PlusAchtergrond

Golden Boys bewijst dat een voetbalcarrière niet maakbaar is

Voor Pascal Heije is de cirkel rond. De voormalige jeugdspeler van Ajax kreeg uit handen van Co Adriaanse het eerste exemplaar van het boek Golden Boys overhandigd. ‘Ik ben trots op dit boek, dat een heel sterke wens van mij was.’

Pascal Heije (links) in het shirt van NEC in duel met de Braziliaan Maxwell tijdens de thuis­wedstrijd tegen Ajax in het voorjaar van 2004.Beeld ANP

Het hoogste jeugdelftal van Ajax maakte eind jaren negentig furore op de vaderlandse velden. Nooit eerder werd een A-juniorenteam ongeslagen kampioen. De uitslagen waren soms bizar, concurrenten werden verpulverd: 11-3 tegen Feyenoord, 0-8 uit tegen PSV. Er werd binnen de club veel verwacht van deze talenten, en toch was er maar één die doorbrak in Ajax 1 en die uiteindelijk ook het Nederlands elftal haalde: Andy van der Meijde.

Toenmalig hoofd opleidingen Co Adriaanse (73) somt de namen van de jonge voetballers nog zo op. Kevin Bobson, Darl Douglas, Marc Stuut, Jeroen Verhoeven, Michael van der Kruis, Bobby Gehring, Brutil Hosé. Van der Meijde en Bobson waren de grootste beloften. En natuurlijk Pascal Heije, de sierlijke verdediger, beoogd opvolger van Danny Blind. Heije werd na seizoen 1997-1998 gekozen tot talent van De Toekomst. Een prijs die door Adriaanse in het leven was geroepen.

Voetballen voor het plezier

“Een voetbalcarrière is niet maakbaar,” zegt Adriaanse, die voor de gelegenheid even terug is in de Johan Cruijff Arena. “Er bestaan geen modellen om een talent op te leiden en in Ajax 1 te krijgen. Gelukkig, want anders zou het echt een fabriek worden. Veel jongens zitten aan hun plafond als ze bij het eerste elftal komen, die lopen al op hun tenen. Maar je moet ook geluk hebben dat er een plekje vrij komt, en dat een trainer je durft op te stellen. Wat als het Ajax in 1994 wél was gelukt de jonge spits Ronaldo uit Brazilië te halen? Hoe was het Patrick Kluivert dan vergaan?”

Heije en zijn ploeggenoten waren als jeugdspelers van Ajax helemaal niet bezig met hun carrière. Ze voetbalden en maakten plezier. Aan de keiharde wetten van de Ajaxopleiding raakten ze gewend. Af en toe werden er tranen geplengd als iemand de club moest verlaten, maar de rest ging stoïcijns door. Adriaanse: “Het is moeilijk om tegen kinderen van 10 of 11 jaar te zeggen: je mag niet meer bij Ajax spelen want we hebben iemand gevonden die nog beter is. Ajax is wel een gymnasium voor voetballers. Je gaat niet zomaar over naar het volgende jaar.”

Als Adriaanse of hoofdtrainer Louis van Gaal langs de kant stond bij de A1, liep iedereen een stapje harder. Heije: “Het waren zulke persoonlijkheden, soms voelde je dat ze er waren en dan had je ze nog niet eens gezien.”

De opleiding bij Ajax heeft Heije gevormd. In zowel positieve als negatieve zin. “Je werd gedrild. Presteren, winnen, pijn verbijten – voor jou tien anderen. Je leert veel, maar je leert ook veel niet.”

Iedereen leefde bij de dag. Met het verdienen van een contract was niemand van zijn generatie bezig. “Tot Hans Westerhof op een dag naar mij toekwam en vroeg: ‘Zou je prof willen worden?’ Toen werden mijn ogen ineens geopend.”

Heije tekende met vier andere spelers van zijn lichting een contract voor vijf jaar. Een aantal andere talenten kreeg een contract voor twee seizoenen. “Maar wat Ajax met ons van plan was? Geen idee.”

Het was een chaos bij de club. Directeuren kwamen en gingen, net als trainers. Er werden aan de lopende band spelers gekocht. Hoofdtrainer Jan Wouters communiceerde niet met de jonge spelers.

Onder interim-trainer Westerhof debuteerde Heije in maart 2000 nog wel in Ajax 1. “Daar ben ik hem dankbaar voor. Ik ben slechts twee keer ingevallen, tegen NEC en Sparta, maar ik ben voor eeuwig Ajacied.”

Stagnerende ontwikkeling

Medio 2000 werd Adriaanse aangesteld als hoofdtrainer van Ajax. Hij was het die Heije de slechtste dag uit zijn loopbaan bezorgde. “Meneer Adriaanse is de man die vertelde dat hij geen plek voor mij zag bij Ajax. Ik zou worden verhuurd, dat voelde als een afwijzing. Mijn droom kapot. Het raakte me recht in mijn hart. Omgaan met die pijn, doe dat maar eens als jongen van twintig jaar. De grond onder je voeten zakt weg, je houvast. Je staat er alleen voor.”

Bij laagvlieger RBC stagneerde zijn ontwikkeling. Later bij NEC bloeide de jonge verdediger weer enigszins op onder trainer Johan Neeskens, maar na diens ontslag braken donkere tijden aan. Heije speelde niet meer.

“Mijn carrière liep niet omhoog maar naar beneden. En ik had geen idee wat ik daaraan kon doen. Het was stressvol. Je neemt je zorgen en je chagrijn mee naar huis. Ik moest weg bij NEC toen ik net op het punt stond vader te worden. Ik moest mijn huis verkopen en bleef met een fikse schuld achter. Het stapelde zich op. Ik was ineens geen voetballer meer. Gregory van der Wiel vertelde er laatst zeer openhartig over. Hij kreeg paniekaanvallen. Die had ik niet, maar als ik terugkijk op die tijd was ik depressief. Ik was mezelf niet meer.”

Het duurde lang eer de nu 41-jarige Heije zijn leven weer op orde had, zowel privé als maatschappelijk. Zijn huwelijk strandde en in zijn werkzame leven stootte hij na zijn grillig verlopen voetbalcarrière meermaals zijn hoofd. Zijn ouders waren al die jaren zijn steun en toeverlaat, een noodzakelijk vangnet. “Zij zijn er altijd voor me geweest. Hun liefde heeft me overeind gehouden. In het voetbal is het ieder voor zich.”

Heije heeft inmiddels zijn trainersdiploma TC 3 gehaald. Hij is hoofd opleidingen bij FC Weesp, bestiert daar een voetbalschool en werkt parttime voor het sportkledingmerk Under Armour.

Mooie verhalen

Een aantal jaar geleden nam Heije het initiatief om met zijn voormalige ploeggenoten weer een balletje te gaan trappen. Ze noemden zichzelf Golden Boys. Kleine reünietjes waren het, lekker eten en drinken erbij.

Tijdens een van die bijeenkomsten ontstond het idee om het verhaal van de succesvolste lichting A-junioren van Ajax in boekvorm te vatten. Maarten Bax en René van Dam tekenden hun mooie, grappige, maar soms ook stuitende en schrijnende verhalen op. Heije ontving woensdag in de Johan Cruijff Arena het eerste exemplaar uit handen van Co Adriaanse. “Ik ben trots op dit boek, dat een heel sterke wens van mij was. Mooi dat meneer Adriaanse hier wil zijn. Voor mij is de cirkel rond. Ik kan een periode in mijn leven afsluiten, zo voelt dat wel.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden