoren.

Vaak was het bananenschot met de buitenkant voet doeltreffend. Dan waanden we ons Piet Keizer. Ik weet zeker dat buurjongen Frans Belderbos, hij speelde bij DWS, werkelijk Piet Keizer wilde worden. Gefascineerd door diens loepzuivere passes en schoten.

Frans werd uiteindelijk een topbiljarter, een soort Keizer van het groene laken. Hij zal nu (ergens in Florida) net als ik mijmeren over onze jeugd en voetbal op straat, zoals ontelbaar veel Amsterdamse jochies van toen.

Herman Keppy

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.