Plus Interview

Hengsten naar de gele trui voor Dylan Groenewegen

Dylan Groenewegen kan de eerste Nederlander in dertig jaar worden die de gele trui pakt. Hij is de grote favoriet, als hij tot zijn verschroeiende sprint komt.

Podium én jodium: in de ZLM Tour was Groenewegen 20 juni de snelste, ondanks een val op 13 kilometer van de meet. Beeld Cor Vos

Al maanden moet Groenewegen (26) antwoord geven op die ene vraag: komt de gele trui om zijn schouders? Hij blijft er rustig onder en geeft aan nooit last van zenuwen te hebben. Het lijkt of heel Nederland het veel liever wil dan hij zelf.

Ook op de Sierra Nevada, waar de sprinter als voorbereiding een paar weken op hoogte verblijft, gaat het over de eerste sprint van de Tour. De Amsterdammer heeft zich in de sfeerloze eetzaal onderuit laten zakken in een luie stoel, zijn armen over zijn trainingspak van Jumbo-Visma op zijn buik gevouwen. Andere wielrenners zitten een paar meter verder op een verouderde televisie koers te kijken.

Hij is de topfavoriet in Brussel, dit jaar bijna onverslaanbaar in de laatste meters. In de meeste massasprints weet hij honderd meter voor de finish al dat de zege voor hem is. Negen overwinningen staan dit seizoen al achter zijn naam. Wanneer hij het geel pakt, is hij de eerste Nederlander na Erik Breukink in 1989.

In slaap gesukkeld

“Ik hoor bij de beste sprinters ter wereld, met Elia Viviani en Fernando Gaviria,” zegt Groenewegen, vooruitkijkend op de start in Brussel. Door de afwezigheid van Gaviria zijn nog meer ogen op hem gericht. “Ik heb daar geen last van. Hopelijk win ik de eerste etappe, maar als het niet lukt, moet je ook snel verder kijken. In ongeveer zeven etappes liggen kansen voor mij. Ik leef vol toe naar de Tour en laat er veel voor en kijk in Brussel wel wat het mij brengt.”

Groenewegen heeft eerder in deze positie gezeten. Een jaar geleden bij de Tourstart in de Vendée maakte hij ook kans op geel. In een matige sprint kwam hij niet verder dan plaats zes. Zijn benen konden niet wat zijn hoofd van ze vroegen. Hij haalde de schade later in met twee ritoverwinningen.

Dylan Groenewegen (rechts) sprint naar de overwinning in de laatste etappe van de Tour de France van vorig jaar op de Champs-Élysées. Beeld AFP

De voorbereiding werd daarom aangepast. Groenewegen sloeg het Nederlands kampioenschap over en bouwde een extra trainingsblok in. “Waarschijnlijk was ik vorig jaar voor de Tour in slaap gesukkeld. Ik nam te veel rust voor en na het NK en had misschien juist een harde trainingsprikkel nodig. Als je niet superscherp aan de Tour begint, ben je kansloos.”

De dagen van Groenewegen lopen in de Sierra Nevada volgens een vast patroon. Hij staat op, nuttigt een stevig ontbijt, pakt zijn fiets voor een stevige training en eindigt de middag met een late lunch en massage. Samen met kamergenoot Mike Teunissen slingert hij dan zijn Playstation aan om de dode uren naar het avondeten te overbruggen.

Teunissen is een van de drie onmisbare vertrouwelingen van Groenewegen. Zonder hem, de Duitser Tony Martin en de Noor Amund Grøndahl Jansen is hij kansloos. In het laatste deel van een rit wringen en trekken ze zich een weg door het peloton om Groenewegen de ideale uitgangspositie te geven voor de finale.

Treintje van vier

“Sprints zijn het laatste decennium flink veranderd. Destijds had je een trein van acht man voor je rijden, nu doen we het met drie of vier,” zegt de sprinter die bekendstaat om zijn onbevreesde uitspraak ‘podium of jodium’. “Dat zorgt voor veel meer gefriemel, chaos en oorlog op hoge snelheid. Ik vind dit wel mooi. Krijg er een kick van.”

Met zijn vieren trainen ze veel in de Sierra Nevada en ook het wedstrijdprogramma is op elkaar afgestemd. “Dat heb ik voor het seizoen tegen de ploegleiding gezegd. Ik wilde deze drie mannen het hele seizoen bij me hebben. We moesten samen een machine worden en dat doe je door samen finales te rijden.”

Op de hoogtestage maakt Groenewegen veel kilometers, om kracht en uithoudingsvermogen te vergroten. Door het slapen op hoogte, liefst boven de twee kilometer, maakt het lichaam extra rode bloedlichaampjes aan, en dat geeft extra zuurstof aan de longen. Daarom verblijft vrijwel iedere wielrenner voor een belangrijke ronde een paar weken op hoogte.

Voor Groenewegen heeft de Sierra Nevada echter ook nadelen. Hij is gebaat bij vlakke wegen. “Van te veel bergop rijden word ik langzamer. Ik moet blijven volharden in specifieke sprinttrainingen, dat zijn dus vooral korte en explosieve intervallen.” In Brussel weet Groenewegen of alle uren genoeg zijn geweest. In de laatste meters wordt het man tegen man, hard tegen hard, podium of jodium.

Overige Nederlanders

Naast Groenewegen starten nog tien Nederlanders in deze Tour de France. De verwachtingen lopen uiteen. Zo liet de Pietje Bell van het stel, Niki Terpstra, weten voor de bolletjestrui op de eerste dag te gaan en sprak Bauke Mollema uit zich te roeren in de Alpen en Pyreneeën.

Rond Steven Kruijswijk zijn de verwachtingen het grootst. Na zijn vijfde plaats in het eindklassement van vorig jaar wil hij zich verbeteren. Dat betekent dat de klimmer alles in het werk stelt voor een podiumplaats.

Rond Wilco Kelderman en debutant Cees Bol heerst nog onduidelijkheid over hun vorm. Beide wielrenners krijgen de vrijheid om voor een ritoverwinning te gaan. Voor Dylan van Baarle en Wout Poels zal bij Team Ineos weinig vrijheid zijn; de ploeg (de opvolger van het ongenaakbare Sky) wil wederom het hoogst haalbare: geel in Parijs. Het Nederlandse duo zal daarom favorieten Geraint Thomas en Egan Bernal moeten bijstaan.

Buiten hen staan ook de Nederlanders Sebastian Langeveld, Koen de Koert, Mike Teunissen in Brussel aan de start.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden